Bécaud is nog de oude showman

Gilbert Bécaud (70) was dit weekeinde de eerste attractie in een Gala van het Franse Chanson, dat in Maastricht een traditie moet worden.

Gilbert Bécaud. 22/9, benefietconcert voor de stichting Day by Day, Concertgebouw, Amsterdam.

MAASTRICHT, 14 SEPT. Het blauwe pak zit hem iets strakker dan vroeger en de gebruikelijke blauwe stropdas met witte noppen krult zich nu over een buikje heen. Maar verder is Gilbert Bécaud nog grotendeels de oude. Halverwege het eerste nummer ging het bovenste knoopje van zijn boord al los, om de das iets minder knellend te maken, en na anderhalf uur continu zingen ging het jasje uit, zodat hij het over de schouder kon werpen. Zo kuierde hij met bijpassende nonchalance het toneel af - de zoveelste zaal was tot bijval gebracht.

Het bevallige theatertje La Bonbonnière in Maastricht heeft vrijdagavond zijn eerste Gala van het Franse Chanson gehouden, met de nu 70-jarige Bécaud als grootste attractie. Elk half jaar wil directeur Jacques Joosten voortaan zo'n evenement organiseren. Voor april heeft hij Julien Clerc (51) op het programma staan; verder denkt hij nog aan Sacha Distel (65), Serge Lama (55) en Michel Sardou (51). Het optreden wordt, voor 375 gulden per kaartje, voorafgegaan door een ontvangst met champagne en amuses en afgesloten met rijkelijk voorziene buffetten.

“Maastricht heeft altijd nauw in contact gestaan met de Franse cultuur,” zegt Joosten, “Maar dat is de laatste jaren een beetje verwaterd. Hopelijk lukt het met deze serie die interesse terug te brengen. Maar zo'n initiatief zal wel een aanloopje nodig hebben.”

Elders in het land zijn de ervaringen met het Franse chanson de laatste tijd niet erg hoopgevend geweest. In de Leidse Schouwburg verdween de jaarlijkse chansonweek toen directeur Frans Boelen daar vertrok. En in het Muziekcentrum Vredenburg in Utrecht is circa tien jaar geleden al een eind gemaakt aan het regelmatig engageren van Franse chansonniers. “Het is langzaam maar zeker doodgebloed,” aldus adjunctdirecteur Matthieu Heinrichs. Daar kwam bij, zegt hij, dat de nieuwe Franse sterren doorgaans de in eigen land gebruikelijke gages vragen en geen rekening houden met het feit dat ze in Nederland goeddeels onbekend zijn. Hier zijn alleen nog de oude chansonniers en de oude succesnummers bekend; wat er de laatste twintig jaar in dit genre is verricht, drong hier nauwelijks meer door.

Ook in Maastricht oogstte Gilbert Bécaud het meeste succes met nummers die minstens 25 jaar oud zijn, zo niet nog veel ouder. Toch moesten de ruim 300 bezoekers lang wachten op de hits. En de zanger maakte dat wachten er niet gemakkelijker op, omdat hij tijdens dat nieuwere werk veelvuldig met zijn gezicht naar de muzikanten stond, zijn rug naar de zaal.

Vijf man had hij bij zich, die zijn gruizige stem - ondanks de danig opengedraaide zangmicrofoon - nogal eens overstemden door hun elektronische pogingen om het volume van een compleet Metropole-orkest te benaderen. Sommige nummers (zoals het aloude Et maintenant) gingen in blikkerig geweld ten onder. Maar toen Bécaud aan zijn Schimmel-vleugel met perspex bovenwerk ging zitten en Nathalie inzette, was alles weer goed. En toen iedereen poeslief l'Important, c'est la rose met hem meezong, was het feest der herkenning, aangesticht door de beste showman van het Franse chanson, een feit.