Danser Clint Farha vertrokken bij Het Nationale Ballet; De motoriek van het roofdier

Na zesentwintig jaar aan Het Nationale Ballet verbonden te zijn geweest, heeft Clint Farha per 1 september zijn carrière beëindigd. Hij was een uitzonderlijke danser, die vanzelfsprekende kwaliteit paarde aan reusachtige onzekerheid.

AMSTERDAM, 15 SEPT. Herinneringen, dierbare herinneringen, hebben een afsluiting nodig. Het is dan ook erg spijtig dat danser Clint Farha het publiek niet de gelegenheid geeft afscheid van hem te nemen, hoezeer de stille trom ook bij hem past. Pas nu laat Het Nationale Ballet weten dat de meest geliefde eerste solist van het gezelschap per 1 september gestopt is met dansen. Op verzoek van Farha zelf is er geen afscheidsvoorstelling of feest. Hij wil niet zeggen wat hij gaat doen, weigert interviews te geven of nog te poseren voor de foto. Hij is weg. Klaar.

De meeste van zijn collega's zijn tien jaar jonger als ze beginnen om te zien naar iets anders. Maar Farha (1953, Kansas, VS) was, in zijn eigen woorden (NRC Handelsblad 17/6/1994), 'een kind dat niet naar bed wil'. Niet alleen vanwege het late einde van zijn danscarrière is die typering van zichzelf zo treffend. Zolang als Farha gedanst heeft bij Het Nationale Ballet - zesentwintig jaar - heeft hij de onbevangenheid van het kind weten te bewaren. Behalve door virtuositeit werden zijn optredens altijd gekenmerkt door schuchterheid en verlegenheid: hier sta ik, sorry, ik kan niet beter.

Hoe Farha in 1972 bij Het Nationale Ballet belandde is vaak beschreven. Artistiek leider Rudi van Dantzig engageerde hem zonder hem ooit te hebben zien dansen en in weerwil van zijn vreemde lijf, met die te lange romp en te korte benen. “Als je met iemand praat, voel je of het een slome duikelaar is, of een soort beest. En beesten bewegen zich nu eenmaal mooi”, zei Van Dantzig later. Juist het dierlijke in Farha - berucht om zijn onvermogen en onwil om verbaal te communiceren - is veelvuldig bezongen. Steeds opnieuw werd zijn dans vergeleken met de uiterst geconcentreerde motoriek van het roofdier dat zijn prooi besluipt: gespannen als een boog, steeds klaar om te springen, maar ingehouden en zichzelf beheersend zolang als nodig is.

Farha's optreden was vaak zo in zichzelf gekeerd dat het autistische kanten had. Choreograaf Hans van Manen maakte daar gebruik van in het ballet 5 Tango's (1977), waarin Farha een onvergetelijke en bejubelde solo voor zijn rekening nam. De zinnelijkheid van Farha ('Ik doe alleen maar na'), benutte Van Manen andermaal in het legendarische Sarcasmen (1981), waarin Farha de rol van de machteloze minnaar vertolkte tegenover de koele relativering van danseres Rachel Beaujean.

De met de Gouden Theaterdansprijs (1984) en de Alexandra Radius-prijs (1992) onderscheiden Farha was niet het prototype van de danseur noble, voor het echte klassieke werk was of oogde hij misschien wel te wild. Op zijn best was hij in het eigentijdse repertoire, van Balanchine, Van Manen, Van Dantzig en van Toer van Schayk. Het ballet De bewerking van het stof van de laatste, dat afgelopen juni in première ging, blijkt nu het laatste werk te zijn geweest waarin Farha te zien was. Hij laat een intens dankbaar publiek achter.