Fiona Tan vat herinneringen in video; 'Ik vraag me soms af of we filmisch denken'

Videokunstenares Fiona Tan begon te experimenteren met oud, afgedankt filmmateriaal. Haar werk is deze week te zien op het World Wide Video Festival in Amsterdam. “Ik houd van de onschuld van oude films.”

World Wide Video Festival, 17-21/9, Amsterdam. 'Linnaeus' Flower Clock': Stedelijk Museum en 19/9 21u Melkweg Cinema. 'Roll I & II': 17-19/9 Melkweg. Twee installaties van Fiona Tan in Museum voor Moderne Kunst, Arnhem t/m 15/11.

AMSTERDAM, 16 SEPT. Vanuit de gedachte dat de natuur buitengewoon punctueel is, beschreef de achttiende-eeuwse Zweedse wetenschapper Carolus Linnaeus de bloemenklok: een opsomming van bloemensoorten die op vaste tijdstippen van de dag open en dicht gaan. Zou een dergelijke ordening helpen om herinneringen vast te houden, vroeg Fiona Tan zich af bij het maken van haar nieuwste video, of zullen ze, net als de bloemen, van tijdelijke aard zijn?

De video 'Linnaeus' Flower Clock', die deze week op het World Wide Video Festival in Amsterdam wordt vertoond, handelt over verliefd zijn en over de onmogelijkheid om dat gevoel vast te houden. Oude filmbeelden van ontluikende klaprozen en een in een zwembad duikende man worden keer op keer herhaald en een vrouwelijke stem vertelt over de bijzondere herinneringen aan een vakantie op een afgelegen eiland. Hoe zal ik mij dit over dertig jaar herinneren, vraagt de vrouw zich af, om zich onmiddellijk te realiseren dat de beelden dan vervaagd zullen zijn: 'The passing of these pictures is part of their nature'.

Haar eerste video's maakte Fiona Tan (1966) van bijeengegaard oud of beschadigd filmmateriaal, dat zij vond in de prullenbak van Kriterion, de Amsterdamse bioscoop waar ze tijdens haar studie aan de Rietveld Academie een tijdlang als operateur werkte. Hier werd haar liefde voor oud filmmateriaal aangewakkerd en sindsdien speelt found footage, gevonden materiaal, een belangrijke rol in veel van haar videowerken.

“Ik houd van de onbeladenheid en onschuld van oude films”, vertelt Fiona Tan. “Vooral stomme films zijn een verademing als je er eenmaal aan gewend bent. Je kunt er heerlijk naar kijken, zonder dat je wordt afgeleid of gestuurd door het geluid. De beelden uit Flower Clock heb ik gevonden in het archief van het Filmmuseum. Ze hebben daar een verzameling die 'Bits and pieces' heet en bestaat uit anonieme filmfragmenten waarvan het museum zelf ook niet weet waar ze vandaan komen. Het is heel inspirerend om daarmee te werken.”

Tan werd geboren in Indonesië als kind van een Chinese vader en een Australische moeder. Ze groeide op in Australië, studeerde in Hamburg en Amsterdam en woont nu sinds tien jaar in Nederland. “Het is van groot belang voor mijn werk dat ik migrant ben, omdat het mijn persoonlijkheid erg heeft beïnvloed. Ik heb een theorie dat dit ook de reden is waarom ik veel gevonden materiaal gebruik in mijn films. Heel simpel gezegd: ik weet niet wie ik ben, dus ik kijk om me heen wie ik ben, ik zoek naar spiegels. Mijn identiteit is geformuleerd door wat ik niet ben. Ik ben geen Nederlander, maar wel een Nederlands kunstenaar, ik ben geen Chinees, maar heb wel een Chinese vader, ik ben geen Australiër, maar bezit wel een Australisch paspoort, ik ben geen Indonesiër, maar voel me toch ook niet helemaal westers. Ik zit overal tussenin.

“Toen ik Linnaeus' Flower Clock maakte, was ik vreselijk verliefd. Het was haast beangstigend: ik wilde dat er niets zou veranderen, dat ik geen seconde ouder zou worden, zodat dat moment maar niet voorbij zou gaan. De primaire reden waarom mensen foto's maken op vakantie, is om de herinnering vast te kunnen houden. De foto's dienen als memory-triggers. Eigenlijk is dat heel paradoxaal, want als je naar een foto kijkt, weet je dat het moment voorbij is. Elke keer dat je een foto of video bekijkt, is de interpretatie anders, omdat jij je op dat moment anders voelt. Hoewel het theoretisch gezien een besloten moment is, veroudert en verandert de foto.”

Behalve over verliefdheid, gaat de video op een formeler niveau ook over de invloed van geluid op beeld, over manieren van monteren en over de interpretatie van visuele beelden. Tan: “Ik vraag me wel eens af of wij filmisch denken en of onze herinneringen beïnvloed zijn doordat wij zoveel films hebben gezien. Een paar jaar geleden is er onderzoek gedaan naar getuigenverklaringen. Er werd aan mensen gevraagd naar hun herinneringen aan de Bijlmerramp, aan de hand van de informatie die zij via de media kregen. Het bleek dat veel mensen beeld voor beeld konden beschrijven hoe het vliegtuig op de flat stortte, terwijl dat natuurlijk nooit op televisie te zien was geweest. Dat betekent dat er montage in je hoofd plaatsvindt, dat de beeldvorming binnenin je ontstaat. Als ik terugdenk aan de ramp, zie ik ook hele dramatische beelden voor me: het vliegtuig dat crasht, veel vlammen en gegil en dat alles een beetje wazig gefilmd als in een amateurvideo.”

In de installatie Witness die vorig jaar op de tentoonstelling 'The Second' in het Stedelijk Museum te zien was, ging Tan in op de manier waarop de menselijke geest herinneringen reconstrueert en beïnvloed wordt door mediabeelden. Het uitgangspunt voor de installatie was een kort filmfragment van een ongeluk tijdens een autorace in 1924. Op vijf verschillende monitoren combineerde Tan deze historische beelden met eigen videomateriaal waarin met verschillende manieren van montage was geëxperimenteerd en vanuit verschillende camerastandpunten was gewerkt.

“Ik noemde dat horizontale in plaats van verticale montage”, vertelt Tan. “In tegenstelling tot een lineaire film, waarin de regisseur bepaalt hoe lang de toeschouwer naar een scène kijkt en in welke volgorde, was Witness een soort anatomie van het moment. Ik wilde verschillende beelden tegelijkertijd laten zien, zodat je als kijker je eigen montage kon maken. Het gekke is dat je wel veel verschillende geluiden tegelijkertijd kunt horen, maar dat je je maar op één beeld tegelijk kunt concentreren. In de installatie Roll I & II, die in de Melkweg te zien is, heb ik deze ideeën verder uitgewerkt.”

Het proces van het maken van een video neemt vaak veel tijd in beslag, maar dat is juist wat Tan zo aanspreekt in het medium. “Ik verzamel eerst veel materiaal en gooi vervolgens weer een boel weg. Het kost altijd grote moeite om een video te maken. Ten eerste kost het veel geld, maar ook de techniek levert problemen op. Er gaat altijd wel iets kapot. Die weerstand heb ik nodig, ik word zo gedwongen om er goed over na te denken. Ik moet eerst door een strenge school heen om uiteindelijk tot dat ene goede beeld te komen.”