Strafzaak tegen Desi Bouterse weer vertraagd

DEN HAAG, 5 SEPT. De strafzaak tegen de Surinaamse Adviseur van Staat en drugsverdachte Desi Bouterse heeft opnieuw vertraging opgelopen, waardoor het proces zeker niet meer dit jaar zal kunnen beginnen, zo verzekeren bronnen binnen het Paleis van Justitie in Den Haag.

Het onderzoek dreigt bovendien langer te gaan duren omdat de advocaat van Bouterse, A. Moszkowicz, gisteren schriftelijk rechter-commissaris I.E. de Vries, die het gerechtelijk vooronderzoek leidt, heeft gewraakt.

“Bij mijn cliënt Bouterse heeft de rechter de schijn gewekt partijdig te zijn door het horen van een groot aantal getuigen te weigeren of het stellen van vragen maar zeer beperkt toe te staan”, aldus Moszkowicz.

Als de wraking door de Haagse rechtbank wordt toegewezen - hetgeen uitzonderlijk zou zijn - dan moet een nieuwe rechter-commissaris zich inwerken.

De vertraging - aanvankelijk was het proces-Bouterse voor dit voorjaar aangekondigd door de toenmalige super-PG Docters van Leeuwen - is onder andere ontstaan doordat het Haagse openbaar ministerie nog steeds niet heeft voldaan aan het verzoek van de rechter-commissaris een proces-verbaal te overleggen waarin alle gebruikte opsporingsmethoden staan vermeld.

Het gerechtelijk vooronderzoek kan ook niet worden afgerond doordat er nog een groot aantal getuigen moet worden gehoord.

Door een fout van het Nederlandse ministerie van Justitie zijn bovendien de justitiële verhoudingen tussen Suriname en Nederland verder verslechterd. De Surinaamse minister van Justitie, P.R. Sjak Shie, heeft drie maanden geleden per ongeluk een schrijven ontvangen dat de Haagse rechtbankpresident A.H. van Delden op 15 mei richtte aan de toenmalige minister van Justitie Sorgdrager.

Van Delden vroeg in die brief aandacht voor de veiligheidssituatie van 'zijn werknemers' die in Suriname verdachten wilden horen. Die brief is ten onrechte doorgestuurd naar Paramaribo, bevestigt de Haagse persrechter E.J. Numann.

De brief van Van Delden is in Suriname als een grote belediging ervaren en vormde een van de redenen om geen medewerking te verlenen aan het ontvangen van een Nederlandse rogatoire commissie die verdachten in Suriname wilde horen. De Surinaamse minister van Justitie heeft zijn Nederlandse collega op 13 juli geschreven “ernstig bezorgd” te zijn over de “vooringenomenheid” die de Haagse rechtbankpresident in zijn ogen demonstreert.

Suriname heeft ook voor het eerst inhoudelijke, juridische argumenten gegeven om niet mee te werken aan het proces tegen Bouterse, dat een “politiek geëngageerde affaire is”, aldus Sjak Shie.

Pagina 2: Rechter weigert horen van getuigen

Het belastende materiaal tegen Bouterse bestaat voor een deel uit verklaringen van anonieme getuigen. “Een in uw rechtsstelsel vigerend fenomeen dat dermate afwijkt van de Surinaamse nationale strafprocessuele voorschriften en praktijk”, waardoor de Surinaamse regering niet “haar burgers onvrijwillig onder vigeur daarvan kan stellen”, zegt Sjak Shie.

Het horen van getuigen in het gerechtelijk vooronderzoek tegen Bouterse is vertraagd. Een vorige maand gepland bezoek aan een Amerikaanse gedetineerde in Florida, die belastende informatie heeft verstrekt over cocaïnelaboratoria in Suriname, is met vier weken uitgesteld. De rechter-commissaris heeft bovendien het horen van verreweg de meeste getuigen - die de advocaten van de vier Surinaamse hoofdverdachten hadden opgegeven - geweigerd.

De rechter weigert bijvoorbeeld de ex-ministers Sorgdrager en Van Mierlo te laten ondervragen. De advocaten wilden hen horen omdat de ministers volgens de officier van justitie C. van der Voort herhaaldelijk op politieke gronden hebben geïntervenieerd in het drugsonderzoek tegen Bouterse.

De advocaat van Bouterse, A. Moszkowicz, is zeer ontstemd over de weigering van De Vries en heeft herziening van dat besluit gevraagd. Zijn gisteren gedane verzoek om wraking volgt na het verhoor van anonieme getuige nummer-VIII dat donderdag op een geheime militaire basis werd gehouden. Van de 42 vragen die Moszkowicz gesteld wilde hebben, liet de rechter-commissaris er drie toe.

“Alle andere vragen zouden volgens haar hebben kunnen leiden tot het vaststellen van de identiteit van de getuige. Ook de vraag: hebt u Bouterse ooit zelf cocaïne zien dragen, mocht niet worden gesteld”, aldus Moszkowicz. Die houding duidt volgens de advocaat op vooringenomenheid. “Haar optreden is een farce.”

Ook de advocaten G. Hubers en I. Weski hebben begin dit jaar de rechter-commissaris gewraakt omdat ze voortdurende partijdigheid ten gunste van het OM zou hebben gedemonstreerd. Een raadkamer van de Haagse rechtbank wees die verzoeken af. De Haagse persofficier L. Horstink wil geen inhoudelijk commentaar geven. De voorbereiding van de strafzaak - die zo verklaarde ze op 3 juli tegenover het ANP nog dit jaar voor de rechter zou dienen - verloopt “volgens planning”.