EEN PLEK WAAR DE STOORNIS VERBLEEKT

HET GEBOUW waar Jeroen(15), Bianca (16), Birgit (16), Hans (16) en Ferry (16) hun vaste groepslokaal hebben heet niet voor niets Veldhoek. Door het raam zien we uitgestrekte grasvelden en aan het eind daarvan een indrukwekkende bomenrij die de oprijlaan vormt van hun school. De Ambelt is geen gewone school. Al was het maar omdat deze op een terrein van zes hectare staat en uit tien lage gebouwtjes, een kinderboerderij en een kas bestaat. De 400 leerlingen van deze school, die even buiten de bebouwde kom van Zwolle ligt, hebben het op gewone scholen niet kunnen redden. De meesten omdat ze contactstoornissen hebben, hyperactief zijn, informatie niet goed kunnen verwerken, zich niet kunnen concentreren, angstig of depressief zijn. Een minderheid omdat ze een ernstige vorm van epilepsie hebben, behandeld zijn voor hersentumoren of een hersenbeschadiging hebben opgelopen door een verkeersongeluk. Vaak is er sprake van een combinatie van handicaps.

De Ambelt, school voor Langdurig Zieke Kinderen, herbergde in vroeger tijden tuberculose-pati¨entjes die beter moesten worden van rust en frisse lucht. Nu is deze lommerrijke omgeving de ideale plek voor kinderen en jongeren die psychisch ernstig ontregeld raken door een onbegrijpelijke wereld, door veranderingen, hoe klein ook, door te veel drukte en te veel prikkels. Kwetsbare kinderen worden ze op de Ambelt genoemd, kinderen die vaak ernstige kwetsuren hebben opgelopen door hun stoornis of door een verleden van verwaarlozing of seksueel misbruik.

De klassen zijn klein, de aandacht is groot en de structuur is overzichtelijk. “Je wordt hier beschermd tegen de buitenwereld”, zegt Bianca en dat was precies waar ze behoefte aan had toen ze een jaar geleden naar de Ambelt kwam. Op de Mavo ging het mis, ze kreeg vaak ruzie en ging spijbelen. “Toen ging ik allemaal dingen zien en horen die er niet waren en ik werd depressief.” Ze heeft een half jaar thuis gezeten. “Het zijn hier allemaal schatten van leraren”, zegt ze enthousiast, maar ze wordt gecorrigeerd door Jeroen: “Althans de meesten”, zegt hij droogjes voor zich uit. Jeroen kwam zeven jaar geleden naar de Ambelt omdat hij het niet kon bolwerken op de basisschool. “Dat lag aan mijn gedrag”, legt hij uit. “Ik was heel erg druk en kon me niet concentreren.” Birgit praat op luide en doordringende toon en vertelt haar verhaal in korte, steeds terugkerende zinnen. “Ik kon niet tegen grote klassen. Dat was voor mij te veel, ik had meer aandacht nodig.” Ze wil haar tijd niet verdoen, pakt haar boek en schrift en vertrekt resoluut. “Ik ga naar wiskunde”, laat ze weten.

Hans praat snel, alsof z'n woorden voortdurend door z'n gedachten op de hielen worden gezeten. Hij is nog maar twee weken op de Ambelt. Komt van het gymnasium, maar raakte daar totaal verstrikt in z'n elektronica-fascinatie. Tijdens de lessen was hij alleen nog bezig met zeer ingewikkelde elektronica-schema's. “De druk is hier gelukkig niet zo hoog”, zegt hij, “en de leraren zijn veel aardiger. Maar van die schema's heb ik nu nog veel plezier.” Als Ferry, die nu anderhalf jaar op de Ambelt zit, vertelt dat hij vanaf groep drie van de basisschool hartgrondig is gepest, en daar aan onderdoor dreigde te gaan, beginnen de anderen te knikken. Ze weten er van. “Ze geven altijd de schuld aan degene die gepest wordt”, zegt Ferry, “ook de leraren”. Op de Ambelt voelt hij zich voor het eerst veilig. “Hier is het leuk.”

Op De Ambelt zitten 'leerlingen met een handleiding', zegt adjunct-directeur Rob van Luyn. “Door ingenieus te roosteren krijgt ieder kind hier een eigen programma. Elke leerling is voor ons een klas.” Samen met zijn mede-adjunct, Bert van Gaasbeek, belast met pedagogisch-didactische zaken, legt hij uit dat de schoolbevolking voor meer dan eenderde bestaat uit kinderen met autistische en aanverwante stoornissen, voor een ander derde deel uit kinderen met ernstige vormen van ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder) en voor het overige uit kinderen die andere psychiatrische of somatische ziektes hebben. “De complexe problematiek zit vooral `in het kind en niet zozeer in het milieu waarin hij opgroeit. Wij hebben de term langdurig ziek geleidelijk aan ruimer ingevuld en zijn een van de eerste scholen voor speciaal onderwijs die zich hebben gespecialiseerd in autisme en aanverwante stoornissen en ADHD.” De rust die in de klaslokalen heerst komt weldadig over. Menig leerkracht in het regulier onderwijs zou hier jaloers op kunnen zijn.

De Ambelt kan de toeloop maar nauwelijks aan. De school heeft kinderen uit 52 gemeentes tot tachtig kilometer buiten Zwolle. “We hebben een wachtlijst met 150 kinderen die doorloopt tot in het jaar 2000”, verzucht Van Luyn. “We moeten nu nog 62 gesprekken voeren met ouders en kinderen die zich het afgelopen schooljaar tussen april en augustus hebben aangemeld.”

De toename van kinderen met psychiatrische stoornissen en ernstige sociaal-emotionele problemen verklaren de beide adjuncten vooral uit een verfijndere diagnostiek en uit de hooggestemde eisen die de samenleving en dus ook het onderwijs aan leerlingen stelt. Van inmiddels heel gewone zaken als kringgesprekken en met elkaar samenwerken raken autistische kinderen volkomen ontregeld. Maar ook ADHD'ers slaan op tilt van alle prikkels die op gewone scholen op ze afkomen. Bert van Gaasbeek: “Maar we krijgen hier ook kinderen die angstig en depressief zijn en altijd de zwarte piet zijn geweest. Op een kleine basisschool in een dorp lukt het soms nog net, maar als ze naar het voortgezet onderwijs gaan knalt het eruit.” Aanhoudend gepest worden is een niet te verwaarlozen risicofactor, weten Van Luyn en Van Gaasbeek uit ervaring. Ze kennen twee gevallen van elf- `a twaalfjarige kinderen die om die reden een serieuze su¨icidepoging ondernamen.

De afdeling speciaal onderwijs telt zo'n 160 leerlingen tussen de drie en twaalf jaar, het voortgezet onderwijs wordt door 240 jongeren tussen de twaalf en twintig jaar bezocht. Een klein deel doet Mavo, maar de meerderheid volgt verschillende gradaties van beroepsgericht onderwijs, vari¨erend van tuinbouw, techniek tot administratie. Er is ook nog een groep leerlingen voor wie dit allemaal te veel gevraagd is. Zij worden voorbereid op eenvoudig werk, al dan niet in een beschermende omgeving. Hun programma heet VMB, voorbereiding op maatschappij en beroep: zelfstandig worden, een gesprek voeren, seriematig werken, wennen aan een dagritme. De school gaat op zoek naar een werkplek, waar ze beginnen als stagiair. Dat lukt boven verwachting goed, vertelt Els Arkesteyn, die met deze leerlingen in een houten gebouwtje aan het werk is. “De afgelopen twee jaar hebben we 22 van deze moeilijkst plaatsbare jongeren aan een werkplek geholpen.” De Ambelt is er trots op. “Een honderd procent score”, zegt Van Luyn. “We moeten voorkomen dat ze de psychiatrie induiken”, aldus Arkesteyn. De subsidie die de school ervoor krijgt van het Europees Sociaal Fonds is voorlopig verlengd.

Voor kinderen met een ernstige autistische of aan autisme verwante contactstoornis biedt de school een speciaal, uit de Verenigde Staten afkomstig project, dat optimale structuur biedt in ruimte en tijd en in visualisering en voorspelbaarheid van hun bezigheden. Ze zitten op vaste tijden in kleine prikkelarme cabines, waar ze opdrachten maken uit gekleurde mandjes die overeenkomen met een werkschema dat volgens dezelfde kleuren is opgezet.

Sleutelwoorden van het onderwijs op de Ambelt zijn structuur en vertrouwen. Belangrijkste is misschien wel dat ze op deze school nergens raar van opkijken en voor ieder kind, hoe ingewikkeld het ook in elkaar zit of hoe bizar de preoccupaties ook zijn, een eigen plan trekken. Bij een deel van de kinderen wordt bereikt dat de stoornis 'verbleekt'. Van Luyn: “Doordat we een grote en gespecialiseerde school zijn kunnen we de kinderen veel bieden. De docenten zijn goed getraind, de ouders kunnen cursussen volgen over autisme en ADHD en we hebben alle hulptroepen, van logopedisten tot kinderartsen, maatschappelijk werkers en psychiaters in huis.”