Hollands Dagboek: Peter Struycken

Beeldend kunstenaar Peter Struycken (59) spande afgelopen week een kort geding aan tegen het Nederlands Architectuurinstituut, omdat hij bezwaar heeft tegen de aanwezigheid van tijdelijke Zuid-Afrikaanse schilderingen naast zijn lichtkunstwerk.

Woensdag 26 augustus

Mijn dag begint goed. Van twee kanten wordt me het artikel van Wessel Reinink toegestuurd uit de Volkskrant van gisteren. 'Struycken heeft volkomen gelijk' staat er boven. Wie mag die Struycken wel zijn vraag ik me af. In zijn artikel komt Reinink op voor kunst in de openbare ruimte. De aanleiding is het ontoonbaar maken door het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) van het daar in 1992 aangebracht kunstwerk, dat de kolommen van de twintig portalen van het archiefgebouw in wisselende kleuren aanlicht. De kleuren veranderen computergestuurd en zonder herhaling. Iedere tien minuten wordt van een of meer portalen in de galerij een kleurwisseling berekend waarmee de indeling en stemming verandert van de 170 meter lange arcade.

Bijna alle 80 egaal grijze kolomvlakken waarop de gekleurde verlichting zichtbaar wordt, zijn echter tijdelijk overgeschilderd met exotische voorstellingen in het kader van een Zuid-Afrika manifestatie in het instituut.

Interessant is, dat de auteurswet wel een kunstwerk beschermt tegen aantasting, maar niet tegen vernietiging. Aantasting is onder andere het geval wanneer een kunstwerk door derden wordt gewijzigd. De vindingrijke redenering van de rechter hierbij is, dat een vernietigd kunstwerk niet meer bestaat en er dus geen sprake is van aantasting. Die mogelijkheid bied ik aan als blijkt dat het NAi de aantasting niet ongedaan wil maken. Wat mij betreft heb ik liever geen, dan een aangetast werk. Maar niet alleen wil het NAi de huidige aantasting zo laten, het wil de vrijheid hebben ook in de toekomst het werk te veranderen.

Daarover wil ik graag dat een rechter een uitspraak doet in een kort geding dat mijn advocate mr. Diekman, heeft aangespannen tegen het NAi.

Vandaag werk ik verder aan een tekst die ik in m'n vakantie schreef over de kleurmengsels van Democritus (5e eeuw voor Chr.). Het interesseert me, als beeldend kunstenaar, hoe in de Griekse oudheid over kleur gedacht werd. Het geeft aan hoezeer ons denken over kleur sindsdien veranderd is.

Zo'n kleurmengsel is bijvoorbeeld: 'Rood, gemengd met wit, geeft een puur groen'. Sinds meer dan 150 jaar breekt men zich het hoofd over de interpretatie hiervan en soortgelijke mengsels. Men beschouwt ze als raadselachtig zo niet onzinnig.

Mijn advocate belt mij door welke stukken de tegenpartij zal inbrengen.

Bij de stukken zit een programma-overzicht van het NAi voor het komend jaar. Veel activiteiten voor kinderen en activiteiten die zich weliswaar in de arcade afspelen, maar die geen inbreuk zullen betekenen op het lichtwerk. Geen plannen voor een nieuwe aantasting dus. Ik ben bang dat al die speelse activiteiten met een hoog kindvriendelijk gehalte de rechter aan het geeuwen brengen. Het NAi lijkt aan te sturen op een uitspraak die het geding van 'niet spoedeisend belang' bestempelt om daarna rustig haar gang te kunnen gaan. Maar alleen nu, zolang de schilderingen aanwezig zijn, kan de aantasting overtuigend worden aangetoond en dat pleit dan toch weer voor een kort geding.

Ik krijg ook bericht dat het geding op de plaats des onheils zal worden uitgevochten: op 1 september 's avonds in het NAi. Dat geeft de rechter de gelegenheid de aantasting met eigen ogen te zien. In het domein van de vijand zal ik mij niet prettig voelen.

Donderdag Vanochtend met zoon Daniel in het Stedelijk Museum in Amsterdam het werk van zijn natuurlijke vader, de kunstenaar Ad Dekkers, nagekeken op beschadigingen, voordat de werken worden ingepakt. De tentoonstelling van Dekkers was een groot retrospectief, 24 jaar na zijn dood. Het was mooi om het werk in de afgelopen weken weer eens uitgebreid te kunnen zien voordat het, wellicht weer voor jaren, in het depot wordt opgeborgen. De kracht, zuiverheid en stelligheid van het werk van Dekkers is indrukwekkend: grote beheersing gepaard aan grote emotie.

Ook ging ik kijken in het Stedelijk naar de eerste zaal van vier die in opbouw zijn voor de tentoonstelling van ceramiek van Babs Haenen die 4 september opent. Ik ontwierp voor de zalen de kleurgeving in aanvulling op de glazuurkleuren in haar werk. Ik houd ervan om ruimtes in kleur te zetten en zo karakter en stemming te bepalen. Na het langdurig wit dat in de zalen van het museum heerst, zijn gekleurde ruimten een verademing. Pompeii is mijn inspiratie.

's Middags met Daniel naar een computerfirma gegaan om een videokaart te bekijken waarmee één voor één berekende computerbeelden kunnen worden samengesteld tot een afspeelbare 'film'. Jammer dat ik geen gevoel heb voor wiskunde en techniek. Alhoewel ik de kern van mijn kunst kan programmeren, begrijp ik na dertig jaar gebruik van de werking van een computer nog geen jota. Gelukkig is Daniel informaticus.

In de namiddag een oestertje gegeten met Walter Lewin, als astrofysicus verbonden aan het MIT en nu even in Holland. Een goede vriend, die mij voor een aantal processen in mijn werk de wiskundige grondslag leverde. Sinds jaar en dag communiceer ik bijna dagelijks met hem via e-mail. Het gesprek gaat dan ook verder vanaf de laatste mail.

Vrijdag 's Ochtends ga ik bij een bedrijf kijken naar een proef met een nieuw Full Color Systeem van 3M voor het lichtecht vastleggen van digitaal gecodeerde computerbeelden op groot formaat folie. Het resultaat valt tegen. Slechte kleurweergave en slechte korrel. Een tentoonstelling van mijn nieuwe werk nadert. Soms geeft techniek je lang niet wat het belooft. 's Middags de post, e-mail en telefoontjes beantwoord. Een bijna dagelijkse druk, terwijl ik in principe houd van het wat trage en tijdverslindende van geschreven communicatie. Maar ik kan niet goed aan het werk als ik het niet heb afgehandeld. Het is al laat in de middag wanneer ik verder werk aan de tekst over de kleuren van Democritus, maar ik heb nog de hele avond.

Zaterdag Gelukkig zijn de winkels in een nieuwbouw buitenwijk van Gorinchem, te bereiken met de auto, ook zaterdags vroeg open. De ochtend heeft mijn uitgesproken voorkeur. Vroeg uit huis in een stille straat stappen, is een genoegen; het weer is altijd goed.

Ik wordt gebeld dat er in de Volkskrant een stukje staat door Adri - ook gij Brutus?! - Duivesteijn: 'Kunstwerk Struycken kan stootje velen'. Ik krijg een kat en een pluim. Zo spaart hij kool en geit; zal wel zijn politieke instinct zijn. Hij trekt een blik kinderen open om ze spelend op het monument van Brancusi los te laten. 'Moet kunnen' zegt hij. Vind ik ook. Maar Brancusi's monument omwikkelen met plastic en beschilderen zoals de kolommen in de arcade van het NAi, zou ook voor Duivesteijn niet door de beugel kunnen, mag ik hopen.

Aan het einde van de middag komt vriendin Karin Post. Ze heeft levende krab meegenomen. Die moet in de pan voor vissoep. Hoe druk ze ook is met lopende voorstellingen en met projecten en de voorbereiding van een nieuwe dansproductie die in januari uitkomt, gekookt moet er worden in het weekeinde.

Zondag Vroeg op, rustige dag; werken.

Maandag Vandaag op de Rijksacademie kunstenaars bezocht op hun atelier. Bijna wekelijks ben ik er een dag en spreek dan vijf kunstenaars over hun werk. In de loop van het jaar zie ik een vijftigtal van hen. Het zijn altijd enerverende gesprekken en confrontaties. Er is mijns inziens geen enkel standpunt dat niet in principe tot goede kunst kan leiden. Voor mij ligt het zwaartepunt in de gesprekken dan ook op de consistentie en consequenties van het door hen ingenomen artistieke standpunt. Binnenstappen in een atelier en doordringen in de soms raadselachtige visuele voorstellen; achterhalen wat iemand beweegt en daarover in gesprek raken; en proberen de sterke en zwakke kanten in een werk te traceren, behoort tot het meest stimulerende dat ik ken.

's Avonds belt dochter Meta om me een hart onder de riem te steken voor het geding van morgen.

Dinsdag Ik krijg de Volkskrant met het artikel van Carel Blotkamp 'Peter Struycken stapt terecht naar rechter' waarin hij puntgaaf en afdoende de redeneringen van Adri Duivesteijn becommentarieert maar vooral nog eens op scherp zet waar het bij de ophef over de inbreuk van mijn werk omdraait. Geestig is zijn voorbeeld voor het pimpelpaars, oranje en groenschilderen van het Rietveld-Schröderhuis in het kader van een 'moet kunnen'-actie waarop het NAi patent wil.Als ik in de vroege avond bij het NAi aankom, is er tot m'n verbazing veel belangstelling van pers, tv en radio. Blijkbaar ervaart men een uitspraak door de rechter van algemeen belang voor de status van kunst in de openbare ruimte. Als het NAi in het gelijk gesteld wordt, is de kunst in de openbare ruimte vogelvrij. In een brief aan mij beschouwt het NAi het lichtwerk 'als gelegenheid voor reacties van de buitenwereld'. Van die status van je werk word je als kunstenaar niet vrolijk. De architect, Jo Coenen heeft het NAi toch ook duidelijk laten weten dat hij mijn lichtwerk als een permanent deel van zijn gebouw beschouwt.

Mijn advocate doet haar pleidooi goed en zonder ophef. De advocate van het NAi suggereert, ik chargeer wat, dat ik katten, honden, kinderen en antiekmarkten uit de arcade zou willen weren en mij aanmatigend opstel, als was mijn werk heilig. Verder betoogt zij dat in essentie mijn werk over verandering gaat - wat inderdaad zo is: verandering van kleur wel te verstaan - en de verandering door andermans geschilder daar dus passend aansluit. Halverwege de zitting, laat de rechter, de President van de Arrondissementsrechtbank in Rotterdam, Mr. Mendlik, zich rondleiden door en langs de arcade. Hij trotseert er zelfs een flinke regenbui voor en moet de paparazzi manen hem niet te verblinden met hun flitslicht; hij komt tenslotte voor het gekleurde licht. Even voel ik mij in een scène uit een film van Fellini. Ik moet ook denken aan de vele stille avonden en nachten dat ik met de gebroeders Van Manen bezig was het lichtwerk te regelen en te testen tot het werkte zoals het moest.

Hans Paalman en mevrouw Brev, die in de pers als eersten hun verontwaardiging uitspraken over de aantasting van mijn werk, zijn toehoorders bij de zitting en daarmee ook supporters van het laatste uur. Er zijn trouwens meer supporters, hetgeen zeer hartverwarmend is.

Woensdag

Vandaag 'masterclass' over kleur in de 'Werkschuit' in Gouda. Het blijkt een aardig gezelschap kunstenaars. Dames en heren, die geïnformeerd willen worden over de artistieke ontwikkelingen op het gebied van computergestuurde kleur.

Volgende week donderdag doet de rechter uitspraak in het kort geding. Van mijn advocate mr. Diekman begrijp ik dat er globaal genomen drie uitkomsten mogelijk zijn: de rechter kan oordelen dat de zaak niet van spoedeisend belang is omdat de huidige schilderingen weer worden verwijderd. Hij kan het NAi in het gelijk stellen en dus toestaan dat bij tijd en wijle het werk wordt aangetast, of hij kan mij in het gelijk stellen en toekomstige aantastingen tegenhouden door te stellen dat de kolommen in ongeschonden staat voor het licht beschikbaar moeten blijven.