Salonen dirigeert met visie en techniek

Concert: The Los Angeles Philharmonic Orchestra o.l.v. Esa-Pekka Salonen. M.m.v. Lorraine Hunt, mezzosopraan. Met 'Slonimsky's earbox' van John Adams, 'Lemminkäinen legenden' van Jean Sibelius en 'Lieder eines fahrenden Gesellen' van Gustav Mahler. Gehoord: 8/9, Concertgebouw Amsterdam.

Een intiem fluisterend pianissimo, een strijkersklank die als een draad uit een cocon van stilte wordt getrokken, fraseringen als met een schaartje geknipt - The Los Angeles Philharmonic Orchestra heeft het allemaal, en nog veel meer, in huis. Onder leiding van de Finse chefdirigent Esa-Pekka Salonen verzorgde het LA Phil dinsdag het eerste concert in de serie Wereldberoemde Symfonieorkesten in het Concertgebouw.

De deze zomer veertig jaar geworden chefdirigent Esa-Pekka Salonen - in zijn positie navolger van onder anderen Otto Klemperer en Eduard van Beinum - is een dirigent met visie, lef en techniek. En voortdurend weet hij de helderheid in het orkest te bewaken, die stralende lichtheid in samenklank die je bij Europese orkesten eigenlijk nauwelijks hoort. Zelfs met een kleine honderd musici on stage wordt The Los Angeles Philharmonic geen moment te zwaar.

In een opzwepende uitvoering van John Adams' Slonimsky's earbox - een compositie die in zijn symfonische jazzoriëntatie in de verte verwant is aan Leonard Bernsteins Prelude, fugue and riffs - werden de snelle loopjes in een zeldzaam synchroon samenspel uitgevoerd en in een uitgewogen balans tegenover de weidse vergezichten geplaatst.

In de Lemminkäinen legenden van Salonens landgenoot Sibelius was het vooral een stemmingsvol kleuren van de verschillende instrumentengroepen naar de 'handeling' van dit symfonische gedicht, gebaseerd op vertellingen uit het nationale Finse epos, de Kalevala. Lustig huppelende meisjes van Saari, ijzig gedempte strijkersklanken als de held Väinämöinen, in zijn Odyssee naar het land van de tijdloosheid, het Dodenrijk ontwaart, en die prachtige althobo-solo als de zwaan majestueus voortglijdt in het water van het Dodenrijk.

Toch lag het werkelijke hoogtepunt al voor de pauze: de vertolking van Mahlers Lieder eines fahrenden Gesellen door de Amerikaanse mezzosopraan Lorraine Hunt. Hunt geniet vooral bekendheid door haar interpretaties van het oudere repertoire, maar deze op muziek gezette, lyrische dichtstukken waarin de aangename herinnering aan vroeger wordt afgewisseld met de treurigheid om het verlies ervan zijn Hunt op haar donker kleurende stembanden geschreven.