Bedrijf bereidt zich voor op juridische strijd met Brussel; P&O Nedlloyd toont zich niet verrast

Zestien containerrederijen, waaronder P&O Nedlloyd, gaan bij de rechter verhaal halen over de boete die hun door de Europese Commissie is opgelegd wegens het maken van prijsafspraken. De reders zijn optimistisch gestemd.

ROTTERDAM, 17 SEPT. Het betreft de hoogste boete (ruim 603 miljoen gulden) die de Europese Commissie ooit heeft uitgedeeld, maar echt geschokt tonen de 16 containerrederijen die zich hebben verenigd in het Trans-Atlantic Conference Agreeement (TACA) zich allerminst. Zelfs containerrederij P&O Nedlloyd, waarvan de zeepoot transportconcern Nedlloyd in het tweede kwartaal van dit jaar diep in de rode cijfers heeft gedrukt, reageert laconiek op de boete van 91 miljoen gulden (waarvan Nedlloyd de helft moet betalen) die P&O Nedlloyd als lid van de TACA is opgelegd wegens kartelvoring en het maken van prijsafspraken op de Noord-Atlantische route tussen Europa en Noord-Amerika.

“We zullen eens zien wat de rechter hier van vindt”, verklaarde Nedlloyd-topman Leo Berndsen in een eerste reactie voor het Radio 1-journaal. Wel voegde hij er vilein aan toe: “Ik constateer alleen maar dat mijnheer Van Miert de afgelopen jaren erg weinig gedaan heeft voor de zeescheepvaart in Europa.”

Berndsen anticipeerde daarmee op het grote ongenoegen onder de zeerederijen die containers vervoeren. Door de prijserosie (zeker op de route Europa-Verre Oosten) die alleen vorig jaar al negen procent lagere tarieven voor het containervervoer opleverde, kunnen zij nauwelijks het hoofd boven water houden. Om daar tegenwicht aan te bieden zoeken de meeste rederijen naar schaalvergroting en hebben zij zich aangesloten bij zogeheten alliances of zijn zij andere samenwerkingsverbanden aangegaan. Zoals het Deense Maersk en SeaLand (VS), de twee kapitaalkrachtigste containerrederijen die tevens de hoogste boetes (bijna 60 miljoen gulden) van Brussel hebben gekregen.

P&O Nedlloyd behoort tot de zogeheten Grand Alliance, een ander samenwerkingsverband van containerrederijen. Het samenwerken van een aantal rederijen levert de betrokken deelnemers grote kostenbesparingen op, die op zich weer gunstig werken op de tarieven voor de klanten. Van Miert juicht dat van harte toe. Wat hem echter wel een doorn in het oog is zijn de zogeheten conferences, waarbij rederijen onderling horizontale prijsafspraken maken zoals bij TACA is gebeurd. “De Commissie is wat dat betreft weinig gevoelig voor het argument dat het hier toevallig een bedrijfstak betreft die dergelijke boetes nauwelijks kan lijden”, zegt een jurist.

“Van Miert heeft gezien de hoogte van het bedrag duidelijk een punt willen maken van deze wijze van kartelvorming”, zegt een juriste van Trenité van Doorne uit Brussel. Zij tekent hier echter wel bij aan dat een juridisch gevecht tussen de partijen jaren kan gaan duren. “Eerst kunnen de reders naar het Gerecht van eerste aanleg stappen. Dan volgt een schriftelijke ronde en daarna een mondelinge behandeling, waarna de rechter zich gaat beraden. Al met al kan zo'n procedure al snel een paar jaar duren. Worden de sancties dan nog gehandhaafd dan volgt er nog de mogelijkheid voor de rederijen naar het Hof van Justitie in Luxemburg te stappen en in hoger beroep te gaan. Ook dat kan wel weer enkele jaren duren.”

“Het zijn vreselijk lange procedures, maar mijn ervaring is toch wel dat de boetes in 40 tot 45 procent van alle gevallen, en die zijn legio - in de chemie, in de cement - en in de auto-industrie - worden betaald. Al worden de boetes in een aantal gevallen wel verminderd.”

Maar het feit dat Van Miert al bijna zes jaar met de rederijen in de clinch ligt over het maken van prijsafspraken sterkt de betrokken rederijen in hun overtuiging dat het ook dit keer wel weer niet zo'n vaart zal lopen. Vanuit New York laat de voorzitter van TACA, Olav Rakkenes weten: “We hebben het recht ons te verweren en zullen daar zeker gebruik van maken door deze zaak voor het gerecht te brengen.”

Verrast over de sancties tonen de rederijen zich allerminst. “We wisten maanden geleden al dat dit er aan zat te komen”, zegt een medewerker van Nedlloyd die belast is met overheidsbetrekkingen. “We zijn wel veertien keer in Brussel geweest om alles uit te leggen.” Advokaten die de zaak voor Nedlloyd behandelen beweren dat Brussel 'juridisch geen poot heeft om op te staan'. Die mening is ook de grootste en sterkste containerederij ter wereld, het Deense Maersk, toegedaan. Een medewerker laat weten dat ook dit bedrijf naar de rechter stapt.

Hoewel de gestrafte rederijen hangende de op handen zijnde rechtszaken niet meteen hoeven betalen moeten zij wel een bankgarantie afgeven. De bank rekent daarover een bedrag aan rente maar een woordvoerder van Nedlloyd benadrukt dat de boete zeker niet van invloed zal zijn op het resultaat van het lopende boekjaar. Het aandeel Nedloyd daalde vanochtend overigens met acht procent op de Amsterdamse beurs.