Perspectief blijft gunstig; Trage afgifte vergunningen remt Volker

ROTTERDAM, 11 SEPT. De omzet van Volker Wessels Stevin is in de eerste helft van 1998 met 4,3 procent gedaald tot 1,94 miljard gulden. Het bouwconcern wijt die teruggang vooral aan vertraging bij het verkrijgen van bouwvergunningen.

Volker Wessels Stevin maakte vanmorgen bekend over de eerste helft van dit jaar een winst te hebben behaald van 60 miljoen gulden. Dat is 13 procent meer dan in de eerste helft van 1997.

In een toelichting op de cijfers zei vice-voorzitter H.J. Hazewinkel dat zijn bedrijf de achterstand in het lopende halfjaar verwacht goed te maken. “Die omzet loopt niet weg. De projecten vallen nu gewoon wat langer onder onze orderportefeuille”, aldus Hazewinkel. De orderportefeuille bedroeg op 30 juni 4,2 miljard gulden, tegen 3,65 miljard gulden halverwege 1997.

Hazewinkel, die in mei volgend jaar A. van Baardewijk opvolgt als eerste man bij het Rotterdamse bouwbedrijf, toonde zich vanmorgen zeer positief over de toekomstperspectieven voor Volker Wessels Stevin. “We zien dat er een breed draagvlak onder de groei zit”. Hij verwacht dat het bedrijf over heel 1998 een winstgroei zal kunnen boeken van circa 15 procent. Daarmee ligt de winstgroei lager dan in 1997, toen het resultaat met 25 procent toenam.

Volker Wessels Stevin bleef in de eerste helft van 1998 achter bij concurrenten als NBM-Amstelland en Heijmans, die gisteren winsttoenames rapporteerden van respectievelijk 73 en 38 procent. Bij NBM-Amstelland, dat eerder dit jaar bouwbedrijf Wilma Nederland inlijfde, steeg de omzet met ruim 49 procent, bij Heijmans nam de omzet met 28 procent toe.

De fusie tussen de bouwbedrijven Volker Stevin en Kondor Wessels, die in juni vorig jaar officieel zijn beslag heeft gekregen, heeft volgens vice-voorzitter Hazewinkel het afgelopen jaar duidelijk profijt opgeleverd. “De beoogde synergie is in de praktijk ook al gebleken. We zijn er nog niet, maar we gaan wel in de goede richting”, aldus Hazewinkel.

Net als andere bouwbedrijven, zoals NBM-Amstelland, wil Volker Wessels Stevin de komende jaren een steeds groter deel van het hele proces rondom bouwen in eigen hand houden: daardoor kunnen de winstmarges verbeteren, kan de kwaliteit van de producten omhoog en is het mogelijk om flexibeler te bouwen.

Hazewinkel verwacht dat de Nederlandse woningmarkt ook de komende jaren gunstig blijft voor bouwbedrijven, al ziet ook hij wel een situatie ontstaan waarbij vraag en aanbod meer met elkaar in evenwicht zijn. “We moeten ons steeds meer realiseren dat we een consumentenproduct leveren, waar het daadwerkelijke bouwen van de woning maar een onderdeel van is. (...) Als bouwonderneming moet je kunnen inspelen op een veranderende vraag. Nu is er behoefte aan duurdere huizen, maar over een paar jaar zal er ongetwijfeld weer vraag ontstaan naar starterswoningen”, aldus Hazewinkel.