Claude Lelouch ontroert met derwisjen en ijsberen

VENETIE, 5 SEPT. Meer dan Cannes en Berlijn legt het festival van Venetië de nadruk op het werk van filmauteurs, meer of minder bekende regisseurs, die volgens een oude wijsheid hun leven lang steeds dezelfde film maken, zoals Woody Allen, Eric Rohmer of de gebroeders Taviani, die dit jaar allen een nieuwe film op het Lido presenteren.

De Amerikaan James Ivory is gespecialiseerd in veelal op literaire fictie gebaseerde kostuumfilms, met een scherp gevoel voor plaats en tijd, waarin meestal Engelse of Amerikaanse hoofdpersonen geconfronteerd

worden met warmbloediger culturen. Zijn laatste film, A Soldier's Daughter Never Cries, gebaseerd op de autobiografische roman uit 1990 van Kaylie Jones (haar vader James Jones schreef onder meer From Here to

Eternity), gaat terug naar een niet zo ver verleden, Parijs tussen 1963 en 1974, en beschrijft de wederwaardigheden van een Amerikaans schrijversgezin met verfranste kinderen. Dramatisch gebeurt er weinig opzienbarends, en ook Ivory's historische gevoel heeft dit keer meer aandacht voor feitelijke details dan voor de werkelijke tijdgeest; zo schijnen de in Parijs opgroeiende tieners geen weet te hebben van wat zich daar in 1968 op straat afspeelde. Ivory is nu eenmaal meer geïnteresseerd in innerlijk leven dan in straatrumoer.

Claude Lelouch trapt daarentegen doorgaans graag politieke en historische open deuren in. Zijn zeer productieve filmloopbaan staat bol

van de driestuiverfilosofietjes over Grote Gebeurtenissen van de Twintigste Eeuw, met name de Tweede Wereldoorlog, waardoor de kijker vaak het zicht verliest op Lelouch' originele, inventieve en brutale visuele talent. Misschien staat daarom Lelouch relatief hoog aangeschreven bij collega-filmmakers. Voor het eerst sinds jaren maakt Lelouch die reputatie weer eens helemaal waar, in Hasards ou coïncidences, een typische Lelouch-titel, want de invloed van het toeval op 's mensen levensloop is een van zijn stokpaardjes. Het scenario valt nauwelijks samen te vatten, maar Lelouch goochelt met dansende derwisjen, hongerige ijsberen en verliefde mimespelers op een manier die verrast, ontroert en voor de verandering niet leidt tot schouderophalende reacties van de sceptische kijker. Het zou wel eens zijn grootste succes sinds Les uns et les autres kunnen worden.

Het gaat ook erg goed met de jonge acteur Matt Damon, co-auteur en hoofdrolspeler in Good Will Hunting, de grootste hartenbreker van Hollywood na Leonardo Di Caprio, en in Venetië met twee films: hij speelt de titelrol in Saving private Ryan en de hoofdrol in Rounders, een aardige pokerfilm van John Dahl. Damon is daarin een uiterst getalenteerde jonge speler, die zijn grenzen aan het verkennen is, in een wereld waar vergissingen duur betaald worden. De ernstige, onverstoorbaar integere personages van Damon drukken zo'n zwaar stempel op de films waarin hij speelt, dat je hem als de auteur zou kunnen beschouwen. De invloed van sterren op het soort films dat Hollywood voortbrengt, is een ontwikkeling die de bedenkers van de auteurstheorie in de jaren vijftig niet hadden kunnen voorzien. Maar als Rounders een Oscar zou winnen, dan is het voor de bijrol van een Russische pokerspeler, luisterend naar de bijnaam KGB.