Serieuze discussies over dameslingerie

De komende twee weken valt de beslissing over de voorgenomen fusie van de detailhandelsconcerns Vendex en KBB. Mag Jaap Blokker de Hema kopen? Of worden alleen de lingeriewinkels van Hunkemöller afgestoten?

Besluiten van de NMa zijn te vinden op de website: www.nma-org.nl

AMSTERDAM, 9 SEPT. Bedrijven kopen en plannen maken, liet Anton Dreesmann zich ooit ontvallen als de baas van Vendex, is nog eens wat anders dan onderbroeken verkopen. Vandaar dat hij in de jaren zeventig en tachtig in hoog tempo een conglomeraat uit de grond stampte. Toch zijn het juist de onderbroeken, voor dames en baby's, waar het nu weer om draait in de onderhandelingen over de fusie van Vendex met Koninklijke Bijenkorf Beheer (KBB).

De huidige topman van Vendex is net zo'n ondernemer als Dreesmann was. Geheel in de geest van de jaren negentig heeft Jan Michiel Hessels de afgelopen tien jaar de kralenkettingen van Dreesmann weer netjes ontvlochten. Eerst gingen de buitenlandse bezittingen de deur uit. Daarna volgde opsplitsing van het conglomeraat tot drie bedrijven met ieder een echte kernactiviteit. De diensten van Vedior gingen zelfstandig naar de beurs. De supermarkten van Vendex en De Boer Unigro zijn al bijna gefuseerd. En - wat Dreesmann nooit was gelukt - het huwelijk van V&D met de Hema en de Bijenkorf van KBB (Koninklijke Bijenkorf Beheer) staat voor de deur.

Maar Hessels blijft een van de grootste verkopers van onderbroeken in Nederland. En hij wordt, na de voorgenomen fusie met KBB, de allergrootste. Met in het 'productassortiment dameskleding, damesnachtkleding en damesochtendjassen' een marktaandeel van ongeveer 70 procent.

Vendex en KBB praten al enige maanden met de juristen van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) over hun fusieplannen. De NMA onderzoekt of de nieuwe combinatie niet te machtig zou worden, in bepaalde segmenten, in productcategorieën of op bepaalde locaties. In die discussies gaat het bijvoorbeeld om de definitie, de afbakening, van zo'n categorie als lingerie of babykleding.

“Moet je kinderkleding voor kinderen van nul tot zes jaar nemen of van nul tot twee jaar?”, gaf Hessels gisteren als voorbeeld bij de toelichting op de halfjaarcijfers van Vendex. “En dragen kinderen van anderhalf niet soms al kleding voor kinderen van zes jaar? En zou je de luiers niet mee moeten rekenen, want consumenten hebben haast en kopen het liefst bij dezelfde winkel luiers en kleding?”

Over dat soort vragen, vertelde Hessels, “voeren we heel serieuze gesprekken. En als je maar ver genoeg afbakent, vindt je vanzelf een categorie waar we een behoorlijk marktaandeel hebben.”

De worsteling van de NMa met de afbakening van die categorieën en markten was al te lezen in hun besluit van 22 juni, de afsluiting van de eerste fase van het onderzoek en het begin van de tweede fase (zie ook de website van de NMa). Die tweede fase moet op 8 oktober zijn afgerond. Dan ligt er waarschijnlijk een besluit van de NMa dat voorwaarden stelt aan de fusie - voorwaarden waar zowel Vendex als KBB mee kunnen instemmen. Want daarover praten ze nu. “Binnen een à twee weken hebben we duidelijkheid”, zei Hessels gisteren.

De NMa kijkt naar drie onderwerpen. Zijn de warenhuizen een aparte markt, zodat V&D, Bijenkorf en Hema samen bijna 100 procent marktaandeel hebben? Of concureren de warenhuizen met speciaalzaken en hebben ze dus slechts 11 procent van de detailhandel in niet-levensmiddelen? Hessels wekte gisteren de indruk dat de NMa kan leven met de ruimere definitie. Als een van de drie warenhuizen verkocht moet worden - de Hema aan Jaap Blokker bijvoorbeeld - gaat volgens Hessels de fusie ook niet door. De kostenbesparingen die de fusie wenselijk maken, moeten immers bij de warenhuizen vandaan komen.

Het tweede onderwerp is de geografische macht in winkelcentra. Ook daar verwacht Hessels geen problemen. Hij gaf het voorbeeld van het nieuwe winkelcentrum de Kalvertoren in het druk concurrerende Amsterdam, waarbij Hessels gemakshalve voorbij ging aan de winkelcentra in de provinciesteden, waar de winkelketens van Vendex en KBB duidelijk de boventoon voeren. “In de Kalvertoren hebben onze winkels een relatief bescheiden aantal vierkante meters. En het aantal nieuwe winkelformules is er groter dan waar ook.”

Het derde onderwerp waar de NMa naar kijkt is de dominantie van Vendex-KBB in bepaalde categorieën. De vijf belangrijkste zijn: dameslingerie (marktaandeel ongeveer 70 procent), baby-kleding onder twee jaar (marktaandeel meer dan 70 procent), dameskleding (meer dan 50 procent), lederwaren (30-35 procent) en juweliersartikelen, sieraden en horloges (30-35 procent). Als de warenhuizen mogen blijven, zal het offer voor de fusie waarschijnlijk neerkomen op het verkopen van een tweetal ketens van de speciaalzaken om wat van die 70-procenten af te brokkelen. Eerlijk verdeeld over beide fusiepartners: Prénatal-babykleding van KBB en Hunkemöller-lingerie van Vendex.

Zou u kunnen leven met de verkoop van bepaalde winkelformules, werd Hessels gisteren gevraagd. “Dat is prematuur. Daar is nu nog niets over te zeggen.”