Internet

Het heeft zo'n jaar of twintig geduurd, maar Nederlanders bezitten nu samen maar liefst vier miljoen creditcards. Maar om onverklaarbare redenen verlopen sommige andere ontwikkelingen veel sneller: vorig jaar waren er zo'n 800.000 mensen met een aansluiting op Internet, en een half jaar later zijn het er al bijna tweemaal zoveel. Die 800.000 hebben vorig jaar voor 120 miljoen gulden via Internet gekocht, en dit jaar wordt het meer dan 360 miljoen, voor een fors deel ook betaald via het net, zo verwacht onderzoeksbureau IDC. Herbert Blankesteijn lijkt daarom (NRC Handelsblad, 18 augustus) een achterhoedegevecht te leveren met zijn bezwaren tegen betalen via Internet, hoewel zijn scepsis ten opzichte van het cijfer van 1,1 miljard dat het reclamevakblad Adformatie publiceerde zeer terecht is.

Blankesteijns argument dat mensen graag even wachten met betalen gaat kennelijk niet op voor de volksstammen die intussen Internet hebben, hoezeer hij ook gelijk heeft met zijn opmerkingen over het nut van enig uitstel.

Blankesteijn verliest uit het oog dat lagere kosten voor betalingsverkeer ook inhouden - maar zeker niet meteen - lagere kosten voor de consument. Een elektronische winkel opzetten en onderhouden kost aanzienlijk minder dan 'bricks and mortar', zoals de Amerikanen het noemen. Dat betekent dat de webwinkeliers, met name de kleinere die flexibeler zijn en geen logge organisatie meetorsen, lagere prijzen zullen rekenen, ook inclusief de afleveringskosten - die er nu vaak ook zijn.

Van kopen en betalen op Internet worden banken, winkeliers (als ze snel meedoen) en vooral consumenten heel veel wijzer. Ik zie geen enkele weg terug.