Bijenkorf Beheer na sanering uit verliezen

ROTTERDAM, 4 SEPT. Detailhandelsconcern Koninklijke Bijenkorf Beheer (KBB) heeft in het eerste halfjaar een nettowinst behaald van 15 miljoen gulden. In dezelfde periode vorig jaar boekte KBB nog een verlies van 23 miljoen gulden, exclusief een voorziening van 200 miljoen gulden voor een reorganisatie bij verliesgevende dochters.

KBB is het moederconcern van onder meer de Bijenkorf- en Hema-warenhuizen, de doe-het-zelfwinkels van Praxis en speciaalzaken als M&S Mode en Amici. Vorig jaar keerde oud-bestuurder A. Maas bij KBB terug na tegenvallende resultaten in het eerste halfjaar. Hij heeft de afgelopen maanden in hoog tempo delen van KBB verkocht, onder meer een honderdtal verliesgevende winkels van M&S Mode in Duitsland.

KBB hoopt binnenkort te 'fuseren' met Vendex (V&D-warenhuizen en speciaalzaken). Vendex heeft een bod van 145 gulden per aandeel KBB uitgebracht. De Nederlandse Mededingingsautoriteit komt begin oktober met haar oordeel over de voorgenomen fusie.

De omzet van KBB nam in het eerste halfjaar licht toe van 2,851 tot 2,909 miljard gulden. Het bedrijfsresultaat steeg met 64 miljoen tot 40 miljoen gulden (vorig jaar 24 miljoen negatief).

Volgens KBB zijn de problemen bij M&S Mode sneller dan was verwacht opgelost. De zes warenhuizen van de Bijenkorf (omzet 366 miljoen gulden) deden het volgens KBB uitstekend. Bij de Hema steeg de omzet licht tot 1,17 miljard gulden, maar stagneerde de ontwikkeling van het bedrijfsresultaat door aanloopverliezen bij nieuwe winkels in België. Ook zijn bij de Hema de logistieke problemen nog niet opgelost. Begin dit jaar lagen niet alle artikelen op tijd in de winkel.

Bij de speciaalzaken deden de Praxis en Prénatal (artikelen voor baby's en peuters) het goed, maar vielen de resultaten tegen bij de kledingwinkels van Amici en bij de Amerikaanse speelgoedwinkels van FAO Schwarz. KBB noemt de omzetstijging van 10 procent bij FAO Schwarz “teleurstellend”. De oorzaken zijn tegenvallers bij nieuwe filialen en “onvoldoende ontwikkeling van nieuwe producten in de speelgoedbranche”.