Kuitert 2

Bedenkelijk vind ik Kuiterts uitspraak: 'En het blijft een ontzettend brutale greep van de apostel Paulus om te zeggen: de God van de joden is er ook voor de niet-joden.'. Hij gelooft dus een goed-gearticuleerd verhaal over het dakterrassenvisioen van Petrus te Joppe niet, dat hém duidelijk maakte dat de God van de joden er ook voor de niet-joden was.

Dit geldt ook voor: Paulus werd op de weg naar Damascus (door een zich aan hem opdringen van) Jezus 'in zijn kraag gegrepen'. Er is echter sprake van regelmatige verschijningen bij Paulus en van een menigte van verschijningen aan anderen, vermeld door Paulus.

Dat er bij Kuitert niets anders dan een illusie overblijft, blijkt uit zijn uitspraak: 'De verhalen over de opstanding zijn eerder illustraties van de betekenis van Jezus dan de basis van die betekenis. De dood is niet het laatste woord. Dat is de betekenis van hun uitspraak “Jezus leeft”.' Maar waarop is de betekenis: de dood heeft niet het laatste woord dan gebaseerd?