Sibling Rivalry

Sibling Rivalry (Carl Reiner, 1990, VS). Veronica, 20.30-22.00u.

Hoe verzìn je het!

Kirstie Alley is een welgestelde maar door haar man ernstig verwaarloosde huisvrouw. Na acht jaar huwelijk gaat ze dan eindelijk een middagje vreemd en maakt kennis met het fenomeen orgasme. Vijf condooms later (vijf!) zit ze in de hotelkamer opgescheept met een overleden minnaar. Hartinfarct.

Tot zover is alles dus al niet in orde. Maar dan blijkt de dode minnaar ook nog eens de broer van haar man te wezen. Gelukkig voor Kirstie denkt een onhandige handelaar in zonweringen (Bill Pullman) verantwoordelijk te zijn voor het sterfgeval. Maar ook deze geboren verliezer durft niks te zeggen omdat zijn broer het bijna tot lokale politiechef heeft geschopt. Deze broer wordt heel toevallig belast met het onderzoek naar de dode man en begint onderwijl een liefdesaffaire met de zus van... Kirstie.

Is Sibling Rivalry dus een wervelende situatiekomedie in de beste screwball-traditie? Nee. Een zeldzaam gebrek aan timing en een onderontwikkeld gevoel voor ironisch understatement maken de film zo dood als een pier. Het Theater van de Lach op zijn poverst. Hinderlijk is ook de in dit soort Hollywoodvermaak onvermijdelijke, eendimensionale moraal over onbaatzuchtigheid en huwelijkse trouw. “I am a sinner”, blijft Kirstie voor zichzelf herhalen. Waar hebben we dat eerder gehoord? Ze blijft zich schuldig voelen over het fatale slippertje, ondanks het feit dat haar man en haar verwaten schoonfamilie haar jaren achtereen hebben geschoffeerd. Achteraf gezien had ze er beter over kunnen práten, zegt ze.

De mislukking van Sibling Rivalry is jammer voor Kirstie Alley. De actrice die men nog steeds vooral kent als Rebecca Howe uit Cheers en als Travolta's levenspartner uit de Look Who's Talking-trilogie, beschikt wel degelijk over enige talenten. De wijze waarop ze haar bereikbare schoonheid combineert met staaltje huiselijke hysterie, maakt haar innemend voor brede lagen van de bevolking. Maar de mislukking van Sibling Rivalry treft vooral de kijker. Om ervan te kunnen genieten moet je minstens gezegend zijn met de mentaliteit van de ondergelopen Valkenburger die gisteravond voor de televisie verklaarde in de wateroverlast een goede aanleiding te zien “om de kelder eens op te ruimen”.