Schilderij als projectietest

Wij zijn trots op onze aanwinst of er ontzettend boos om, maar de schilder zelf was er nog niet helemaal tevreden mee. In juni 1942 is Piet Mondriaan aan Victory Boogie Woogie begonnen. Van Victory is dan geen sprake: Rommel moet de slag bij El Alamein nog verliezen, Stalingrad is stevig in Duitse handen. “Ik worstel maar verder met mijn diagonaal schilderij..” schrijft hij aan zijn vriend Harry Holtzman. Fanatiek werkt hij door.

Op een foto, een jaar later in zijn atelier genomen, staat de schilder zijn doek te bekijken zoals alleen kunstenaars naar hun eigen werk kijken. Zijn houding, zijn blik, de trek om zijn mond, alles verraadt wat hij denkt: “Dit is nog niet af”. Intussen voltooit hij een ander schilderij, Broadway Boogie Woogie. Maar de Victory laat hem niet met rust. Omstreeks mei 1943 begint hij er weer aan, en dan houdt het schilderij hem in zijn greep. Op 17 januari 1944 laat hij zich in zijn atelier tegen een bezoeker ontvallen dat aan het bovenste deel nog het een en ander moet worden verbeterd. Twee dagen later: hij gaat met Harry Holtzman in de stad eten. Ze bespreken hun plannen voor de ideale nachtclub. 'Holty' gaat met Piet naar huis, vertrekt pas om een uur of vier in de ochtend, en dan is Piet alweer bezig met de Victory Boogy Woogy. Drie dagen later. De schilder verzekert Holtzman dat het nu werkelijk 'bijna af' is. Maar tussen de 17de en de 23ste heeft hij, zoals hij zegt, 'het hele oppervlak opnieuw geopend'. Intussen heeft hij kougevat, het begint er ernstig uit te zien. Op 26 januari wordt hij naar het ziekenhuis gebracht. Hij heeft longontsteking. In de ochtend van de eerste februari sterft hij, bijna 72 jaar oud. (*).

Een halve eeuw en vier jaar gaan voorbij. Nederland verwerft zich het schilderij waaraan Mondriaan zich letterlijk doodgemarteld heeft. Dat bedoel ik niet ironisch. Mondriaan is niet de eerste die zoiets is overkomen. Kunstenaars die hun leven met een magnum opus willen afsluiten - bijna allemaal dus - worden eindeloos bezocht door twijfel en zoeken vergeefs naar de verwezenlijking van wat ze voor het volmaakte houden. Daarom is Victory Boogie Woogie niet zomaar een deel van een oeuvre, maar een dramatisch document. Om dat te begrijpen moet je iets van de voorgeschiedenis weten; dat wel, maar het lijkt me geen bezwaar voor een schildersvolk als het Nederlandse.

Victory Boogie Woogie wordt triomfantelijk binnengehaald, en nu wordt ook bekend dat het tachtig miljoen gulden kost. Sinds in de oude stadhuiskantine de muurschildering van Karel Appel 'Vragende kinderen' werd overgeschilderd omdat de ambtenaren geen hap meer door hun keel konden krijgen, is in Nederland niet meer zo'n rumoer over 'moderne kunst' ontstaan. Exegeten treden aan en spreken in exegetentaal. We vangen namen op. Rembrandt! Picasso! Leonardo! Ik mis Memlinc, Dürer, Breughel en Renoir. Tegenover de exegeten posteren zich de bewakers van 's lands portemonnee. Wat had je allemaal met die 80 miljoen kunnen doen! Het hele Amsterdamse tramnet vernieuwen, 80 keer de Dam van nieuwe steentjes voorzien, een film maken over de aanvaring in 1953, tussen de Willem Ruys en de Oranje bij windstilte in de Rode Zee, als antwoord op de Titanic. Al onze grote steden van voldoende hangplaatsen voorzien. CNN van een plaats op de kabel verzekeren. Teveel om op te noemen.

Het meest werd ik aangesproken door het commentaar van dr. B.C.van den Boogert in deze krant van 2 september. Al jaren kijkt hij met het begeren dat zijn vak van kunsthistoricus eigen is, naar andere schilderijen: van Metsu, Ter Brugghen, Rembrandt. Waarom die niet? Ja, met zoveel geld in kas en zoveel op de verlanglijst, heeft iedereen die met recht van spreken iets eist, zijn onbetwistbaar gelijk. Minder sterk vind ik zijn opmerking dat op de grote Mondriaan-tentoonstelling in Den Haag vaak meer suppoosten dan bezoekers in de zalen waren. 'De conclusie dat het Nederlandse volk niet van Mondriaan houdt' lijkt hem gerechtvaardigd. Ik zag dezelfde tentoonstelling een jaar later in New York. Daar was het dringen geblazen. Als we de redenering van de heer Van den Boogert tot het einde zouden volgen (ik veronderstel dat dit niet zijn bedoeling is), zouden we over grote kunstaankopen voortaan per referendum moeten beslissen.

Is 80 miljoen teveel? Wat is dan genoeg: 79 miljoen, of 40, of 10? Sla er een slag naar. De Mondriaan hangt in Den Haag; niets meer aan te doen. Straks staat u zelf voor de Victory Boogie Woogie. Wat ziet u? Het laatste schilderij van Mondriaan of tachtig miljoen guldens? Een schilderij kan ook werken als een projectietest. (*) Bijzonderheden ontleend aan de catalogus van de grote Mondriaan tentoonstelling, Den Haag, Washington, New York, 1995-96.