Ouders over leven, foto's en dood van hun dochter Francesca Woodman (1958-1981), exposante in Kunsthal; Wij helpen haar een beetje onsterfelijk te worden

De foto's van de op Amerikaanse Francesca Woodman lijken haar zelfmoord op 22-jarige leeftijd aan te kondigen. Maar haar ouders zien niets in zulke interpretaties. “Francesca was een vrolijke meid met veel vrienden en vriendinnen.”

Francesca Woodman. T/m 15/11 in Kunsthal, Westzeedijk 341, Rotterdam. Geopend: di. t/m za. 10-17 uur, zo. 11-17 uur. Boek: ƒ75,.

AMSTERDAM, 15 SEPT. Francesca Woodman is een Amerikaanse fotografe geweest, die, zoals de Kunsthal in Rotterdam nu laat zien, uitzonderlijk indringende foto's heeft gemaakt. Ze laat een klein oeuvre na van niet al te grote zwart-wit-opnamen, genomen in onder meer lege, aangetaste binnenruimten, waarin de fotografe zichzelf vaak onherkenbaar of nauwelijks zichtbaar, want bewegend, heeft opgevoerd.

Dezelfde soms schitterende foto's werden in mei dit jaar in de Fondation Cartier in Parijs tentoongesteld. Een recensie in deze krant vermeldde dat menig beeld associaties opriep met verdwijning, afscheid en dood. Het meisje dat we achter een schoorsteenmantel zien wegkruipen, dat zichzelf in de duisternis een engel waant en die schuifelend het beeld uitloopt, was steeds dezelfde Francesca Woodman (1958-1981). Met een sprong uit een New Yorks raam zou ze, 22 jaar oud, een eind aan haar leven maken.

Hoe kwam Francesca als dertienjarig meisje tot ontroerende, doordachte zelfportretten? Waarom pleegde ze zelfmoord? En lag de dood inderdaad in haar werk besloten?

Vorige week reisden Francesca's ouders, beiden kunstenaars en beiden docenten, naar Nederland. Betty Woodman, een vooraanstaand, Amerikaans keramiste, kijkt nog steeds liever niet naar de foto's van haar dochter. “We hebben ze thuis in Colorado ook niet om ons heen. Maar George en ik zien het wel als onze plicht om behulpzaam te zijn bij het her en der tentoonstellen. Door onze bemoeienissen gaat men zorgzamer met het werk om. We doen simpelweg datgene dat Francesca zelf gedaan zou hebben. We helpen haar een beetje onsterfelijk te worden, iets dat elke kunstenaar wil. En zijn de foto's eenmaal opgehangen, dan test ik mezelf, ik probeer er met de afstand van een willekeurige toeschouwer naar te kijken, alsof het niet mijn dochter was die ze maakte.”

Francesca was een energieke, ambitieuze jonge vrouw, voor wie een ongelukkige liefde onoverkomelijk bleek. Tot kort voor haar dood bereidde ze exposities voor. Vooraanstaande collectioneurs hadden haar werk al aangekocht. “Ze was nogal aan stemmingen onderhevig en ze hield van drama”, vertelt George Woodman, een rijzige man, fotograaf en schilder, die de kleine Francesca alles over de doca bijbracht. “Drama, in de zin van toneel, maar ook van overdrijving, van het dramatiseren van haar eigen belevenissen.”

Volstrekt ten onrechte, aldus Betty en George Woodman, zien velen in het werk - onder wie ook ik destijds in Parijs - een voorbode van Francesca's dood. Jonge mensen schreven hen dat ze hun eigen eenzaamheid en depressiviteit in het fotowerk herkennen. Interpretaties als deze stellen het echtpaar teleur. “Francesca was een vrolijke meid met veel vrienden en vriendinnen”, vertelt haar vader, “ze schreef veel, bewaarde al die brieven in kopie, hield nauwkeurig een werkagenda bij en bereidde elke foto zorgvuldig voor, met schetsen en al. Francesca geloofde stellig in zichzelf, ze betwijfelde alleen wel eens of fotografie het juiste medium was. Het feit dat ik destijds schilderde, was voor haar reden om te fotograferen.

“We hebben natuurlijk veel over kunst gepraat, we hadden beiden wel iets met het surrealisme, maar we gingen niet inhoudelijk op haar eigen werk in. Verontrustende signalen zijn ons destijds niet opgevallen. Anderen daarentegen denken dat Francesca in die foto's een geisoleerde werkelijkheid verbeeldde. Maar wat we zien is een zeer bewust gemanipuleerde werkelijkheid, een vorm van theater, zoals je het leven ook als absurd theater kan zien, en die beelden wist Francesca in de doca feilloos te vervolmaken.

“Dat ze een goed kunstenaar was, wisten we al”, vertelt Betty Woodman. “Het lag ook voor de hand dat ze kunstenaar zou worden, want als kind al kreeg ze de beeldende kunst met de paplepel ingegoten. Ons leven draaide en draait nog steeds om kunst. Hoe kijk je naar de dingen, hoe transformeer je ze? Francesca stak van ons veel op, maar ook van de studenten die we mee naar huis namen. Later is ze dus geen zelf-expressie gaan bedrijven, maar echt kunst gaan maken, met een bewust gebruik van metaforen en technieken. Ze was net zo sophisticated als het leven thuis.”

Nee, ook Francesca's engelachtige zelfportretten verwijzen niet naar een leven na dit leven, zegt haar moeder. Francesca woonde ten tijde van die fotoserie in Rome. Nergens anders ter wereld dan in Italië zijn zoveel engelen in de architectuur en in de schilderkunst te vinden - vandaar dus. “Ik kan natuurlijk niet bepalen wat anderen in het werk van mijn dochter moeten lezen. Maar neemt u van mij aan, het gaat niet over de dood. Er zijn zoveel andere interpretaties mogelijk. Vaak reageren toeschouwers veel te emotioneel.”

Intussen ligt het mooi verzorgde boek op tafel dat de Fondation Cartier met Francesca's foto's uitgaf. Op de vraag of er een foto is waar Betty Woodman in Rotterdam wel nadrukkelijk naar zal kijken, laat ze zo'n lege Francesca-ruimte zien, met een doorkijk, en met iets wits, iets vleugelachtigs dat boven de grond zweeft. “Ik houd van deze opname omdat je er zoveel andere dingen in kan zien”, zegt Francesca's moeder. Verder bladerend valt keer op keer weer de schimmige aan- en afwezigheid van Francesca op, haar hoofdloze gestalte, haar jonge, sidderende lijf dat rondtolt, omhuld is met doeken, wegkruipt in een glazen kast, alsof ze vluchtig iets geks wil uitspoken. “Ach, dat schimmige bewegen zie je zo vaak in de fotografie” zegt haar vader; “dat is het afbeelden van het verstrijken van de tijd.” Betty Woodman zwijgt, en kijkt dan met grote bruine ogen op van het boek: “Ik kan natuurlijk niet ontkennen dat er nogal wat foto's over 'verdwijning' gaan”, zegt ze, “maar die gedachte is zo beangstigend.”