Geen deviezenbank meer; ABN Amro aan banden in Suriname

ROTTERDAM, 16 SEPT. ABN Amro voelt zich “compleet overvallen” door het gisteren uitgevaardigde verbod om als deviezenbank op te treden in Suriname. Door deze maatregel komt het werk op de Surinaamse vestigingen van ABN Amro bijna geheel stil te liggen.

Dit heeft een woordvoerder van ABN Amro in Amsterdam vanochtend bevestigd. De bank zegt zo snel mogelijk opheldering te zullen vragen bij de Centrale Bank van Suriname. Mogelijk wordt ABN Amro door de monetaire autoriteiten van malversaties beschuldigd.

Zonder vergunning om als 'deviezenbank' actief te zijn, mag ABN Amro alleen met lokale valuta werken. “Dan is het niet mogelijk om voor internationale klanten te werken en daar ligt natuurlijk ons accent”, aldus een woordvoerder van de ABN Amro. “Feitelijk komt het werk zo stil te liggen.”

ABN Amro is met 200 medewerkers de grootste buitenlandse bank in Suriname, onder meer met 13 kantoren in Paramaribo. Het intrekken van de vergunning betekent niet dat de bank het land zal verlaten. “Op dit moment is dat niet aan de orde.” ABN Amro heeft in Suriname ook nog een 49-procents belang in De Surinaamsche Bank en deze dochter wordt niet getroffen door het verbod.

De beslissing van de Surinaamse Deviezencommissie om het verbod in te stellen, wekte grote verbazing bij ABN Amro. “We waren met de centrale bank in gesprek, omdat we van mening verschilden over de interpretatie van bepaalde richtlijnen. Tot onze verrassing kregen we gisteren een brief met het verbod. We willen niet zeggen om welke richtlijnen het gaat, maar het heeft in elk geval niets met malversaties te maken, zoals in Suriname is gesuggereerd”.

De Centrale Bank maakte gisteren bekend een overgangsperiode vast te willen stellen waarin de ABN-Amro in de gelegenheid wordt gesteld om haar activiteiten als deviezenbank af te bouwen. Hiervoor zal de Surinaamse bank “richtlijnen en voorschriften” vaststellen waaraan ABN Amro zich strikt moet houden. De bankinstelling mag nu slechts transacties verrichten die door de Surinaamse bank zijn goedgekeurd. Volgens de centrale bank zal de intrekking van de vergunning van ABN Amro geen consequenties hebben voor bezitters van vreemde valutarekeningen bij het Nederlandse concern.

Het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag noemt het “vervelend dat ABN Amro door geruchten in een kwaad daglicht komt te staan. We beschouwen het als een zakelijk conflict tussen de centrale bank en ABN Amro, maar het heeft natuurlijk onze aandacht”.

De relatie tussen ABN Amro en de monetaire autoriteiten van Suriname is al enige tijd gespannen. Gisteren werd ook bekend dat de centrale bank een onderzoek heeft ingesteld naar vermeende malversaties van de ABN Amro-vestiging in Paramaribo. De spanningen zijn volgens waarnemers niet los te zien van de moeilijke relaties tussen Nederland en Suriname op dit moment. Daarnaast zit het land diep in de problemen, omdat de Surinaamse centrale bank met een enorme deviezenkrapte kampt.