'Cultuur bedreigd door tweedeling'

AMSTERDAM, 3 SEPT. Staatssecretaris Van der Ploeg (cultuur) wil een eind maken aan de volgens hem dreigende tweedeling tussen de gesubsidieerde traditionele kunst voor de elite en de vaak commerciële cultuur voor de massa. De gesubsidieerde kunstwereld moet meer moeite doen om jongeren te bereiken. De overheid moet inventievere marktinstrumenten inzetten, zoals fiscale voordelen en bevordering van sponsoring, om de kunst te helpen aan meer eigen inkomsten.

Van der Ploeg zei dat vanmiddag in de 'State of the Union', de opening van het Theaterfestival met de belangrijkste voorstellingen uit het vorige seizoen in de Amsterdamse Stadsschouwburg.

De staatssecretaris pleitte voor een derde weg tussen subsidies en markt, om te voorkomen dat de kunst afhankelijk wordt van een van beide. Hij wil wisselende coalities met andere partijen in de markt, andere financieringsmethoden, en nieuwe distributiekanalen om daarmee nieuwe publieksgroepen te bereiken.

Volgens Van der Ploeg wordt de gesubsidieerde cultuur steeds elitairder, maar kunst en cultuur zijn te belangrijk om die alleen aan de elite over te laten. “De overgrote meerderheid van de bevolking gaat nooit naar kunstvormen als klassieke muziek, ballet of opera. Voor cultuurvormen die veel mensen aanspreken, zoals mode, design, popmuziek, jazz, musicals, architectuur, film en literatuur is er geen of relatief weinig overheidssteun.”

De staatssecretaris vindt ook dat kunstenaars hun werk in de zalen voor een live publiek steeds vaker moeten afwisselen met werk voor een ander en groter publiek dat zij via radio, tv, cd, video of Internet bereiken. Hij wil ook andere normen in het kunstbeleid. Kwaliteit is volgens hem een steeds moeilijker te hanteren en te verdedigen uitgangspunt voor subsidiëring. “Het kunstbeleid mag niet verstenen. Jonge kunstenaars verdienen steun, omdat ze dichter bij de jongerencultuur staan. Zij zijn de postillons d'amour tussen de kunst en de jongerencultuur.”