Zonnig perspectief automatiseerders

Cap Gemini, Getronics en CMG groeien explosief. Als Europese telecombedrijven, banken en verzekeraars hun bestedingsachterstand in informatietechnologie inhalen, kunnen deze automatiseerders de winst nóg verder opschroeven.

AMSTERDAM, 3 SEPT. Weinigen betwisten de feiten sinds toenmalig Intel-topman Andy Gore en minister Hans Wijers (Economische Zaken) anderhalf jaar geleden kort na elkaar de alarmbel luidden: Europeanen geven te weinig geld uit aan informatietechnologie. Terwijl Amerikaanse ondernemingen in het afgelopen jaar 4,3 procent van hun omzet hebben besteed aan computers, software, bijbehorende consultancy en aanverwante zaken, houden hun Europese collega's al jarenlang de hand op de knip. Zij volstaan met bestedingen van 2,4 procent van de omzet. De zuinigheid is betrekkelijk, want ook de Europese markt voor informatietechnologie groeit met tegen twintig procent per jaar. Na de presentatie, gisteren, van de halfjaarcijfers van CMG is duidelijk dat de toonaangevende, in Nederland beursgenoteerde dienstverleners in de informatietechnologie hun explosieve groei hebben weten vast te houden.

Getronics en Cap Gemini lieten over het eerste halfjaar een omzetgroei van 23 procent zien. CMG behaalde, in guldens gemeten, een stijging van de omzet met 50 procent. Dit terwijl deze ondernemingen bijna uitsluitend zaken doen met bedrijven in het 'zuinige' Europa. Het bedrijfsresultaat groeide bij alle drie nog sneller dan de omzet (bij CMG met 73 procent in guldens), zodat de operationele marges (bedrijfsresultaat als percentage van de omzet) ongekend hoog zijn. Getronics, dat zich behalve met de dienstverlening ook met de minder lucratieve (door)verkoop van apparatuur en software bezighoudt, behaalde een marge van bijna tien procent, CMG dik 12 (in guldens becijferd) en Cap Gemini meer dan 15 procent.

En het einde van de zegetocht lijkt niet in zicht, want automatiseerders zijn doorgaans in het tweede halfjaar op hun top. Zoals CMG bijvoorbeeld, waar het aantal gewerkte dagen, en daarmee de bereikte resultaten, volgens bestuurslid T. Rusting in het tweede semester aanzienlijk hoger ligt.

De belegger moet voor deze mooie aandelen diep in de buidel tasten. In een onderzoek stelde analist W. Farrell van zakenbank Morgan Stanley deze zomer vast dat Europese dienstverleners, gemeten naar winst per aandeel en de groei daarvan op de beurs, veel duurder zijn dan hun Amerikaanse concurrenten. Aan beide kanten van de oceaan hebben de dienstverleners in de beursmalaise een veer moeten laten, maar dankzij de zware klappen op Wall Street zijn de Europese fondsen verhoudingsgewijs nóg duurder geworden.

Bij deze observatie zijn echter een paar belangrijke kanttekeningen te plaatsen. In de eerste plaats stelt Farrell vast dat Europese analisten over het algemeen wat voorzichtiger zijn met hun groeivoorspellingen. Voorts moet er rekening mee worden gehouden dat Amerikaanse automatiseringsbedrijven twee tot vier keer meer opties verstrekken dan hun Europese concurrenten. Anders dan een regulier salaris drukt deze beloningsvorm niet de absolute winstcijfers uit. Daar staat tegenover dat het uitoefenen van de rechten op aandelen die de opties vertegenwoordigen voor Amerikaanse bedrijven jaarlijks een uitbreiding van het aandelenkapitaal tot gevolg heeft van tussen 5 en 12 procent. Dat is nadelig voor de belegger, want als de resultaten over meer aandelen verdeeld moeten worden, valt per aandeel de winst lager uit.

Een tweede observatie is voor het toekomstperspectief van de Nederlandse crême de la crême in de automatisering misschien nog belangrijker. In tegenstelling tot de algemene opvatting constateert Morgan Stanley dat Europese bedrijven in veel sectoren ten minste evenveel geld aan informatietechnologie besteden als hun Amerikaanse concurrenten. De achterstand zit 'm vooral in twee zeer belangrijke sectoren: de telecommunicatie en de financiële sector.

Volgens Morgan Stanley ziet het er echter naar uit dat er een einde komt aan de zuinigheid.

De opmars van de zaktelefoon dwingt tot grotere investeringen in informatietechnologie. Meer nog dan vaste netten zijn mobiele netwerken van automatisering afhankelijk voor het bereiken van hun klanten, de afrekening en de steeds geavanceerdere diensten die via de zaktelefoon geleverd worden. In de banken- en verzekeringssector bezorgt de euro de Europeanen een zware kostenpost in het automatiseringsbudget.

Bovendien zijn de financiële sector en de telecommunicatie bedrijfstakken bij uitstek waar de internationale concurrentie haal tol eist. Uit vrees door hun Amerikaanse tegenstrevers op een onoverbrugbare afstand te worden gezet zullen de Europeanen hun bestedingen opschroeven, zo veronderstelt Farrell.

Als deze redenering hout snijdt, staat Nederlands' beursgenoteerde top-drie voorop om te profiteren. CMG behaalde de eerste zes maanden van dit jaar in de financiële sector en in de telecommunicatie respectievelijk 36 en 12 procent van de omzet. Getronics en Cap Gemini hebben voor de eerste helft van 1998 nog geen cijfers verstrekt, maar ook deze bedrijven waren in het afgelopen jaar relatief sterk in deze sectoren. Dat biedt een zonnig perspectief, zolang onder beleggers in technologie de paniek niet opnieuw toeslaat tenminste.