'In kleine rol moet elke noot raak zijn'; Anne Gjevang zingt in Götterdämmerung

De Noorse sopraan Anne Gjevang heeft in Götterdämmerung van Richard Wagner in het Amsterdamse Muziektheater een kleine maar krachtige rol. Amsterdam houdt van Anne Gjevang, en Anne Gjevang houdt van Amsterdam. “Ik voel me hier thuis”, zegt ze.

AMSTERDAM, 19 SEPT. Fantasie en diepgang zijn bij de Noorse alt Anne Gjevang een onafscheidelijk paar. De dragende rol van Klytaemnestra in Richard Strauss' opera Elektra neemt zij niet minder serieus dan haar bescheiden rol van Waltraute in Wagners Götterdämmerung, die nu te zien is bij De Nederlandse Opera. Klytaemnestra, een kille koningin, een moordenares en verraadster, wekte afschuw maar ook medelijden, omdat het je niet kon ontgaan hoezeer haar schuld haar kwelde. En Waltraute is fragiel en sterk en onvergetelijk, ook al staat zij maar een kwartiertje op het toneel.

“Het moeilijke aan zo'n kleine partij”, zegt Anne Gjevang in het Amsterdamse Muziektheater, “is dat je in korte tijd heel veel moet uitdrukken. Elke noot moet voor honderd procent raak zijn.”

Anne Gjevang spreekt Duits, maar in het Italiaans of in het Engels met haar converseren mag ook. Italiaans leerde ze in Rome, Duits in Wenen en Engels in de rest van de wereld. In Rome en Wenen studeerde ze: met een beurs want haar ouders waren niet rijk. In Rome moest de negentienjarige Anne op kunstzinnig gebied nog flink wat inhalen en haar belangrijkste lerares was een oude dame

“Een piepklein witharig wijfje, maar met een hart dat de hele wereld wilde omsluiten. Door haar heb ik begrepen: we kunnen ons niet als zanger ontwikkelen en tegelijk als mens blijven stilstaan. Ik heb een brede belangstelling: niet alleen voor opera maar ook voor literatuur, toneel en vooral voor kamermuziek. Kamermuziek is de basis van mijn bestaan. Kamermuziek leert je tot in de fijnste nuances naar elkaar te luisteren. Opera is een uitvergroting van kamermuziek: zijn wij zangers níet met elkaar in gesprek, dan krijg je niks dan chaos.”

Het gaat er volgens Gjevang niet zozeer om hoeveel tijd een cast heeft om tot een ensemble uit te groeien; het gaat in de eerste plaats om de mentaliteit. “De clou is om een beetje je best voor anderen te doen. Dan krijg je veel terug en wordt zowel het leven als de muziek interessanter.” Bij De Nederlandse Opera is die mentaliteit wel in orde, vindt ze. Klytaemnestra zong ze hier twee jaar geleden. Aan het eveneens bij DNO uitgebrachte vierluik Der Ring des Nibelungen doet ze mee sinds Das Rheingold, waarin ze, net als in Siegfried, de Noordse oermoeder Erda zong. En deze weken, in het slotdeel van de door Hartmut Haenchen gedirigeerde en door Pierre Audi geregisseerde mega-cyclus, is ze dus Waltraute. “Ik voel me hier thuis”, zegt Gjevang.

Anne Gjevang is 49, ze heeft blauwe ogen en lange, blonde manen. Hoe anders dan Waltraute. Die is donkerharig, kortgeknipt en jongensachtig gekleed. Jongensachtig maar niet alledaags: Waltraute is tenslotte een godendochter en bij haar opkomst in Götterdämmerung heeft ze een lange vliegreis achter de rug. Haar stalen vleugels klapwieken nog wat na als ze voet vat op de rots van haar zus Brünnhilde. “Brünnhilde”, legt Gjevang uit, “heeft zich tegen Wotan en de complete godenwereld afgezet en is voor straf mens geworden. Ze moet het leven leiden van een verliefde vrouw. Waltraute snapt daar niets van, zij kent dat leven niet. En toch brengt ze de moed op om vanuit het vertrouwde Walhalla naar Brünnhilde toe te komen. Waltraute heeft een missie. Ze heeft gezien hoe Wotan zwijgend ten onder gaat en nu smeekt zij Brünnhilde de Ring, dat symbool van de corrumperende macht, aan de Rijndochters terug te geven. Dat is de enige manier om de wereld te redden. Maar voor Brünnhilde is de Ring een liefdespand en zij piekert er niet over hem weg te geven.”

Anne Gjevang zucht bedroefd en zegt dan op vrolijker toon: “Het is een geweldige dramaturgische ingreep van Wagner dat hij Wotan, zo'n gecompliceerde figuur, in drie opera's laat optreden - en in de vierde laat hij hem weg! Bij de finale van die kolossale Ring is de hoofdpersoon afwezig! En zonder Waltraute zouden we niks over hem weten. Het portret dat Waltraute van haar vader schildert is dat van een gebroken man. Wotan wil de wereld veranderen en veroveren maar hij wil te veel. Want hij heeft ook nog een hart dat om liefde roept. Waar hij niet naar luistert omdat hij god is en man. Een man die alle mogelijkheden had en alles verspeeld heeft. Wotan wil groter zijn dan de natuur, zoals de man in het algemeen de natuur wil beheersen, en Wagner waarschuwt voor die grootheidswaan.”

Er is, constateert Gjevang, een scherpe taakverdeling tussen de mannen en de vrouwen in Wagners Ring. De vrouwen, althans de meeste, hebben een hoedende of waarschuwende functie terwijl de mannen rücksichtslos roven, moorden en fantaseren.

Behalve Brünnhilde, een sopraanpartij, heeft Gjevang al zo'n beetje alle vrouwenrollen uit de Ring gezongen. De Rijndochters en de Nornen, Fricka, Erda en Waltraute: Anne Gjevang gaf hen een stem. Erda zong ze zeven jaar lang in Bayreuth. Waarna ze haar een hele poos in de koelkast zette. “Gelukkig slaagde ik er hier in Amsterdam in mezelf niet te herhalen. Je moet je rol steeds in twijfel trekken, de dingen steeds nieuw zien. Elke dag! De mooiste voorstellingen waren voor mij de keren dat ik ter plekke nieuwe kleuren ontdekte. Niet voorgeprogrammeerd maar spontaan, alsof ik de partituur zelf aan het maken was.”

Als Noorse wordt ze meestal gecast voor het Germaanse repertoire, maar het liefst zingt ze van alles: Duits en Italiaans, oud en nieuw en een boel daartussen. Een van de oudste opera's waaraan Gjevang zich waagde (en waarin zij de titelrol zong) was Monteverdi's Orfeo uit het jaar 1609. En een van de nieuwste was Elektra uit 1909. Regisseur Willy Decker zette haar in een koud, grijs decor, onmenselijk groot en toch te klein voor Klytaemnestra's razernij. “Een afschuwelijk mens, Klytaemnestra, maar toen ik in Mykene bij die ruïnes stond dacht ik ineens: 'Daar heeft mijn man onze dochter geofferd zonder mij er iets over te vertellen; hij is de oorlog in getrokken, tien jaar lang, heeft me niet opgebeld en ook geen brief geschreven, is domweg weggebleven, en samen met die stomme Achilles heeft hij daar in Troje vrouwen lopen verkrachten... En plotseling staat hij dan weer voor je neus, zonder tekst of uitleg.' Ik begrijp dus heel goed dat ze samen met haar minnaar die hinderlijke echtgenoot van haar vermoordt. Soms schrik ik van mijn eigen begrip. Met iedereen kan ik me identificeren: alsof er geen eind komt aan de afgrond in mezelf.”

Götterdämmerung is nog op 20, 23, 27 en 30 september te zien in Het Muziektheater in Amsterdam.