Teletubbies centraal in pedagogische twist

Sinds begin vorige week zitten peuters als het even kan twee keer per dag voor de tv. Dan komen Po, Laalaa, Tinky Winky en Dipsy, samen de Teletubbies, de huiskamer binnen. Peuters en kleuters zijn razend enthousiast. Hun ouders iets minder.

DEN HAAG, 11 SEPT. Om vier uur mag in kinderdagverblijf Calimero in Den Haag even de televisie aan. De kinderen weten het al, de Teletubbies beginnen. Onder leiding van leidster Els Slingerland scharen twintig opgewonden kinderen zich voor de televisie. De herkenningsmelodie begint en het is stil.

Het verhaal is eenvoudig. De Teletubbies, vier dikke beertjes met een televisiescherm in hun buik en een antenne op hun hoofd, wonen in een eeuwig groen en zonnig Teletubbieland. Ze spelen, giechelen, eten Tubby-toast of Tubby-vla en laten zich voortdurend op de grond vallen. Af en toe gaat er een windmolen draaien, de televisieschermen gaan dan gloeien en er verschijnt een filmpje over een echt kind.

Het programma is gemaakt door het Engelse bedrijf Ragdoll voor de BBC en in Nederland gekocht door Teleac/NOT. Volgens de educatieve omroep passen de Teletubbies in haar beleid om de denk- en spraakontwikkeling van peuters te stimuleren.

De vier beesten zijn inmiddels een hit. Volgens kijk- en luisteronderzoek trekken de Teletubbies bijna 200.000 kijkers. “Twee- en driejarigen zijn er gek op”, aldus Teleac woordvoerder L. Both.

Ouders zijn minder enthousiast. De Teletubbies zouden stompzinnig zijn en de kinderen te weinig leren. En inderdaad, de Tubbies praten slechts in babytaal en de serie lijkt een aaneenschakeling van herhalingen.

Tea de Vlieger, moeder van Sara, 3, houdt het dan ook op “die domme beesten”. “Sara vindt televisiekijken leuk. Thuis kijkt ze meestal naar Disney-video's. Daar leert ze dan ook nog iets van. Deze beesten praten niet, Platvoet van Disney tenminste wel”, zegt De Vlieger.

Ook deskundigen hebben kritiek. “De educatieve waarde van het programma is een illusie”, meent R. de Groot, orthopedagoog aan de Rijksuniversiteit Groningen en lid van de Nationale Speel Raad, een organisatie die het spelgedrag van kinderen bestudeert.

“De Teletubbies is aardig, maar in die fase van de ontwikkeling moet de voorkeur worden gegeven aan spelenderwijs leren met behulp van speelgoed.”

Volgens De Groot kan een peuter doordat de samenwerking tussen de ogen nog niet optimaal werkt, geen diepte zien. Daardoor is het kind nog aan driedimensionale zaken gebonden en niet toe aan het platte beeld van de televisie. “Het is volstrekte nonsens dat zo'n programma wordt verkocht als educatief. Voor een kind is het belang dat het eerst met de werkelijkheid in aanraking komt en niet met wereldvreemde monsters als de Teletubbies”, aldus De Groot.

Logopedisten leggen uit dat kinderen leren praten door de interactie met een volwassene die qua taalgebruik een stap hoger zit en niet op het niveau van het kind, zoals de Teletubbies doen.

Teleac/NOT wijst erop dat alle 260 afleveringen goed doordacht zijn en door de Engelse producenten Anne Wood, ooit onderwijzeres, en Andrew Davenport, taalkundige, getest in Britse scholen. Het programma levert volgens de omroep een belangrijke bijdrage aan de ontwikkeling van peuters. “De kinderen kunnen zich door de taal identificeren met de Teletubbies. Daarnaast daagt het programma hen uit om mee te doen. En kinderen zijn gek op herhalingen. Ze kunnen wel honderd keer om hetzelfde vragen. Twintig minuten lang zijn ze geboeid”, zegt Both.

In Calimero is het echter na tien minuten een geschuifel van jewelste. Tijdens de eerste vijf minuten van het programma werd er gezwaaid en meegekraaid met de Tubbies. Melissa, 3, kirde samen met een tv-cerubijntje en Sara zong mee met de aanstekelijke muziek en lachte om Po, de kleinste, rode Tubby.

Maar al snel slaat de verveling toe. Het programma duurt voor de peuters te lang en de kinderen boven de vijf vinden het saai door de vele herhalingen. “Daarom is Tiktak zo leuk. Dat duurt slechts vijf minuten”, zegt leidster Slingerland.

De Teletubbies zijn echter meer dan een programma. In Groot-Brittannië, waar de serie uitzinnig populair is, verkopen winkels Teletubbie-badschuim, boekjes en vele andere artikelen. Het lied 'Eh-oh' bleek populairder dan de nieuwste hit van de Spice Girls.

Ook in Nederland slaan de vier Tubbies aan. Het Easy Learning Centre in Den Haag was binnen twee dagen door de voorraad Dipsy- en Tinky Winky-poppen heen. De verkopers vertellen dat kinderen beginnen te glunderen zodra ze de Tubbies zien en ze meteen willen hebben.

Er verschijnen overigens geen producten zonder de toestemming van producente Anne Wood. Onlangs verbood ze de productie van een Teletubby-zonneklep omdat die ongeschikt was voor peuters.