Hagenaren kunnen her en der feesten

Voor wie het het nog niet wist: In Den Haag wordt al maanden feest gevierd. In buurten, op pleinen, in theaters, op het strand en op het Malieveld konden de bewoners de laatste maanden tal van grote en kleinere evenementen bijwonen. Wie goed heeft opgelet kon steeds een hetzelfde logo met cijfers ontwaren: 750.

In 1990 werden in de stad de eerste voorbereidingen getroffen voor het jubileumjaar. Aanvankelijk bestond het idee bij het gemeentearchief om dit jaar een boek uit te geven waarin de integrale geschiedenis van Den Haag zou worden beschreven. Al snel werd één ding duidelijk: de armlastige gemeente had er geen geld voor over. Maar het boek zal er desondanks alsnog komen, in 2004 moet het in de boekhandel liggen.

Uit het negatieve imago van de stad werd uiteindelijk het idee geboren om een feestprogramma voor en door Hagenaars op te zetten. Den Haag was een beetje de schlemiel van de grote steden aan het worden. Een saaie ambtenarenstad zonder geld. Niet iets waar de Hagenaars trots op konden zijn.

Onder leiding van Rein Jan Hoekstra, voormalig secretaris-generaal van Algemene Zaken en nu lid van de Raad van State, sloeg een groepje particulieren de handen ineen.

“De Hagenaar moest weer trots kunnen zijn op de stad. We wilden laten zien wat we hier allemaal kunnen”, zegt Cathrien van Herwaarden-Canneman, secretaris van de Stichting 750 Den Haag. Ze zit in het commandocentrum van de stichting aan het Spui. Stapels boeken, posters en papieren liggen verspreid op de bureaus van de stichting.

Vanaf Koninginnedag tot Prinsjesdag is de stad het decor voor ongeveer tweehonderd activiteiten die het logo van de stichting mogen voeren. De gemeente Den Haag hield zich bewust een beetje afzijdig van de organisatie van het feestjaar. Veel meer dan het ter beschikking stellen van twee miljoen gulden kon het stadsbestuur niet opbrengen. Wel werd door de stichting dankbaar gebruik gemaakt van de gemeentelijke diensten.

Maar vanuit het particuliere initiatief bleken dingen mogelijk die nooit konden of mochten. Concerten op Het Binnenhof, een beeldententoonstelling op Het Lange Voorhout, een sprookje in de Hofvijver, een grootscheepse legeroefening op het strand van Scheveningen en afgelopen zaterdag de Rolling Stones op het Malieveld. Maar het liedje happy birthday werd niet gezongen door de Britse rockformatie.

Wie de verschillende evenementen in Den Haag bezoekt heeft niet direct het idee dat het hier gaat om de viering van de verjaardag van de stad. Er wapperen gele vlaggen en op sommige rondrijdende trams staat in grote letters 750, maar een bruisend verjaardagsfeest is het niet echt.

“In feite zijn het een heleboel verjaardagsfeesten bijelkaar”, zegt Albert Roskam, een van de coördinatoren van de stichting. “Een feest voor alle Hagenaars tegelijk is niet mogelijk. Het is belangrijk dat de Haagse cultuur wordt uitgedragen. Haagse humor, Haagse Harry en Haagse tegenstellingen. De organisatie moet zichzelf een beetje sturen”, zegt Roskam.

En de organisatie stuurde zichzelf. Elk evenement is zelfstandig georganiseerd door musea, sportclubs, orkesten, buurtcentra of speciaal opgereichte stichtingen met eigen sponsors, een eigen begroting en een eigen plan. Als het de goedkeuring van de stichting kon dragen volgde het fiat. Volgens de stichting is het een waterdicht systeem gebleken. Waar evenementen als de Gay Games en de viering van 650 jaar Rotterdam uitdraaiden op financiële fiasco's, eindigt men in Den Haag in de zwarte cijfers.

Misschien is dat nog wel de grootste winst voor Den Haag. De 750-jarige stad, die vanaf dit jaar van haar zogenoemde artikel-12-status is verlost, kan iets organiseren zonder dat er geld bij hoeft. Dat de rest van Nederland nauwelijks doorheeft dat Den Haag feest viert kan de stichting niets schelen. “Dit is een feest voor Den Haag. Er zal geen Hagenaar zijn die het ontgaan kan zijn”, meent Roskam.

Volgens de stichting is de doelstelling al voor het einde van de festiviteiten bereikt. Den Haag is van haar schulden af, het gevoel van eigenwaarde komt weer terug.