Omstreden 'moordenaar' Omar na vier jaar vrij

PARIJS, 3 SEPT. Frankrijk stelt morgen Omar Raddad, een van zijn meest omstreden gevangenen, op vrije voeten. De tuinman, die vier jaar geleden tot achttien jaar cel werd veroordeeld voor de moord in Mougins (Zuid-Frankrijk) op zijn bemiddelde werkgeefster, kreeg in 1996 gedeeltelijk gratie van president Chirac.

Het enige 'bewijs' dat de Marokkaanse tuinman de moord had gepleegd bestond uit de woorden die het slachtoffer, Ghislaine Marchal, met haar eigen bloed op de muur van de kelder zou hebben geschreven: 'Omar m'a tuer'. De taalfout (het had tué moeten zijn) heeft die zin legendarisch gemaakt. Verschillende figuren uit de werelden van politiek en bedrijfsleven die het veld moesten ruimen, hebben hun tegenstanders sindsdien met een zelfde zinswending en taalfout in staat van beschuldiging gesteld.

Al tijdens het proces tegen Omar Raddad bestonden grote onduidelijkheden in het justitieel onderzoek. Artsen schreven verklaringen over het uur van de dood van Ghislaine Marchal en herriepen die weer, om uit te komen op een periode waarvoor Raddad geen duidelijk alibi had. Niemand heeft ooit een plausibel motief kunnen aanvoeren voor de moord.

In diverse stadia van vooronderzoek en proces heeft een van Raddads advocaten, maître Jacques Vergès, Frankrijk beschuldigd van een gewrongen vonnis dat uiting gaf aan een zinderend vooroordeel tegen Noord-Afrikanen. Vergès aarzelde niet de zaak-Dreyfus erbij te halen, de joodse legerkapitein die eind vorige eeuw valselijk van hoogverraad werd beschuldigd en pas na een jarenlange campagne van onder anderen Emile Zola ('J'accuse') werd bevrijd en nog later eerherstel kreeg.

De zaak-Omar heeft niet die faam opgebouwd. Het evidente antisemitisme in de zaak-Dreyfus werd niet geëvenaard door een aantoonbaar antiarabisme in de moordzaak in Mougins. Maar 'Omar' gaat waarschijnlijk toch de geschiedenisboeken in als een van de justitiële blunders van de eeuw. In het hoogste beroep is het vonnis van het Assizenhof van de Alpes-Maritimes gehandhaafd, maar al vrij snel nadat Raddad voor achttien jaar achter de tralies was verdwenen leidde de optelsom van technische fouten en onwaarschijnlijkheden in de bewijsvoering ertoe dat een algemeen gevoel van aangedaan onrecht en onschuld postvatte.

Omars voorwaardelijke vrijlating had nog de nodige voeten in de aarde. Twee keer kon hij als tuinman weer aan de slag, bij een gefortuneerde weduwe in Antibes, en bij een advocaat in Aix-en-Provence. Beide aanbiedingen werden ongeschikt geacht door de minister van Justitie. Nu gaat Omar als koerier werken voor een hallal-vleesfabriek in Marseille. En de moord? Volgens een van de talloze privé-detectives die de zaak hebben nageplozen is die gepleegd door twee mannen die een financieel geschil met mevrouw Marchal hadden.