Robots 2

SPECTACULAIRE robots als Data uit 'Star Trek - the next generation', of Archie uit de jaren-vijftigstrip 'Archie, de man van staal' hebben ondanks hun bovenmenselijke kracht nog altijd de stap van fictie naar werkelijkheid niet kunnen zetten. Maar kleine, onopvallende robotjes zijn er des te meer. Neem nou de Amerikaanse Buick. Daarin zit een handig apparaatje dat de automobilist een hoop zorg uit handen neemt: de 'twilight sentinel', of in goed Nederlands: de schemerschildwacht. Het is nauwelijks meer dan een lichtgevoelig celletje en wat schakelaars, maar geheel op eigen houtje doet het feilloos de koplampen van de auto aan en uit, al naar gelang de omgeving lichter of donkerder wordt. Nooit meer gezeur bij tunnels! Nooit meer op avondlijke verlichte stadsstraten vergeten het licht aan te doen! En vooral: nooit meer 's ochtend een dooie accu, want het ding reageert ook op het contact. En doordat hij op twee dingen let, is hij alweer iets geavanceerder dan de allersimpelste robot die er bestaat: de thermostaat, die alleen op een bepaalde drempeltemperatuur let.

In al hun eenvoud zijn de schildwacht en de thermostaat volwaardige robots: ze hebben een duidelijk omschreven taak, die ze onvermoeibaar en perfect uitvoeren, en ze beslissen zonder menselijke tussenkomst steeds opnieuw wanneer ze in actie moeten komen. De thermostaat is trouwens niet alleen de eenvoudigste robot, maar ook de oudste en zo'n beetje de enige waaraan in principe geen elektronica te pas komt. Want robots zijn in de praktijk typisch kinderen van het computertijdperk.

Ook de pc op uw eigen tafel zit vol met robots, of 'bots' zoals ze in het moderne jargon van de informatica heten. Sommige zijn een soort symbiotische parasieten, de darmflora van de programma's waar u mee werkt. Neem nou die handige functie van elke moderne tekstverwerker, die zorgt dat om de zoveel tijd uw werk volautomatisch wordt opgeslagen. Dat is niets anders dan een tamelijk zelfstandig programmaatje binnen Word, WP of wat ook. Het weet niks van tekstverwerken. Het houdt alleen de klok van de computer in de gaten, en kijkt op gezette tijden of er binnen de wereld van zijn gastheer, uw tekstverwerkerprogramma, nog 'vuile' bestanden zijn (dat zijn openstaande bestanden die verschillen van de laatste op schijf opgeslagen versie ervan), en die opslaat. Dat programmaatje is een rechtstreekse afstammeling van de eerste serieuze software robot, bedacht in 1963 door Fernando Corbato, hoogleraar aan en mede-oprichter van het Laboratorium voor Computerwetenschap van het Massachusetts Institute of Technology (MIT). Corbato had in die tijd al een belangrijk wapenfeit op zijn naam staan. Onder zijn leiding was het eerste time-sharing systeem ontwikkeld, een manier van computerbesturing waardoor meer gebruikers tegelijk vanaf verschillende terminals met dezelfde computer werkten. Die computer was in Corbato's geval een IBM 7094 mainframe, een gigant die vijf schoollokalen vulde, maar toch slechts over een dinosaurusbreintje van 32Kb beschikte - de doorsnee-pc van vandaag beschikt over een duizend maal zo groot werkgeheugen.

Corbato's probleem was, dat het noodzakelijke regelmatig opslaan van in bewerking zijnde bestanden op tape niet alleen een bewerkelijke en vervelende klus was, maar juist dankzij zijn time-sharing systeem ook voor menselijke begrippen onmogelijk omvangrijk en ingewikkeld werd. Corbato bedacht dat je dat beter aan de computer zelf kon overlaten, en schreef de oer-bot. Een programmaatje dat niets anders deed dan dag en nacht het computergeheugen afspeuren naar vuile bestanden, en die opslaan.

Moderne computerprogramma's en besturingssystemen zitten vol met allerlei varianten op Corbato's bot. Meestal zijn het programmaatjes die de klok in de gaten houden, en op gezette tijden een of andere simpele handeling verrichten. Uw screensaver verschijnt steeds vanzelf dankzij een bot (maar hij verdwijnt door uw ingrijpen). De vensters op uw scherm worden dankzij een heel scala van bots die deels onderdeel zijn van het besturingssysteem, deels behoren tot de darmflora van lopende programma's, netjes bijgewerkt, zodat uw scherm leesbaar en op orde blijft. Een bot houdt de accu van uw laptop in de gaten en waarschuwt als de stroom op raakt, en zo voort. Verreweg de meeste van deze bots leiden een bescheiden, onopgemerkt bestaan, diep in de schaduwrijke krochten van de processor, zoals het perfecte dienstbaren betaamt.

Zo lang het om zulke extreem eenvoudige bots gaat, wezentjes met maar ‚‚n overzichtelijke functie, doelgericht gekweekt binnen een onder strenge (commerci‰le) voorwaarden ontwikkeld biotoop van programma's, zijn bots weliswaar uiterst praktische wezentjes, maar weinig spectaculair. Maar dat wordt anders als het om hogere bot-levensvormen gaat, en om wilde bots. Dan ligt Jurassic Park vlak om de hoek.

Wilde bots ontstonden voor het eerst in de wereld van de MUD's, de Multi User Dungeons. Een MUD is een spelprogramma voor een aantal deelnemers. Het is een soort dwaaltocht door gangen en kamers, waar je van alles kunt tegenkomen - monsters, jonkvrouwen in nood, wapens en andere attributen, of andere deelnemers. Daar zie je allemaal niets van, er verschijnt alleen wat tekst op het scherm. Bijvoorbeeld 'U komt in een lange zaal. Links is een deur, rechts staat een flakkerende flambouw. Aan het eind glinstert een schatkist. Jansen en Tilanus zijn ook aanwezig', waarbij Jansen en Tilanus twee andere spelers zijn. Als speler geef je ook je opdrachten in tekst. Bijvoorbeeld: 'Zeg: Dag Jansen, dag Tilanus'. Of: 'Draai links', 'Open deur', om door de deur te vertrekken.

MUD's waren (en zijn) vooral populair bij het wat geacheveerder type computerfanaat, typisch het soort mensen dat bedenkt dat je best een programmaatje zou kunnen schrijven dat voor jou speelt. Een bot. En dan duurt het niet lang voordat een of andere puistenkop een moord-bot of pest-bot schrijft, die alle andere spelers het leven zuur maakt, en uiteindelijk een hele MUD doet instorten. Maar dat gebeurde, onbedoeld, zelfs ook al met de bots die MUD-beheerders zelf schreven om het spel aantrekkelijk te maken.