Een Viagra GTI

Tuinfeest in een rijk dorp onder de rook van Haarlem. Veel veertigers en vijftigers. Well to do. In de straat staan opvallend veel sportwagens. Mazda, Alfa en een Mercedes. Met een plastic bordje in de hand leveren een paar gasten commentaar.

“Nadeel is dat je er maar met z'n twee¨en in kan”, zegt een moeder.

“Ik zou me doodschamen met zo'n wagen, echt waar”, zegt een fitte veertiger. “Ik ken iemand die bezeten is van Aston Martins. Hij heeft er nu zes. Kosten zo'n drie ton per stuk. Gaat elke dag met een andere naar z'n werk.”

“Uit het zijstraatje daar bij de melkboer”, vertelt een ander, “kwam deze week zo'n superlage, langgerekte sportauto. Met bulderende motor draaide hij de weg op. Zo'n wagen kan mischien wel 260 kilometer per uur - je mag hier vijftig.”

Op dat moment komt er een man aanlopen. Eind veertig, grijs, forse snor en dito buik. “Goed, ik zal het jullie eens laten zien”, roept hij tegen een paar gasten die achter hem aanlopen. Hij loopt door het tuinhek en stapt in zijn glanzende, zilverkleurige Mercedes. Het lijkt een dichte auto, maar opeens schuift het dak soepeltjes open. Het verdwijnt helemaal in de gapende kofferbak.

Een jongen van een jaar of twaalf staat met open mond te kijken. De man komt teruglopen, klopt de jongen op de schouder en zegt lachend: “Zeg maar tegen je ouders dat ze nog even moeten doorsparen.”

Het is even stil. Dan zegt iemand: “Tsjonge, jonge, wat voor auto is dat?”

“Ik geloof dat ik het weet”, zegt een jonge vrouw, met een licht Rotterdams accent. “Een Viagra GTI.”