Dansgezelschap krijgt schadevergoeding; Subsidie Djazzex onrechtmatig gestopt

DEN HAAG, 8 SEPT. Het ministerie van OCW gaat een schadevergoeding betalen aan het in 1997 opgeheven dansgezelschap Djazzex vanwege de onrechtmatige wijze waarop de subsidie aan het gezelschap werd stopgezet.

De partijen hebben vorige week overeenstemming bereikt over de hoogte van het bedrag, maar willen daarover in afwachting van de afhandeling nog geen mededelingen doen. De schadevergoeding is een gevolg van een vonnis van de Arrondissementsrechtbank in Den Haag, die de wijze waarop de subsidie-stopzetting tot stand kwam onrechtmatig achtte.

Met ingang van het huidige Kunstenplan dat in september 1996 door de Tweede Kamer werd goedgekeurd, zette oud-staatssecretaris van Cultuur, Aad Nuis, de subsidie aan Djazzex stop. De stopzetting was in overeenstemming met een negatief advies van de Raad voor Cultuur. Het gezelschap stopte in januari 1997, maar vocht het besluit van Nuis aan bij de bestuursrechter. Deze stelde het gezelschap na uitgebreid onderzoek en na getuigenverhoren in het gelijk en oordeelde dat zowel de Raad als het ministerie onzorgvuldig gehandeld hebben. De Raad kon niet aantonen dat de leden van de dans-commissie de voorstellingen van Djazzex bezocht hadden, de verslagen van deze bezoeken ontbraken, er hadden geen tussentijdse evaluatie-gesprekken plaats gehad, en de beoordelings-criteria waren onduidelijk. Het ministerie liet vervolgens na het raadsadvies op kwaliteit en zorgvuldigheid te controleren.

De schadevergoeding zal volgens het ministerie van OCW ten laste komen van de huidige kunstbegroting. Volgens Marijke Tulp, oud-zakelijk leidster van Djazzex en nu zakelijk leidster van de Hoofdstad Operette, zal de schadevergoeding in “overeenstemming met de doelstelling van de Stichting” besteed worden. Oogmerk van de Stichting is de jazz-dans in Nederland te bevorderen.

Een woordvoerster van OCW spreekt van “een bijzondere zaak, die geen precedentwerking zal hebben”. “De rechter bestrijdt niet dat wij een subsidie stop mogen zetten, maar heeft moeite met de manier waarop dat gebeurd is. We hebben inmiddels een zwaardere onderzoeksplicht geformuleerd ten aanzien van de oordelen van de Raad voor Cultuur”. Het ministerie zag geen aanleiding in hoger beroep te gaan tegen de uitspraak van de rechter, “omdat een schikking altijd beter is dan een rechtsprocedure.”

De Raad voor Cultuur stelt dat “vrijwel alle commissieleden vrijwel alle voorstellingen” van Djazzex hebben bezocht, maar erkent dat die bezoeken niet geregistreerd zijn. De interne procedures zijn inmiddels naar aanleiding van het conflict met Djazzex aangescherpt. Voorstellingsbezoek wordt voortaan geregistreerd en “er zijn regels opgesteld aangaande de vastlegging van de meningsvorming”.