EEN CONDOOM IS GEWOON

'EIGENLIJK MOET het vanzelfsprekend zijn dat op iedere middelbare school condoomautomaten op de jongens en meisjes-wc's hangen', vindt Maria Jansen, hoofd preventiebeleid van GGD Zuidelijk Zuid-Limburg in Maastricht. Maar blijkbaar denken de scholen en de ouders daar anders over, want ondanks de inspanningen van de Maastrichtse GGD hangt er in deze regio nog op geen enkele school zo'n automaat.

Ongeveer twee jaar geleden stuurde de GGD een brief naar alle middelbare scholen met het verzoek condoomautomaten op te hangen. Geen van de scholen reageerden meteen positief. De vraag werd doorgeschoven naar het zogenoemde rectoren-convent, een vast overleg van rectoren van de tien grote scholengemeenschappen in de regio. Ze wilden een nieuwe brief van de GGD. De GGD voldeed aan dit verzoek en legde opnieuw het belang van condoomautomaten uit. "Ik had de indruk", zegt Jansen, "dat ze het allemaal tegelijk wilden doen, of niet, zodat de goede naam van de scholen niet zou worden aangetast en ze geen problemen met ouders zouden krijgen."

Anderhalf jaar geleden werd de brief door Jansen verstuurd, een antwoord kreeg ze tot op heden niet. De GGD liet het er echter niet bij zitten. Vlak voor de laatste zomervakantie stuurde ze opnieuw een brief, nu weer naar de afzonderlijke scholen. Weer bleef een reactie uit. "Condoomautomaten liggen gevoelig binnen het onderwijs", moet Jansen constateren. "Directies vinden dat ze hiermee te veel de opvoedingstaken van de ouders overnemen, en ook de weerstand in de ouderraden blijkt groot te zijn. De meeste ouders denken dat hun kinderen nog niet aan het gebruik van condooms toe zijn."

De huiverige reactie wordt volgens Jansen mede veroorzaakt door de veronderstelling dat je met het ophangen van condoomautomaten het seksuele verkeer onder scholieren zou aanmoedigen. "Dat is niet zo", zegt ze stellig. "Vergelijk het met het testen van XTC-pillen of het verstrekken van schone spuiten aan verslaafden. Uit onderzoek blijkt dat het gebruik niet toeneemt, maar dat mensen zich juist bewust worden van de risico's. Dat geldt ook voor condooms. Door deze automaten op te hangen wijs je jongeren op de gevaren van onveilig vrijen."

De actie van de GGD om condoomautomaten te hangen op plekken waar veel jongeren komen staat niet op zichzelf. Het is de praktische consequentie van een grote landelijke voorlichtingscompagne waarin jongeren onder de slogan 'Ik vrij veilig of ik vrij niet' opgeroepen worden om altijd condooms te gebruiken. Deze door de stichting Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (SOA) gevoerde campagne wordt door de GGD op regionaal niveau ondersteund op scholen en buurthuizen. Er zijn uitgebreide lespakketten beschikbaar waarmee op veel scholen, ook in de Maastrichtse regio, wordt gewerkt. Jansen: "Van de tien grote scholengemeenschappen in deze streek doet ‚‚n school niet mee, op vijf scholen verzorgt de GGD de lessen, op twee scholen doen getrainde docenten het zelf uitstekend en op nog eens twee scholen doen ze er een beetje aan." Geen slecht resultaat vindt Jansen. "Maar wij trekken er hard aan. Elk jaar weer." In de lessen leren leerlingen op een vrolijke manier de techniek van condoomgebruik, maar er wordt ook stilgestaan bij de 'relationele kant', wat betekent vaste verkering, wanneer ga je met iemand naar bed en hoe onderhandel je over veilig vrijen.

De grootste risico's van onveilig vrijen liggen bij jongeren niet zozeer in een ongewenste zwangerschap of het besmet raken met het HIV-virus, legt Jansen uit, maar vooral in de andere geslachtsziekten. Chlamydia, een zeer actieve bacterie, staat daarbij onbetwist op nummer ‚‚n. "Ieder jaar komen er landelijk zo'n 60.000 nieuwe Chlamydia-besmettingen bij, vooral onder jongeren. Het vervelende is dat deze aandoening weinig klachten geeft, maar bij vrouwen later wel tot onvruchtbaarheid kan leiden en dus een re‰el gezondheidsrisico vormt."

Rector John Vandeberg van de RK scholengemeenschap Sophianum in Gulpen, was naar eigen zeggen 'aangenaam verrast' toen twee jaar geleden de eindexamenleerlingen de school bij wijze van ludiek afscheidsgeschenk een condoomautomaat cadeau deden ."Dat bespaarde ons jarenlange discussies over de vraag 'mot 't wel of mot 't niet' en ik heb tegen de eindexamenkandidaten gezegd dat ik het een hartstikke goed idee vond." Zijn school ligt net buiten de GGD-regio Zuidelijk Zuid-Limburg, maar hij is als toehoorder wel altijd aanwezig op het naburige rectoren-convent. "Ik vind het eigenaardig dat ze geen condoomautomaten in hun school willen hebben. We doen aan allerlei preventieprojecten, we leggen de leerlingen uit wat de risico's zijn van onveilig vrijen en zeggen: wees nou verstandig en gebruik zo'n ding. De consequentie daarvan is toch dat je zo'n apparaat ophangt?"

Nadat het geschenk twee maanden in de meisjes-wc had gehangen en er geen rare capriolen mee werden uitgehaald, - 'daar zijn die dingen ook gewoon te duur voor', aldus Vandeberg - besloot de directie van Sophianum er ook een in de jongens-wc te hangen en de andere locatie van de school eveneens te voorzien van automaten. De regionale pers besteedde er nogal wat aandacht aan, "want", zegt Vandeberg, "het schijnt nogal uniek te zijn. En denk je dat er ouders kwamen met kritische vragen? Geen ‚‚n!" Zelf had de rector er nooit aan gedacht om een condoomautomaat op te hangen en er werd ook nooit om gevraagd. Toch vindt hij het bij nader inzien een heel vanzelfsprekende zaak. "Die kinderen zijn in de experimenteerfase en je denkt toch niet dat ze in zo'n klein dorp bij de kruidenier of de apotheek condooms gaan kopen? Niet dat die automaten hier op grote schaal gebruikt worden, hoor, we moeten er zelfs op letten dat de houdbaarheidsdatum niet verstrijkt."

Maria Jansen van de GGD denkt dat veel volwassenen, en vooral ouders, zich niet realiseren dat jongeren in de middelbare-schoolleeftijd al behoorlijk actief zijn op seksueel gebied. Ze haalt het onderzoek Jeugd en seks erbij, een scholierenonderzoek uit 1995 onder zevenduizend leerlingen tussen de twaalf en achttien. Daaruit blijkt dat vijftig procent van de scholieren v¢¢r hun achttiende verjaardag geslachtsgemeenschap heeft gehad. Op zestienjarige leeftijd heeft 35 procent van de jongens Šn meisjes 'het' al een keer gedaan. Hoe lager de opleiding hoe groter de seksuele ervaring. Havo/VWO-meisjes zijn seksueel gezien het schuchterst.

Wat eveneens uit dit onderzoek blijkt is dat het aantal 'vaste verkeringen' onder jongeren elkaar snel opvolgt, dus dat de kans op besmetting bij onveilig vrijen groot is. "Jongeren hebben het al snel over vaste verkering", zegt Jansen, "maar na drie maanden hebben ze een ander." Ze vindt het in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van de ouders om met hun kinderen over seks en veilig vrijen te praten, "maar in veel gezinnen gebeurt dat beslist niet en dan heeft de school een aanvullende taak en moet ze voorzien in die behoefte". Veel ouders weten volgens Jansen niet wanneer hun kind voor het eerst met iemand naar bed gaat. Vooral van de zoons weten ouders weinig. "Ze zijn bang voor ongewenste zwangerschappen en aids, maar ze zijn zich vaak niet bewust wat de risico's zijn van een aandoening als Chlamydia, als ze al van het bestaan op de hoogte zijn."

Jansen is ervan overtuigd dat condoomautomaten een goede uitstraling hebben op scholen. "Je draagt daarmee de norm uit dat het gewoon is - 'zorg dat je zo'n ding bij je hebt' - en het ondersteunt de jongeren in hun gedrag."