Yang Shangkun (1907-1998); Een van de laatste onsterfelijken

PEKING, 15 SEPT. Met de dood gisteren van oud-president Yang Shangkun is een van de laatste 'onsterfelijken' van China's politieke toneel verdwenen. Yang, die 92 is geworden, heeft in zijn loopbaan de juiste dingen meegemaakt op grond waarvan 'een groot proletarisch revolutionair' volgens de communistische partijtraditie tot de eeuwigheid mag worden verklaard.

Yang, aldus de Chinese staatsmedia, was “een groot staatsman, strateeg en overtuigd marxist. Een begenadigd leider van de partij, de staat en het volksleger.” Zijn leven zou zijn gekenmerkt door “glorieuze, historische en onuitwisbare bijdragen tot de verwezenlijking van de roep van het volk om bevrijding, socialistische revolutie en wederopbouw”.

Een van die onuitwisbare bijdragen was zijn rol in de aanpak van de demonstrerende studenten in het voorjaar van 1989. Yang verscheen in de hoedanigheid van president en hooggeplaatste generaal in mei '89 op de nationale televisie om de komst van de militairen in de hoofdstad aan te kondigen. Volgens Yang waren de pro-democratisce protesten “anarchistisch” en diende het leger daarmee korte metten te maken. Het Chinese persbureau Xinhua stelt dat Yang in 1989 “samen met andere leiders” verantwoordelijk is geweest voor het behoud van “de onafhankelijkheid, waardigheid, veiligheid en stabiliteit in het land”.

De roep van Yang om stabiliteit en waardigheid moet het gevolg zijn geweest van Yangs historische verwevenheid met de totstandkoming van de Volksrepubliek China. Een van zijn andere onuitwisbare bijdragen was zijn deelname in 1934 aan de legendarische omtrekkende vlucht van de communisten naar het Chinese achterland. Door die tocht, de Lange Mars, die over een afstand van 12.000 kilometer een jaar heeft geduurd, bleven de communisten buiten het bereik van China's leidende nationalisten. Vanuit hun nieuwe basis in Yan'an wapenden zij zich tegen de Japanse bezetters en bleken in staat de zittende regering van de troon te stoten. Yang is daar als directeur van de politieke afdeling van het Eerste Rode Leger steeds bij betrokken geweest.

Voor de hand liggend was dan ook zijn promotie in 1945 tot secretaris-generaal van de militaire commissie van de communistische partij. Na 'de bevrijding', de oprichting van de Volksrepubliek China, in 1949, werd hij de directeur van het bureau voor algemene zaken van de partij, een functie die hij zeventien jaar heeft vervuld. In 1966 evenwel, aan het begin van de Culturele Revolutie, kwam abrupt een einde aan de veelbelovende loopbaan van Yang. De politieke hysterie van die dagen werd hem noodlottig en Yang werd wegens vermeende afluisterpraktijken - hij zou gesprekken van partijvoorzitter Mao Zedong hebben afgeluisterd - veroordeeld tot contra-revolutionair.

Yang bleek evenals zijn latere rivaal, China's vorig jaar overleden opperste leider Deng Xiaoping, te beschikken over een uitgesproken politieke overlevingsdrang. Twaalf jaar na zijn veroordeling werd hij gerehabiliteerd, en verstevigde hij onder Deng zijn positie met rasse schreden. In 1982 trad hij toe tot het politburo, een jaar later werd hij Dengs militaire rechterhand. Toen Deng zijn officiële functies in 1987 neerlegde, bleef Yang aan als het oudste lid van het politburo. Zijn promotie een jaar later tot president, een ceremoniële, maar prestigieuze titel, werd door velen gezien als het bewijs dat Yang strijd voerde om de politieke nalatenschap van de drie jaar oudere Deng, mocht deze komen te overlijden.

De politieke activiteit van Yang en zijn jongere half-broer Yang Baibing, die deel uitmaakte van de machtige militaire commissie, zijn jarenlang rauwe kost geweest voor koffiedik-kijkende China-specialisten. De pensionering van de oudere Yang in 1993 zou het gevolg zijn geweest van een verontruste Deng die plotseling geen vertrouwen meer zou hebben in de goede politieke bedoelingen van de gebroeders Yang. Ontmoetingen met de gevallen secretaris-generaal van de communistische partij Zhao Ziyang, riekten naar meer. Inspectiereizen door China, in de stijl van Deng, zouden suggereren dat Yang de rol van opperste leider wenste te vervullen. Onderonsjes met de huidige president Jiang Zemin toonden aan dat Yang inmiddels de rol had aangenomen van mentor.