H.J.A. BOMERS (1936-1998); Conservatief

HAARLEM, 14 SEPT. Toen bisschop H. Bomers van Haarlem eind vorige maand terugkeerde uit Nigeria waar hij enkele priesters had gewijd, had hij ernstige vermoeidheidsklachten. Kardinaal Simonis, die Bomers na diens thuiskomst op een bijeenkomst van bisschoppen ontmoette, schrok van het bleke gelaat van Bomers en raadde hem aan het enige tijd rustig aan te doen. Zaterdagochtend overleed Bomers op 62-jarige leeftijd op straat in zijn woonplaats aan een hartstilstand.

De Nederlandse bisschoppen hebben ontsteld op het overlijden gereageerd. “In bisschop Bomers is een man uit ons midden heengegaan, die in grote trouw en plichtsbetrachting zijn zware ambt heeft uitgeoefend. Met hart en ziel was hij steeds betrokken bij de Kerk van de Heer en het waarachtige heil van de gelovigen. In hem verliezen wij een goede en hartelijke collega”, aldus de bisschoppenconferentie.

De boerenzoon Henricus Joseph Aloysius Bomers, die op 19 april 1936 in Eibergen werd geboren, was een rechtlijnige, conservatieve bisschop, die zich aan de door Rome voorgeschreven leer hield. Hij zag het als zijn plicht dwalende schapen op het rechte pad te brengen. Die houding leidde vanaf zijn benoeming - in 1984 volgde hij de overleden bisschop Zwartkruis op - tot conflicten in zijn bisdom. In het bijzonder de communicatie verliep uiterst stroef.

In juli van dit jaar schreef de Vereniging van Pastoraal Werkenden (VPW), waarbij driekwart van de priesters en pastoraal werkers zijn aangesloten, dat ze met Bomers geen zinvol contact kon krijgen, mede doordat de bisschop aan zijn geheel eigen lijn vasthield. In 1994 zei de priesterraad niet verder te willen met Bomers. De VPW verklaarde de bisschopszetel van Haarlem “pastoraal vacant”, een hoogst ongebruikelijke stap, en eiste het aftreden van

Bomers.

Of het nu over interne kerkelijke kwesties, politiek, homoseksualiteit of oecumene ging: er ontstond opschudding wanneer Bomers sprak. Korte tijd voor Tweede-Kamerverkiezingen van dit jaar kreeg Bomers het aan de stok met kopstukken van D66 door te verklaren dat hij zich niet kon voorstellen dat rooms-katholieken op de democraten zouden stemmen. Het standpunt van D66 over euthanasie was hem een gruwel. Het CDA had het door de euthanasiewetgeving en de Wet gelijke behandeling bij Bomers eveneens verbruid. In 1993 zegde hij zijn lidmaatschap op en sloot zich aan bij de uiterst behoudende rooms-katholieke splinterpartij KPP.

Hulpbisschop Punt van Haarlem, die in het bisdom evenmin geliefd is, prijst de toewijding waarmee Bomers zijn ambt vervulde. Bomers had “een groot hart voor mensen, maar schuwde de discussie niet als zijn geweten hem daartoe noopte”, heeft Punt dit weekeinde aan alle parochies in het bisdom geschreven.

Bomers zag de veranderingen in maatschappij en kerk vooral als gevaren, zei voorzitter H. Baars van de vernieuwingsgezinde Acht Mei Beweging (AMB) gisteren tegen het ANP. “Daardoor stond hij te veel aan de kant van het kerkelijk wetboek en was hij niet in staat tot communicatie.” Vanuit een “schrikreactie” gaf Bomers progressieve bewegingen als de AMB vaak de schuld van de leegloop van de RK-Kerk. “Daaruit bleek dat hij de tekenen des tijds niet verstond.”

Bomers werd in 1964 werd hij tot priester gewijd. Hij vertrok in 1967 naar Ethiopië. Vandaar kwam hij naar Haarlem. Bisschop Bomers wordt komende zaterdag begraven. Kardinaal Simonis treedt bij de uitvaartmis in de kathedraal Sint-Bavo te Haarlem als hoofdcelebrant op.