'Razzia's' in Kosovo wekken zorg Rode Kruis

GENÈVE/BELGRADO, 9 SEPT. Het Internationale Rode Kruis maakt zich zorgen over het grote aantal arrestaties in Kosovo. De afgelopen dagen hebben de Servische autoriteiten zeshonderd Albanese mannen opgepakt op verdenking van 'terroristische activiteit'.

Een woordvoerder van het Internationale Rode Kruis zei gisteren dat het grote aantal arrestaties doet denken aan soortgelijke acties in Bosnië. “Dit was de eerste duidelijke razzia [in Kosovo]. Dit soort acties heeft een enorme emotionele lading door wat er in het verleden op de Balkan is gebeurd. Ze wekken herinneringen aan soortgelijke situaties die op dodelijke wijze zijn afgelopen”, aldus de woordvoerder van het Rode Kruis.

De Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken, belast met mensenrechtenkwesties, John Shattuck, bracht de kwestie van de arrestaties maandag ter sprake in een onderhoud met de Joegoslavische president Miloševic. Hij zei daarbij dat volgens ooggetuigen bij de razzia's “de mannen in de dorpen van hun gezinnen werden gescheiden” waarna de mannen werden weggevoerd.

Die praktijk werd door de Bosnische Serviërs ook toegepast, bijvoorbeeld in Srebrenica, waar zevenduizend moslim-mannen nooit meer zijn teruggezien en zo goed als zeker zijn vermoord. Miloševic beloofde Shattuck overigens maandag dat het Internationale Rode Kruis de arrestanten zou mogen opzoeken.

De Servische autoriteiten toonden buitenlandse journalisten gisteren tussen Glodjane en Jablanica in het westen van Kosovo een massagraf met twaalf lichamen. Volgens de Serviërs ging het om Servische burgers die door leden van het Kosovo Bevrijdingsleger (UÇK) zouden zijn geëxecuteerd. Er zouden in het massagraf in totaal rond veertig lijken liggen.

De Servische strijdkrachten zetten gisteren in Kosovo hun offensief voort met bombardementen op zeven dorpen in de buurt van Pec. Daarbij zou een nog onbekend aantal vluchtende burgers om het leven zijn gekomen.

Niet bekend

Adem Demaçi, de politieke vertegenwoordiger van het UÇK, heeft gisteren aangedrongen op de vervanging van Christopher Hill, omdat hij “zijn werk niet correct doet”. Volgens Demaçi is Hill - ambassadeur van de VS in Macedonië - “niet in staat geweest de verslechterde relaties tussen de Albanese gemeenschap in Macedonië en de autoriteiten in Skopje te verbeteren” en kan hij “derhalve niet pretenderen een oplossing te vinden in Kosovo”. Eerder heeft Demaçi Hill verweten de Albanezen onder druk te zetten met de haast waarmee hij een regeling wil bereiken. (Reuters, AFP, AP)