Rivalen Noord-Irak eens over verkiezing

ANKARA, 18 SEPT. Na vier jaar van gevechten tussen de rivaliserende partijen in Noord-Irak zijn de Koerdische Democratische Partij (KDP) van Mesut Barzani en de Patriottische Unie van Koerdistan (PUK) van Celal Talabani gisteren onder auspiciën van de Verenigde Staten overeengekomen om midden volgend jaar verkiezingen te houden voor een regionale assemblee. In die tussenliggende tijd delen de beide partijen de macht in de Koerdische enclave, die nu is opgedeeld in een door de KDP gecontroleerd noorden en een door de PUK gecontroleerd zuiden.

De overeenkomst kwam in Washington tot stand, waar de Iraaks-Koerdische leiders gisteren voor het eerst sinds jaren weer met elkaar spraken, en in aanwezigheid van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Madeleine Albright. De VS hebben hiermee het initiatief voor een hernieuwde vrede in Noord-Irak vrijwel volledig naar zich toegetrokken. In de afgelopen jaren waren ook Turkije en Groot-Brittannië nauw bij het overleg betrokken, dat ook wel het Ankara-proces werd genoemd, omdat de ontmoetingen veelal in de Turkse hoofdstad plaatsvonden.

Turkije plaatste eerder deze week kritische kanttekeningen bij de mogelijkheid van een nieuwe regionale regering in Noord-Irak, die 'slechts een tijdelijk karakter mag hebben', aldus Ankara, en die de 'Iraakse soevereiniteit niet mag ondermijnen'. Turkije vreest dat de eigen Turks-Koerdische minderheid een grotere zelfstandigheid van de Iraakse Koerden als voorbeeld zal gebruiken voor het afdwingen van politieke en culturele vrijheden.

Enige scepsis over de vraag of de overeenkomst tussen Talabani en Barzani standhoudt - na decennia van rivaliteit, jaren van gevechten en 3.000 doden -, wordt ingegeven door de terughoudendheid in Washington over de tekst van het verdrag: dit zou slechts vluchtige details bevatten over onder meer de manier waarop de komende maanden de macht wordt gedeeld en het heikele punt van de douanegelden. De belasting op Iraakse diesel die door Turkse trucks vanuit Noord-Irak naar Turkije worden getransporteerd - een ondermijning van het internationale embargo tegen Irak -, is vrijwel de enige bron van inkomsten in de Koerdische enlave. Die gelden verdwijnen nu volledig in de kas van de KDP. Wel zou de tekst expliciet vermelden dat de Koerdische Arbeiders Partij (PKK) niet langer bases mag hebben in Noord-Irak. De PKK is sinds 1984 in een guerilla-oorlog verwikkeld met het Turkse leger in Zuidoost-Turkije. Door het machtsvacuum in Noord-Irak is de PKK in staat om een steeds grotere rol in de regio te spelen.

De algemene indruk is dat de VS, die al maanden bezig zijn met het verzoenen van de Iraaks-Koerdische leiders, stabiliteit in de in 1991 ingestelde Koerdische enclave tevens als een voorwaarde zien om de oppositie tegen het bewind in Bagdad weer nieuw leven in te blazen.