Concurrentie

WOEDEND WAREN ZE bij KPN, het telecomconcern dat is voorgekomen uit de privatisering en opsplitsing van de voormalige PTT. Woedend over de eis om de binnenlandse lokale en interlokale tarieven drastisch te verlagen. Een regelrechte ramp, een onaanvaardbare inmenging in het management, een aanslag op de winstgevendheid, een inbreuk op het vrije ondernemerschap, een klap voor de beleggers, een ondermijning van de investeringen en een ontmoediging van de concurrentie.

Aldus een furieuze topman van KPN die hiermee reageerde op de eis van Opta, de Onafhankelijke Post- en Telecommunicatie Autoriteit, om de binnenlandse telefoontarieven drastisch te verlagen. De aftopping van de winstmarges op de locale en interlocale telefoongesprekken zou het voortbestaan van de KPN in gevaar brengen.

De Opta is in het leven geroepen als toezichthouder op de telecommarkt, waar het oude staatsmonopolie van de PTT heeft plaatsgemaakt voor de vrije markt. Op het gebied van internationaal en mobiel bellen bloeit inmiddels de concurrentie, maar wat het vaste netwerk van nationaal telefoneren betreft geniet de KPN nog altijd een monopoliepositie. Van die ruimte maakt KPN, zo stelde Opta vorige week vast, gebruik door veel hogere tarieven voor binnenlandse telefoongesprekken te hanteren dan andere Europese telecomconcerns.

DE ONDERNEMING en de toezichthouder staan lijnrecht tegenover elkaar. KPN profiteert van zijn marktpositie en wil een zo hoog mogelijk rendement; Opta moet concurrentie afdwingen en opkomen voor de belangen van de consumenten. Tegenwoordig stelt niet de minister van Verkeer en Waterstaat of het parlement de bovengrens van de telefoontarieven vast, maar een onafhankelijke toezichthouder. Geheel nieuw is zo'n overheidsingreep in de prijsstelling op een gesloten markt overigens niet: het vorige kabinet heeft met wetgeving de medicijnenprijzen verlaagd.

Nederland maakte vorige week kennis met het fenomeen van een waakhond van de markt die niet alleen blaft, maar ook bijt. Sterker, er is sprake van een politiek-ideologische breuk. Na de opmars van de marktideologie in de jaren tachtig illustreert de oprichting van onafhankelijke toezichthouders de aandacht van de overheid voor de geordende werking van die markt. Inmiddels bestaat niet alleen Opta, maar ook de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMA). Deze heeft in algemene zin tot taak om toezicht te houden op eerlijke concurrentieverhoudingen.

Liberalisering van markten brengt grote voordelen met zich mee. Ondernemingen krijgen meer armslag, investeringen kunnen worden gefinancierd door de kapitaalmarkten, productinnovatie krijgt meer kans, consumenten krijgen meer keuzemogelijkheden. Zeker in de explosief groeiende telecommarkt doen zich geweldige mogelijkheden voor. Ondernemers doen er beter aan zich op deze kansen te richten dan af te geven op de instantie die optreedt als de toezichthouder op de markt.