NA DE GEMEENTELIJKE HERINDELING; Eindjes aan elkaar knopen

Een groot aantal steden en dorpen, met name in Brabant, Limburg, Zeeland en Drenthe, heeft de laatste jaren met een herindeling te maken met vaak pijnlijke gevolgen.

AA EN HUNZE, 11 SEPT. De jukebox in café Hofsteenge zwijgt. Maar er klinkt wel muziek, uit de luidsprekers aan het plafond komen de liedjes van de regionale omroep. Het café is kroeg, restaurant en huiskamer tegelijk. Er is een bar en er staan twee luie stoelen bij een dressoir-met-tv. Op de leestafel liggen de Weekend, de Margriet en de Drentse Courant. Aan de tafeltjes zit niemand, op het terras zitten wat klanten.

Café Hofsteenge is gevestigd in het oude gemeentehuis, in het centrum van Rolde, een rustig Drents plaatsje. Er is weinig verkeer, er fietsen wat toeristen en er zijn bezoekers van de lokale hunebedden, pal naast het kerkhof. Rolde behoort met Anloo, Gasselte en Gieten tot de nieuwe gemeente Aa en Hunze, die per 1 januari van dit jaar tot stand is gekomen.

Aa en Hunze ligt ingeklemd tussen Assen, Veendam en Zuidlaren, in de kop van Drenthe. Er wonen zo'n 25.000 inwoners in 34 kerkdorpen met exotische namen als Annerveenschekanaal en Gasteren Geelbroek. Uitbater J. Hofsteenge van het café ziet de nadelen van de nieuwe, grote gemeente. Vroeger, zegt hij, kwam je de Rolder wethouders en ambtenaren tegen op het voetbalveld. “Daar regelde je de zaken even. Of ze zeiden: 'kom morgen maar even langs'. Dat is er niet meer bij.”

Hofsteenge heeft niet geprotesteerd tegen de herindeling. “Het gaat gewoon zo. Wat moet je er tegen doen?” Die berustende houding is ook elders in de nieuwe gemeente waar te nemen. “Ik vind het maar niets, die nieuwe gemeente”, zegt mevrouw J. Bezema in Gasselternijveenschemond, pal naast Veendam. “Als ik nu naar het gemeentehuis moet, ben ik een kwartier met de auto onderweg. Maar je kunt er toch niets tegen inbrengen. Je hebt het maar te accepteren.” Nee, protestgroepen of actiecomités zijn er niet opgericht, zegt Bezema. “Dat is niet zo van hier. Mar als die er wel waren gekomen, had ik me daar zeker bij aangesloten.”

Er is niet veel protest geweest, beaamt burgemeester R. Munniksma in zijn werkkamer van het gemeentehuis dat in Gieten staat. “Ik heb het idee dat men het in het algemeen wel prettig vindt dat de bestuurders wat verder bij de burger vandaan zijn komen te staan. In elk van de gemeenten wisten ambtenaren zo ongeveer alles van iedereen. Dat had ook zijn nadelen. Nu zijn de contacten zakelijker.”

Nadat Drenthe in het begin van de jaren negentig besloot tot een grootschalige herindeling van de provincie, werd vrij snel duidelijk dat Gieten, Gasselte en Anloo één gemeente wilden vormen. De drie dorpen telden ongeveer evenveel inwoners en hadden hetzelfde, landelijke karakter. Inspraak maakte vervolgens duidelijk dat Zuidlaren niet met de drie wilde meedoen, terwijl het aangrenzende Rolde op zijn buurt niet wilde opgaan in Assen. Munniksma: “Logisch dat we met z'n vieren verder zouden gaan.”

Het samenvoegingsproces verliep zonder “al te veel schrikbarende hobbels”, aldus Munniksma, toen nog burgemeester van Anloo. Er kwamen rapporten, werkgroepen en inspraakronden die uiteindelijk uitmondden in een nieuwe gemeente op 1 januari 1998. Het ging er niet om een gemeente te krijgen met een kleiner ambtelijk apparaat of met lagere lasten, zegt Munniksma. “Het is een fabeltje om te denken dat herindelingen leiden tot lagere lasten voor de burgers. Maar dat is wel moeilijk uit te leggen. Want je ging toch tot herindeling over wegens het efficiëntere apparaat? Dat zou toch lagere lasten tot gevolg moeten hebben?”

De bedoeling was dat het gemeentelijke apparaat professioneler zou worden, aldus Munniksma. Er moesten meer ambtenaren komen met een specialisme, die bovendien vaker en beter bereikbaar zouden zijn voor de burgers. “De dienstverlening wordt beter”, zegt hij. Maar daar hangt wel een prijskaartje aan, geeft Munniksma toe. Sterker nog: als de dienstverlening op het huidige, hoge niveau moet blijven, zullen de lasten de komende jaren nog omhoog moeten. “Anders is dat niet te financieren. Wanneer de lasten gelijk blijven, hebben we over drie jaar een grote, maar armlastige gemeente.”

En ook dat wordt weer lastig uitleggen. Vooral omdat na de herindeling verschillende dorpen al te maken kregen met fors hogere lasten. Zo moest in Rolde, wegens de harmonisering van de lasten in de vier gemeenten, de afvalstoffenheffing met 20 procent en de onroerend-zaakbelasting met 25 procent omhoog. “Toen hebben we een hoop telefoontjes gehad”, zegt een woordvoerder van de gemeente.

Geld, dat is vooralsnog het probleem in Aa en Hunze. De herindeling heeft, Munniksma durft het bijna niet te zeggen, tussen de vijftien en twintig miljoen gulden gekost. Dat geld was nodig voor adviseurs, de omscholing en bijscholing van ambtenaren, de aanpassing van de huisvesting. “Dat is een fabelachtig groot bedrag”, bekent Munniksma. Na aftrek van de rijksbijdrage moest elke gemeente zo'n 2,5 miljoen gulden reserveren.

Munniksma: “De vier afzonderlijke gemeenten konden financieel goed rondkomen. Door de financiële gevolgen van de herindeling kreeg Aa en Hunze te maken met relatieve armoede. We hebben nu moeite om de eindjes aan elkaar te knopen.” De komende maanden wordt gekeken waar nog geld is te halen. Dat gebeurt onder andere door de subsidiestromen nader te onderzoeken. Verder worden er zaken ineengeschoven, wat tot besparingen kan leiden. Nu zijn er nog vier bibliotheken, met vier besturen. Die vier bibliotheken krijgen nu één bestuur.

Caféhouder Hofsteenge ziet het allemaal niet zo somber. “Daar schieten we niets mee op. Een grotere gemeente kan meer doen aan het toerisme, meer betekenen voor het bedrijfsleven. Niemand is er mee gebaat als je dwars gaat liggen.”