ZEER STERKE EROSIE IN MEDITERRANE LANDEN DOOR BOSBRANDEN

In veel gebieden dragen bosbranden bij aan de erosie, die er op zijn beurt weer voor zorgt dat nieuwe begroeing weinig kans krijgt. Het veroorzaken van dergelijke branden (wat veel kleine boeren doen in de - onjuiste - overtuiging dat het land dan meer zal opleveren) wordt daarom vaak met fikse boetes bestraft. Die boetes blijken echter in geen enkele verhouding te staan tot de schade die door bosbranden wordt aangericht. Dat hangt naar alle waarschijnlijkheid samen met het gebrek aan kennis over de invloed van bosbranden op de mate van erosie.

Israelische onderzoekers hebben daarnaar voor het eerst systematisch kwantitatief onderzoek gedaan (Geomorphology, 24). Zij voerden hun onderzoek uit in een recreatiegebied bij de berg Carmel, waar een bosbrand in 1989 een gebied van 4 km in de as heeft gelegd (waarom publicatie van de resultaten zo lang heeft geduurd, wordt niet vermeld).

Het betrokken gebied bestaat uit verschillende soorten kalksteen, en is op veel plaatsen sterk glooiend; ongeveer 40 procent van het gebied heeft een helling van meer dan 30 graden. In zowel het verbrande als het onverbrande deel werden drie gebiedjes (van elk 100-300 m) onderzocht, waarbij werd gekozen voor een verschillende mate van helling voor de drie 'paren'. Na iedere storm en regenbui werden in elk gebiedje de hoeveelheid water die daar doorheen was gelopen, alsook de hoeveelheid uit het gebied meegevoerd materiaal, uit opvangbakken weggehaald en gemeten. Daarnaast werd ook de hoeveelheid gevallen regen via regenmeters vastgesteld.

Uit de meetgegevens van het eerste jaar bleek dat de hoeveelheid aflopend regenwater in de verbrande gebieden zo'n 500 maal groter was dan in de onverbrande gebieden; voor de hoeveelheid afgevoerd (gerodeerd) materiaal was dat zelfs een factor 100.000! De intensiteit van de regen bleek de belangrijkste factor, hoewel juist in kalkgebieden veel water direct in de ondergrond verdwijnt.

Van groot belang blijkt ook het eventuele herstel van de vegetatie: waarin het eerste jaar uit de verbrande onderzoeksgebiedjes zo'n 1200 gram materiaal per vierkante meter werd afgevoerd, was dat in het tweede jaar - dankzij flink herstelde vegetatie tot struikhoogte! - nog maar 10 gram per vierkante meter. Dat lijkt misschien niet veel, maar is nog altijd zo'n duizendmaal meer dan de erosie uit onverbrand gebied. Tegen heftige regenval blijkt overigens ook herstellende vegetatie niet opgewassen.

Het derde onderzoeksjaar was uitzonderlijk nat, wat gepaard ging met een sterke toename van de erosie; het niveau van het eerste jaar na de bosbrand werd daarbij overigens niet meer bereikt.