George Wallace (1919-1998); Herboren racist

De George Wallace die in de herinnering blijft hangen, is de gouverneur die in 1963 in de deuropening van de universiteit van Alabama stond om zwarte studenten weg te sturen. De bedenker van de slogan: “segregatie toen, segregatie nu, segregatie voor altijd.” De Ku Klux Klan zonder masker.

Dezelfde George Wallace rolde in 1974 in zijn rolstoel de Dexter Avenue Baptist Church binnen en smeekte de zwarte kerkgangers om vergiffenis. Toen hij in 1982 voor de vierde en laatste maal tot gouverneur van Alabama werd gekozen, was dat als verzoener. Ruim 90 procent van de zwarte kiezers stemde ditmaal op Wallace, die een record-aantal zwarte ambtenaren aannam.

De al 26 jaar met zijn gezondheid sukkelende George Wallace overleed gisteren in een ziekenhuis in Montgomery, Alabama. Hij werd in 1919 geboren in een arm boerengezin uit Clio, Alabama. Zijn politieke loopbaan begon in 1952, toen hij naam maakte als de 'strijdbare kleine rechter', die taai directieven uit Washington bestreed om de segregatie - de Amerikaanse versie van apartheid - op te heffen. In 1958 stond Wallace als gematigd Democraat kandidaat voor het gouverneurschap van Alabama. HIj verloor van John Patterson, die dicht tegen de Ku Klux Klan aanschurkte. “I'm not gonna be out-niggered again”, zou Wallace hebben gezworen.

Vier jaar later kon niemand hem nog overtreffen als kampioen van segregatie. Gouverneur Wallace werkte hij zich op tot leider van een kliek zuidelijke bestuurders die het burgerrechten-programma van de presidenten Kennedy en Johnson saboteerden. De 'strijdbare kleine gouverneur' die de 'goede mensen van Alabama' verdedigde tegen het vuige Washington.

Kampioen van segregatie, aartsvijand van communisme, Washington, bureaucratie, uitkeringen, belastingen, misdaad: de boze demagogie van Wallace zweepte niet alleen het zuiden op, maar ook de kleine lieden uit het noorden. Door de 'Archie Bunker-factor' te bespelen, groeide Wallace ook landelijk uit tot een macht om rekening mee te houden. In de campagne van 1964 liep hij president Johnson al hinderlijk voor de voeten, in 1968 kreeg hij als onafhankelijk kandidaat zelfs 13,5 procent van de stemmen.

De ommekeer kwam op 15 mei 1972 in een winkelcentrum in Laurel, Maryland. Wallace leidde in de voorronde van de Democratische Partij voor de presidentsverkiezingen toen hij door vijf kogels werd geveld. De schutter was ene Arthur Bremer, die beroemd hoopte te worden. George Wallace belandde in een rolstoel. Op zijn ziektebed werd hij, in de woorden van zijn latere vriend, dominee Jesse Jackson, “gereinigd door zijn eigen bloed”. Wel bleef de nieuwe Wallace een conservatief populist. “Het oude zuiden is verdwenen”, zei hij in 1982. “Maar ook het nieuwe zuiden wil niet dat de regering zich met ons leven bemoeit.”

Markeerde 1972 een oprechte bekering, of was Wallace eens te meer een cynische opportunist? Veel zwarte leiders geloven dat hij werkelijk berouw had. Wallace bezocht de Dexter Avenue Baptist Church indertijd zonder pers, alleen en kwetsbaar, beklemtonen ze. Achteraf is het eerder de vraag of hij ooit een oprecht racist was.