Orgelbehoud

Jubileumactiviteiten: 17/9 jubileumviering: 10-18 uur Grote of St. Nicolaaskerk Elburg; Jubileumconcert: 20 uur Bovenkerk Kampen; 18/9: excursies en Nationaal improvisatieconcours; 19/9: o.a. lezing en concert. Uitg.: Liber Amicorum en Toegang tot het orgel. Nationaal Historisch Orgelmuseum: Rozemarijnsteeg 9-11, Elburg. Inl.: 0525-684220. Postadres van de stichting: Postbus 105, 8080 AC Elburg.

ELBURG, 14 SEPT. “Nederland is hèt orgelland van de wereld, er zijn zo'n 2000 historische orgels en nergens wordt met concerten, excursies en internationale concoursen zóveel gedaan aan orgelcultuur als in ons land. Dat is al vijfhonderd jaar zo. Hier in mijn eigen kerk in Elburg waren er in 1500 twee orgels. Ook als je een orgel goed onderhoudt, blijft de tand des tijds zijn werk doen en dwingt tot restauratie. Het grote orgel in Elburg van Quellhorst is 175 jaar geleden gebouwd voor 9000 gulden. Vijf jaar geleden kostte de restauratie 550.000 gulden, terwijl er nog voor geen 2000 gulden nieuw materiaal in ging. Er is veel geld nodig voor het orgelbehoud.”

De Stichting tot behoud van het Nederlandse Orgel viert eind deze week drie dagen lang het 25-jarig bestaan in Elburg, de vestigingsplaats van het Nationaal Historisch Orgelmuseum, waar de expositie 'Vijf eeuwen Nederland-Orgelland' wordt geopend. Voorzitter Maarten Seijbel is organist in de drukbezochte Elburgse Grote of St. Nicolaaskerk, die twee dominees heeft, twee preekstoelen, twee organisten en twee orgels. Seijbel biedt Bach- en orgelliefhebber dr. J. Zijlstra twee nieuwe boeken aan: Toegang tot het Orgel, een boek met 400 foto's over vier eeuwen Nederlandse orgelbouw van organist Jan Jongepier, en een Liber Amicorum, een feestbundel met 21 bijdragen.

“De stichting tot behoud van het Nederlandse Orgel draagt bij aan het instandhouden van het historische orgelbezit. Monumentenzorg geeft daaraan veel geld uit, evenals de kerkbesturen. Maar er zijn vaak financiële problemen, het aantal subsidieaanvragen bij ons neemt toe. We geven per jaar rond 50.000 uit. Wij kijken niet naar het soort geloof, maar naar het historische belang van het orgel.

“Onze bijdragen lijken wel niet zo groot, maar als wij van een bepaald project tien of twintig procent voor onze rekening nemen, is dat voor een kerkbestuur een hele zorg minder. We hebben 2.500 donateurs, die gemiddeld 35 tot 40 gulden per jaar geven. Daarnaast zijn er giften van mensen die goed hebben geboerd, en legaten. De afgelopen vijfentwintig jaar hebben we met een miljoen gulden bijgedragen aan het herstel van enkele honderden orgels.

“Een historisch orgel is een mechanisch complex en gevoelig instrument. Het is kwetsbaar en slijt in het gebruik. Eén keer in de ongeveer 35 jaar moeten de windladen, de longen van het orgel, worden hersteld en het pijpwerk worden nagekeken.

Het orgel lijdt het meest van temperatuurverschillen. Het mooiste zou het zijn als de kerken niet werden verwarmd. Zoals de Bavo in Haarlem, die 's winters is gesloten. Maar als er kerkdiensten zijn willen de mensen niet in de kou zitten. Veel orgels zijn in strenge winters door de kosters kapotgestookt. De Rijksorgeladviseur Rudi van Straten geeft wel aanwijzingen voor het stoken, maar die kan niet elke zondag overal zijn om dat te controleren. Vloerverwarming zonder grote temperatuursverschillen is het beste.

“De ontkerkelijking komt het behoud van orgels ook niet ten goede. Veel kerken hebben een andere bestemming gekregen, wat vaak ongunstig is voor klimaat en temperatuur. Of er zijn activiteiten die geld moeten opbrengen voor het onderhoud van het gebouw. Een kerstmarkt in de kerk, waar men oliebollen bakt, is niet goed voor het orgel. Maar tegen de verdrukking in bloeit Nederland als orgelland.”