Bangladesh: het water zakt, maar de nood stijgt

Miljoenen in Bangladesh zijn voor voedsel en drinkwater aangewezen op hulpverleners. Velen hebben al maanden geen contact gehad met de buitenwereld.

DHAKA, 19 SEPT. Schelle kreten galmen over het water. Waar drie maanden geleden nog rijstplantjes groeiden, peddelen tientallen families in houten roeibootjes langs boomtoppen en daken, op zoek naar eten, drinkwater of contact met andere afgesneden nederzettingen. Vanaf het platte dak van een ondergelopen huisje loodst een jonge moeder een bootje met twee hulpverleners naar de hoogste treden van haar trap, die dienst doen als aanlegsteiger.

Twintig mensen, vier koeien en een hond wonen al drie maanden op het dak, vijf meter lang en vijf meter breed. “Overdag proberen we eten en drinkwater te halen in een bootje”, zegt Vanu, een moeder van zes kinderen. Ze wijst naar de skyline van Dhaka in de verte. “We moeten steeds verder weg”, zegt ze. Haar kinderen lijden aan chronische buikpijn door het eten van bedorven voedsel en aan ernstige huidaandoeningen doordat zij al maanden in het vuile water leven.

Nu het water langzaam zakt, begint voor miljoenen families op het platteland van Bangladesh de strijd tegen de honger en de epidemieën. Velen hebben sinds het begin van de overstromingen, in juli, geen thaka meer verdiend. Voedsel en drinkwater zijn schaars en duur. “De prijs voor rijst is de laatste week verdubbeld”, zegt Vanu. “Wij hebben geen spaargeld, geen werk en geen inkomsten”, voegt ze er bijna opgewekt aan toe.

Voor de allerarmsten in Bangladesh stond overleving al voor de overstromingen centraal; toch vrezen hulpverleners dat het leven van miljoenen de komende maanden wordt bedreigd door honger of ziektes als diarree, dysenterie, malaria, dengue of cholera. “De ramp begint nu pas, nu het water zichterugtrekt”, zegt een reddingswerker uit Dhaka. “Rioolwater, rivierwater en afval hebben zich maandenlang vermengd.”

De dikke, stinkende modderlaag waarin duizenden ontheemden bovenop elkaar leven, is een ideale broedplaats voor bacillen. Tenminste 20 miljoen mensen krijgen de komende weken te maken met deze nieuwe aanval. Dagelijks lopen enkele tienduizenden mensen diarree op, die zonder snelle behandeling voor velen kan leiden tot fatale uitdroging.

In een gehucht van twaalf huizen op een ondergelopen terp bij de rivier de Sitalakhija waden zo'n honderd bewoners naar het roeibootje dat vanuit Dhaka een grote pan met afgekoelde rijst komt brengen. Kinderen ravotten tussen de huizen in een ondergelopen steeg, die is bezaaid met wrakhout, potten, pannen en ander huisraad. Een magere koe wordt door zijn eigenaar in het water gekoeld tegen de hete zon. Drie mensen zijn de afgelopen dagen gestorven, van wie twee aan diarree. Een derde slachtoffer, een klein jongetje, is vermoedelijk verdronken.

De dood kan elke familie bezoeken, zegt rijstboer Hassan. Zijn oogst is verloren. “En het water staat te hoog om nieuwe rijst te planten. Zonder leningen hebben we het komende jaar geen inkomsten.” Zijn twee zoontjes hebben al weken last van hevige buikpijnen, zegt hij. “We moeten uren varen om drinkwater te kopen. Heel veel mensen zijn te zwak om nog het water op te gaan.” In de verte drijft een bootje met een jong echtpaar en vijf kinderen tussen de elektriciteitspalen. Een koe probeert haar evenwicht te bewaren als de vader het zwaarbeladen vaartuigje langs een groepje bomen probeert te duwen.

Ook in het chaotische Dhaka ploeteren de miljoenen voort. Op een drukke, half verdwenen weg langs de diplomatieke enclave Gulshan leven tienduizenden mensen in kilometerslange rijen onder plastic afdakjes en in het zwarte, vervuilde water. De meesten zijn van het platteland naar de hoofdstad gevlucht toen de rivierdelta langzaam volliep en wachten tot de omsingeling van Dhaka ten einde loopt. Op drooggevallen uitvalswegen zijn de eerste families alweer op weg naar huis, met karren of lopend, bang dat hun dorp er niet meer zal zijn.

Om de paar honderd meter staan lange rijen kinderen met metalen kommetjes bij gaarkeukens waar politieke partijen of hulporganisaties plastic zakken met eten uitdelen. Sommige kleintjes springen vrolijk in het rond als een wolkbreuk de straat nog verder onder water zet. Door de ondergelopen zijstraatjes ploeteren en waden ontelbare fietsriksja's en seizoensveermannen, de enigen voor wie de grootste ramp uit de geschiedenis van het land een gouden tijd is. Ze verdienen twee of drie keer zo veel als normaal.

De regering van premier Hasina kondigde gisteren aan dat een massaal programma voor de volksgezondheid wordt opgezet om levens te redden en om de lokale economieën weer op poten te zetten. Zo'n 4.000 mobiele verpleegteams gaan met medicijnen, waterzuiveringstabletten en voedsel het land in om eerste hulp te verlenen nu sommige wegen zijn drooggevallen.

“Het wordt heel moeilijk om de uithoeken van het land te bereiken”, zegt een Westerse hulpverlener. Van de meeste onverharde wegen is vermoedelijk weinig meer over door de maandenlange watererosie, vreest ook de regering. Enkele duizenden bruggen, van levensbelang voor de periferie, zijn beschadigd of verdwenen. “Ontelbare dorpen en nederzettingen hebben al sinds het begin van de overstromingen geen contact gehad met de buitenwereld”, zegt een woordvoerder. “We weten niet wat we zullen aantreffen op het platteland.”

Na de onmiddellijke humanitaire hulp heeft Bangladesh volgens economen miljarden dollars nodig om de infrastructuur weer enigszins op te bouwen.

Voor een deltaplanachtige aanpak, om te voorkomen dat de watersnoodramp zich in deze omvang kan herhalen, is nog veel meer geld nodig.

“Het is de vraag of je dit land ooit kunt beschermen tegen het water”, zegt een Westerse diplomaat in Dhaka. “Weinig landen beschikken over het geld dat nodig is om Bangladesh te beschermen tegen de rivieren. Het water dat in de moesson uit de Himalaya komt, zal ook volgend jaar komen. Bangladesh is een van de armste landen ter wereld, dus vanuit Dhaka zal de bescherming van de bevolking niet komen.”