Sinn Féin eist plek op in regering

LONDEN, 15 SEPT. Sinn Féin, de politieke vleugel van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA), moet een plek krijgen in het uitvoerend comité - de 'regering' van Noord-Ierland - alvorens de IRA de wapens overdraagt.

Dat heeft Sinn Féin-onderhandelaar Martin McGuinness gisteren gezegd na afloop van de eerste zitting van de nieuwe Noord-Ierse Assemblee in Belfast. De oprichting van dit Noord-Ierse 'parlement' met 108 leden van alle Noord-Ierse partijen, vloeit voort uit het Goede Vrijdag-akkoord en geldt als een sleutelsteen voor een vredesregeling. McGuinness bemiddelt tussen de IRA en een internationale ontwapeningscommissie, tot nog toe zonder dat de IRA aanstalten heeft gemaakt machinegeweren en semtex in te leveren.

Als Sinn Féin geen plek krijgt in het uitvoerend comité, is dat “woordbreuk” van de unionisten, aldus McGuinness. Met 18 van de 108 zetels in de assemblee heeft Sinn Féin in principe recht op twee ministersposten. Maar zowel de omvang als de verdeling van de posten binnen het comité is nog niet geregeld. Protestantse hardliners in de Assemblee, zoals dominee Paisley, verzetten zich categorisch tegen deelname van Sinn Féin in het comité.

Tijdens de bijeenkomst van gisteren, die vooral symboolwaarde had en is uitgelegd als “een nieuwe dageraad” voor Noord-Ierland, zei premier en unionisten-leider Trimble zich pas met Sinn Féin te kunnen verzoen als de IRA de wapens neerlegt. Hij dreigde formering van het uitvoerend comité uit te stellen tot het zover is.

In de uiteenzetting in het parlement gisteren werden ook enkele oude wonden tussen de partijen opengehaald, bijvoorbeeld over de vraag welke vlaggen op het kasteel van Stormont uitgehangen moeten worden.

Een deel van de assemblee was uitermate geïrriteerd over het feit dat de leden van Sinn Féin soms het woord voerden in het Iers. Niet alle parlementsleden zijn deze taal machtig.