Grappen maken over de urn van een aidsslachtoffer

VENETIë, 7 SEPT. 'Ik ben niet tegen seks, maar je kunt er vreselijke dingen aan overhouden: ziektes, kinderen en, het allerergst: relaties,' aldus de 16-jarige Deedee Pruitt (gespeeld door de 18-jarige voormalige kinderactrice Christina Ricci) in The Opposite of Sex, een van de meest originele films die het festival van Venetië dit jaar vertoont.

De levenswandel van Deedee is nogal in strijd met haar opvattingen. Zo verleidt ze de partner van haar homoseksuele halfbroer (Martin Donovan) en maakt deze wijs dat het kind in haar buik van hem is. Ze beschouwt veel homo's als softies: 'Jullie vinden het misschien aardige mensen, ik noem ze 'losers'.' De als regisseur debuterende scenarist Don Roos (hij schreef onder meer Single White Female en Boys on the Side) mag dan zelf verklaard homoseksueel zijn, The Opposite of Sex veegt de vloer aan met politiek-correcte opvattingen. Zowel de hypocriete christelijke Amerikaanse moraal als de slachtofferrol van naar maatschappelijke acceptatie strevende homo's krijgen er genadeloos van langs in deze origineel vormgegeven gitzwarte komedie, vol verbaal vuurwerk en opzettelijk smakeloze grappen over piercings, de verleiding van minderjarigen en de urn van een aidsslachtoffer. Als de film Nederland haalt, wat nog verre van zeker is, zal hij de nodige heisa veroorzaken.

Minder controversieel is de manier waarop in de tamelijk conventionele Britse film Hilary and Jackie van Anand Tucker de slachtoffermythe rond de jong gestorven celliste Jacqueline du Pré gerelativeerd wordt. Mede door Tom Kempinski's op Du Pré gebaseerde toneelstuk Duet for One (verfilmd met Julie Andrews) werd de beroemdste MS-patiënte, de vrouw van pianist Daniel Barenboim, een getroubleerde en verdoemde popster. De film, gebaseerd op de door Du Pré's broer en zuster geschreven biografie A Genius in the Family, probeert een genuanceerd beeld te schetsen, maar de eindindruk is er toch een van een grillig en egocentrisch monster, dat haar zuster Hilary, een bijna even getalenteerde fluitiste, schoffeert tegenover Dame Margot Fonteyn en zich schaamt voor haar nederige afkomst. Het is aannemelijk, maar ook een zwaar aangezet melodrama; wel een erg mooie hoofdrol van Emily Watson (Breaking the Waves).

Paolo en Vittorio Taviani proberen het succes van hun Kaos (1984) te herhalen met het tweeluik Tu ridi, nu niet letterlijk gebaseerd op de Siciliaanse novellen van Pirandello, maar 'op personages in de geest van Pirandello'. Het ene verhaal speelt zich echter af in het fascistische Rome en het andere in de buurt van Trapani, nu en honderd jaar geleden. Elke film van de Taviani's is interessant, authentiek en meeslepend verteld, maar het humanisme ligt er wel erg dik bovenop in beide verhalen, die minder helder en betoverend zijn dan die in Kaos. Maar de woeste dans met de dood van de mafia-ontvoerder in het tweede deel is weer zo'n beeld dat je nooit meer vergeet, zoals de strandscène in Kaos.

Het meest getipt voor de Gouden Leeuw is dit jaar de 78-jarige Eric Rohmer die met Conte d'automne, het laatste deel van zijn 'vertellingen van de vier jaargetijden', weer een film maakte die weinig verrassingen bevat, maar waar ook niets op aan te merken valt. Rohmer noemt Conte d'automne, gesitueerd tijdens de wijnoogst in de Drôme en de Ardèche, over een vrouw die namens haar vriendin een contactadvertentie zet, zijn film die het meest 'in de geest van Balzac' is. Er wordt dus weer veel gepraat over liefde en relaties, zij het dit keer meer door mensen in de herfst van hun leven, dan door adolescenten. Rohmer heeft al een Gouden Leeuw (voor Le rayon vert in 1986) en Conte d'automne voegt weinig meer dan consistent auteurschap toe aan zijn oeuvre.