Clinton wil top van industrielanden en opkomende economieën; G-7 gaat gezamenlijk crisis te lijf

LONDEN / WASHINGTON, 15 SEPT. De zeven rijkste industrielanden (G-7) willen samen de groei van hun economieën stimuleren en de wereldwijde financiële turbulentie bestrijden.

Dat zeggen de ministers van Financiën en de hoofden van de Centrale Banken van de G-7 in een gezamenlijke verklaring. Die werd gisteren gelijktijdig in Washington en Londen uitgegeven, nadat hoge ambtenaren van de G-7 een spoedzitting over de politiek-economische crisis in Rusland hadden afgesloten.

De verklaring viel samen met een oproep door de Amerikaanse president Clinton om samen te werken in de bestrijding van de onrust op de financiële markten in de wereld. Clinton omschreef de huidige crisis als “de grootste financiële uitdaging waar de wereld de afgelopen halve eeuw voor heeft gestaan.” Volgens Clinton heeft “de wereld nu als belangrijkste taak de economische groei te stimuleren.”

Volgens de G-7 is stimulering van de groei nodig omdat “de risico-balans van de wereldeconomie is veranderd”, met name door een afname van de vraag in de 'opkomende economieën' - de markten in Azië, Oost-Europa en Latijns Amerika die het hardst getroffen zijn de door financiële crisis.

De G-7 zegde gisteren toe bereid te blijven tot verdere steun aan mondiale financiële instellingen als het IMF en de Wereldbank. Na de G7-vergadering in Londen, waaraan vertegenwoordigers van het IMF, de Wereldbank en van de vrijdag benoemde Russische premier Primakov deelnamen, zei een hoge Britse ambtenaar “aanwijzingen” te hebben dat Rusland zijn economische hervormingen voortzet. In dat geval blijft de G-7 bereid Rusland te steunen, aldus de ambtenaar.

President Clinton zei een top van de 22 rijkste industrielanden en opkomende economieën wenselijk te achten, tijdens het jaarlijke IMF-beraad, begin volgende maand in Washington. De Britse regering, tijdelijk G-7-voorzitter, zal mogelijk een extra G-7 top bijeenroepen over de financiële crisis.

De Financial Times legt de verklaringen vanochtend uit als een suggestie om wereldwijd de rente te verlagen als de ongunstige prognoses en de woelingen op de geldmarkten aanhouden. Verscheidene centrale banken hebben de afgelopen weken aangegeven daartoe eventueel bereid te zijn, maar vooralsnog het risico van inflatie te hoog te achten. De geldmarkten reageerden optimistisch op de verklaringen van de G-7 en van president Clinton. De Dow Jones steeg met 1,9 procent, de beurzen van Londen en Frankfurt sloten 2,9 en 3 procent hoger.

Tijdens zijn toespraak in New York voor de Council on Foreign Relations, een invloedrijke denktank en uitgever van het tijdschrift Foreign Affairs, somde Clinton zes maatregelen op die onmiddellijk genomen moeten worden om te voorkomen dat de crisis nog ernstiger wordt. De VS, Japan en Europa zouden moeten samenwerken om de economische groei te stimuleren. De rijke landen zouden meer moeten doen om bedrijven in landen als Thailand en Zuid-Korea te bevrijden van hun enorme schuldenlast. Om de meest kwetsbare mensen in die landen te beschermen, zouden de Wereldbank en de Aziatische Ontwikkelingsbank hun hulp voor het creëren van een sociaal vangnet moeten verdubbelen.

Verder zouden de grote economieën, aldus Clinton, bereid moeten zijn om het Internationale Monetaire Fonds (IMF) toestemming te geven om 15 miljard dollar uit de Algemene Leenovereenkomst (General Agreement to Borrow) te gebruiken voor hulp aan Latijnsamerikaanse economieën.

Tot de G-7 behoren de VS, Canada, Groot-Brittannië, Frankrijk, Japan, Duitsland en Italië. Rusland heeft een toehoordersrol.