BZ versterkt campagne; Onzekerheid over zetel in VN-raad

DEN HAAG, 4 SEPT. Minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) is ongerust dat de zeker gewaande zetel in de Veiligheidsraad de komende twee jaar toch niet aan Nederland toevalt.

Tot daarover, in oktober, in de VN wordt gestemd wil hij de wervingscampagne daarvoor versterken. Aan de campagne is volgens hem de afgelopen maanden onder zijn voorganger Van Mierlo niet genoeg gedaan.

De nieuwe minister wil later deze maand zijn toespraak (24 september) tot de jaarlijkse buitengewone vergadering van de VN-Assemblée in New York vooral in het teken van de Nederlandse kandidatuur stellen. Met minister Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking) heeft hij afgesproken dat ook in bilaterale contacten in het VN-hoofdkwartier zal worden geworven voor het Nederlandse lidmaatschap voor de V-Raad. De ministers zullen onder meer wijzen op het aanzienlijke Nederlandse budget voor Ontwikkelingssamenwerking. Voorts ook op de rol van Nederland als gastheer voor het Internationaal Gerechtshof, het Joegoslavië-Tribunaal en (straks) het Internationale Strafhof.

Met Nederland zijn Canada en Griekenland kandidaat voor twee van de vijftien roulerende zetels (voor twee jaar) in de V-Raad. In Den Haag wordt ervan uitgegaan dat Canada's verkiezing praktisch zeker is en dat Griekenland dus de te kloppen concurrent is. Nederland heeft vier maal zo'n roulerend lidmaatschap vervuld, Griekenland nog nooit. Voor praktisch alle leden van NAVO en EU geldt de Griekse kandidatuur als minder aantrekkelijk door de spanningen tussen Athene en Turkije.

Buitenlandse Zaken meende onder meer dankzij bezoeken van de reizende ambassadeurs Feith en Bentinck aan het Caraïbisch gebied en Afrika ook in de Derde Wereld op ruim voldoende steun bij de geheime stemmingen in de VN te mogen rekenen. Maar sinds Griekenland zijn campagne heeft geïntensiveerd, bijvoorbeeld het aanbieden van een cruise aan VN-vertegenwoordigers uit New York en Genève, deze zomer, is BZ niet meer zo gerust, temeer omdat “de politieke werving de afgelopen maanden door de kabinetsformatie een beetje stil heeft gestaan”, aldus de woordvoerder van het ministerie.