Te veel deugdzaamheid ook niet goed

PvdA en D66 zijn ongelukkig met de sombere toon die de regering heeft aangeslagen op Prinsjesdag. “Het kabinet lijdt aan een najaarsdip”, zei D66'er De Graaf vanmiddag tijdens de Algemene Beschouwingen.

DEN HAAG, 16 SEPT. Voorzichtigheid is mooi, degelijkheid een deugd, maar je kunt ook overdrijven. Dat was de reactie van de coalitie-partijen PvdA en D66 vandaag op de waarschuwende boodschap van de regering op Prinsjesdag. “Het kabinet lijdt aan najaarsdip”, meent D66-fractievoorzitter De Graaf.

In de Troonrede en de Miljoenennota, maar vooral in een mondelinge toelichting daarop, heeft de regering gisteren gewaarschuwd dat het mooie economische weer van de afgelopen jaren niet lang meer duurt. Premier Kok wees op de economische crises elders in de wereld. Ook waarschuwde hij tegen de neiging om in de nadagen van een tijd vol economische voorspoed nog veel geld uit te geven. Zijn voorzichtigheid is geconcretiseerd in het voornemen om 'macro-economische meevallers' (zoals lagere rentelasten op de staatsschuld) te reserveren voor tegenvallers (zoals stijgende ambtenarensalarissen).

“Het klinkt allemaal wat defensief, somber en met weinig elan, in plaats van als een sprong voorwaarts”, zei De Graaf vanmorgen. Hij gaf, net als andere fractievoorzitters, voor de media alvast een voorschot op zijn inbreng voor het debat dat later op de dag zou beginnen.

De fractievoorzitter van de kleinste coalitiepartij ziet geen onderscheid tussen algemene uitgavenmeevallers en de 'macro-meevallers' die minister Zalm (Financiën) nu heeft geïntroduceerd. Wat D66 betreft zijn het allemaal uitgavenmeevallers die “in lijn met het regeerakkoord” moeten worden besteed aan zorg, milieu, onderwijs en veiligheid. Het kabinet heeft in deze Miljoenennota “teveel sloten op de deur”, meent De Graaf.

Zijn PvdA-collega Melkert hield zijn kruit vanmorgen nog droog maar kondigde wel “indringende vragen” aan over de behoedzaamheid van het kabinet. Hij wees erop dat de vier procent groei van vorig jaar uitzonderlijk is: “Als de vooruitzichten iets minder zijn is dat geen reden voor somberheid.” Ook zijn volgens hem de Europese economiën best bestand tegen besmetting door crises elders. “Het kabinet heeft alle ruimte om aanvullende afspraken te maken, maar wij als PvdA-fractie hebben dan alle ruimte om daar het onze over te denken.”

De VVD is het juist van harte eens met de voorzichtigheid van partijgenoot Zalm. Volgens fractieleider Dijkstal zou het een “absoluut wonder van het poldermodel” zijn als de loonontwikkeling zo gematigd is als in het regeerakkoord wordt verwacht (gemiddeld 1,5 procent per jaar). Hij begrijpt dan ook niet “waarom de collega's Melkert en De Graaf bezwaar maken tegen de reservering van Zalm, tenzij zij de lonen in bijvoorbeeld de zorg willen laten achterblijven, maar dat kan ik me nauwelijks voorstellen.”

Van de oppositiepartijen kon het CDA zich goed vinden in de voorzichtigheid van het kabinet, maar GroenLinks niet. Het kabinetsvoornemen “gaat rechtstreeks ten koste van nieuwe, maatschappelijk noodzakelijke investeringen”, zei fractievoorzitter Rosenmöller. In een verwijzing naar het debat over de regeringsverklaring vorige maand, waarbij vooral werd getwist over de vraag of onderwijzers, verpleegsters of anderen moesten profiteren van mogelijke meevallers, zei hij: “Wat drie weken geleden begon als een investeringskabinet is nu al een reserveringskabinet.”

Het CDA heeft in tegenstelling tot vorig jaar geen eigen 'tegenbegroting' opgesteld. “Ik pas er voor om de gaten in de Paarse sokken te stoppen”, zei fractieleider De Hoop Scheffer. Hij zou zich in zijn bijdrage aan de Algemene Beschouwingen wijden aan het “verhaal achter de cijfers”. Het CDA meent dat Paars II het antwoord mist “op die echte zorg over geweld, mentaliteit, over fatsoen, over het gebrek aan respect voor de ander in de samenleving.” De partij zal vandaag met enkele voorstellen komen om dat antwoord te helpen vinden.

GroenLinks heeft wel een 'tegenbegroting'. Die voorziet onder meer in een twee keer zo grote stijging van van de koopkracht van minima dan die welke het kabinet aankondigt. Daar staat tegenover dat besteedbaar inkomen van degenen die twee en drie keer modaal verdienen minder toeneemt.

De drie kleine christelijke partijen lieten zich niet specifiek uit over de nieuwe toon van het kabinet, maar hekelden wel de sterk gestegen consumptie in Nederland. “Het heeft verdacht veel weg van een zeepbel. Voorbeelden uit Engeland en Japan leren wat er kan gebeuren als de zeepbel klapt”, zei fractievoorzitter Van Dijke (RPF). GPV, RPF en SGP refeerden alledrie aan een recent rapport van de Verenigde Naties, waaruit blijkt dat éénvijfde van de wereldbevolking goed is voor negentiende van de consumptie. “De consumptie ontspoort, de koopzucht veroorzaakt steeds meer armoede” zei Van der Vlies (SGP), die ook constateerde dat “de overvloedige regenval van de afgelopen dagen ons weer krachtig bij onze afhankelijkheid van de Heere God heeft bepaald.”

Spaarpotje voor tegenvallers noviteit in begroting

Het spaarpotje voor tegenvallers bij onder meer de lonen, waarover nu politieke discussie is ontstaan, is een noviteit in de begroting. Het beperkt de invloed van de fracties van de regeringspartijen op de besteding van bepaalde meevallers, die mogelijk later optreden. In de begrotingssystematiek die minister Zalm (Financiën) de laatste jaren heeft uitgewerkt bestaat er een strikt onderscheid tussen uitgaven en inkomsten. Voor de komende vier jaar gaat het kabinet gaat uit van een gemiddelde economische groei van 2,25 procent jaar en de uitgaven en inkomsten zijn begroot op basis van dit scenario. Een hogere groei of juist een lagere kan zorgen voor meevallers of tegenvallers bij bijvoorbeeld de belastinginkomsten of de uitgaven voor uitkeringen. Over wat het kabinet moet doen met meevallers en tegenvallers is bij het regeerakkoord een afspraak gemaakt. De zogeheten 'inkomsten-meevallers' uit bijvoorbeeld de belastingopbrengsten worden gebruikt voor de verlaging van het tekort (voor driekwart) en lastenverlichting (een kwart).

'Uitgavenmeevallers' - en daar draait nu de discussie om - mogen in principe worden gebruikt voor nieuwe uitgaven. Bij de onderhandelingen voor het regeerakkoord is daarbij gesproken over zorg en onderwijs. Op dezelfde wijze moeten uitgaventegenvallers worden opgevangen met bezuinigingen.

Het kabinet voegt daar in zekere zin een derde categorie aan toe: die van de macro-economische mee- en tegenvallers. Dat zijn uitgavenmeevallers en -tegenvallers, die worden veroorzaakt door onder meer de schommelingen op de kapitaalmarkt en de ontwikkeling van de lonen. Het kabinet wil nu deze macro-economische meevallers reserveren voor het opvangen macro-economische tegenvallers.

De eerst verwachte meevaller komt uit de lagere uitgaven voor rente, die moet worden betaald over de staatsschuld. De kapitaalmarktrente op 10-jarige staatslening bedraagt nu 4,16 procent, terwijl het kabinet rekent met 6 procent. De grootste kans op een tegenvaller ziet het kabinet bij de ontwikkeling van de lonen. Deze zullen mogelijk sterker stijgen dan begroot (1,5 procent per jaar), waardoor de overheid ook meer geld moet uittrekken voor de salarissen van ambtenaren en mensen in semi-oeverheidsdienst en voor de uitkeringen. Deze zogeheten 'ruilvoet-verliezen' treden het sterkst op bij de zorg en de sociale zekerheid.