Bayrou is laatste kans voor pro-Europese UDF

Zo comfortabel als François Bayrou gisteren werd gekozen tot voorzitter van het UDF, zo dramatisch staat deze combinatie van partijen ervoor.

PARIJS, 17 SEPT. Met de keuze van François Bayrou als voorzitter heeft de Franse centrum-rechtse partij-combinatie UDF in ieder geval een man gekozen die weet wat hij wil: in 2002 president van de republiek worden, desnoods in 2009, en bij voorkeur op een sociaal-liberale en pro-Europese koers, zonder marchanderen met extreem-rechts.

Dat klinkt vanzelfsprekender dan het is. Europa is steeds meer een realiteit maar geen politiek verkoopargument in Frankrijk. Bovendien liggen de rechtse partijen overhoop met zichzelf en elkaar sinds de verkiezingsnederlaag van de rechtse coalitie in mei 1997. Dat is alleen maar acuter geworden nadat dit voorjaar de extreem-rechtse partij van Jean-Marie Le Pen bij regionale verkiezingen vier bestuurscoalities wist te sluiten met klassiek rechts. De politieke families die tot ruim een jaar geleden dachten mét president Chirac nog jaren dit land te besturen, worden nu verscheurd tussen het verlangen naar een snelle terugkeer aan de macht en de afkeer van het Front National met zijn buitenlanderhaat en vulgair-simplisme. Le Pens 15 procent van de stemmen is en blijft een niet te versmaden lekkernij.

Gisteren konden de ruim 75.000 leden van de bij de UDF aangesloten partijen voor het eerst persoonlijk stemmen over de nieuwe voorzitter. Vroeger wees de Parijse top gewoon de baas aan. Dit keer waren er drie kandidaten, onder wie één die wel met het Front National samenwerkt. De uitverkiezing van Bayrou lag het meest voor de hand. Hij leidt de grootste partij binnen het UDF: Force Démocrate (de erfgenaam van de christen-democratie in Frankrijk, 48 parlementsleden, 32.500 leden). De andere UDF-groepen zijn: de Parti Populaire pour la Démocratie française (PPDF) van oud-minister Hervé de Charette (2 Kamerleden, 16.700 leden), de 7800 directe UDF-leden (7 Kamerleden) en de Parti Radical (voorzitter Thierry Cornillet, 9900 leden en 3 Kamerleden).

Zo comfortabel als Bayrou gekozen werd, zo dramatisch staat het UDF er overigens voor. Zeker na het vertrek van de liberale Parti Républicain, die zich onder haar nieuwe voorzitter Alain Madelin (de door premier Juppé na een paar maanden in '95 ontslagen minister van Financiën) heeft omgedoopt tot Démocratie Libérale. Deze meer thatcheriaanse liberalen doen omslachtig over samenwerking met het Front National, maar hebben in tegenstelling tot het UDF hun mensen die in regiobesturen zitten met lepenisten niet uit het ledenbestand geschrapt.

Zo hoog is de stemmen- en ideeënnood bij rechts dat, hoewel men het steeds ontkent, het al of niet pacteren met extreem-rechts het meest in het oog lopende kenmerk is waar 'gewone' rechtse partijen elkaar de maat aan nemen. Het is de basis waarop UDF en RPR (partij van Chirac, Juppé en Séguin) haastig een nood-verbond zijn aangegaan dat Alliance heet, en verder nog weinig heeft laten zien. Het Front National is een brisant thema, zoals oud-premier Edouard Balladur (RPR) ervoer toen hij een balletje opgooide over de 'nationale voorkeur', het troetel-issue van Le Pen. De reacties waren dusdanig dat hij er niet meer over rept.

De RPR is voorlopig nog niet uit elkaar gevallen. Het UDF wel, een groot verschil met de glorieuze jaren zeventig toen het UDF jong en modern was, en vooral het verkiezingsvoertuig dat de destijds jeugdige technocraat Valéry Giscard d'Estaing in 1974 naar het Elysée voerde. Tweeëneenhalf jaar geleden nam François Léotard, oud-minister van Cultuur en Defensie, het partijvoorzitterschap over van Giscard. Hij stond buiten de regering-Juppé en meende te weten hoe het pro-Europese sociaal-liberalisme aan de man moest worden gebracht. Niets bleek minder waar.

Naarmate Léotard door schandalen in zijn thuishaven Fréjus en zijn krakende nederlaag bij de regionale verkiezingen verder wegzakte op de politieke hitparade, kwam François Bayrou door het centrum naar voren. Hij is nooit op oneigenlijke financiële partij-transacties betrapt. Deze openlijk ambitieuze oud-minister van Onderwijs kon de rechtse liberalen van Madelin niet aan boord houden, maar hield vast aan een koers die bijna de meest pro-Europese is die op het ogenblik in het Franse politieke spectrum te vinden is. Afgezien van president Chirac en de regering-Jospin die met hun verstand doorwerken aan de Europese constructie - het gevoel blijft lauw en strikt anti-federaal. Alles mag samen, mits aan de nationale soevereiniteit niet wordt gesleuteld.

François Bayrou, in 1951 geboren, werd in '86 lid van de Assemblée Nationale, in '92 voorzitter van de regioraad van de Pyrenées-Atlantiques en in '93 minister onder Balladur. Niet alleen zijn er over hem al twee biografieën geschreven, hij heeft ook zelf regelmatig gepubliceerd. Zijn historisch-religieuze bewogenheid gaf hij vorm in een biografie van Hendrik IV, die het katholicisme en het protestantisme heeft willen verzoenen volgens de een, het protestantisme verloochende volgens de ander. Bayrou wil vooral verzoenen. Dat komt van pas bij zijn nieuwe opdracht: van de UDF een echte partij maken.