'Varkensboeren, jullie hebt je keurig gedragen'

Honderden boeren volgden gisteren in een grote tent het kort geding dat hun vakbond had aangespannen om de herstructureringswet op te schorten. De rechter stelde hen vooralsnog niet teleur. “Dat mens is nog goed bij de les.”

DEN HAAG, 2 SEPT. Alsof ze een klasje met kleuters toespreekt, zo neemt de president van de rechtbank, mr. E. Dil-Stork, afscheid van de honderden varkensboeren die gisteren in Den Haag het kort geding van de Nederlandse Vakbond Varkenshouderij (NVV) versus de Staat der Nederlanden bijwoonden. “Wel thuis! En jullie hebt je keurig gedragen”, zegt ze, een beetje opgelucht.

En de boeren hádden zich ook keurig gedragen, op speciaal verzoek van hun leider, voorzitter Wien van den Brink, meestal aangeduid als 'radicale varkensleider'. Met vijfhonderd man waren de varkensboeren uit alle hoeken van het land 's middags rond half drie in Den Haag gearriveerd. Er was speciaal een tent voor hen neergezet op de parkeerplaats van het Paleis van Justitie. Een koffiecorner, een fritestent, zes tv's en een groot beeldscherm zorgden ervoor dat zij de rechtzaak direct konden volgen. Op wat geroezemoes en onderling geklets na was de aandacht de volle drieëneenhalf uur op de schermen gericht. Voor rellen en onrust zaaien was geen tijd.

Het is wel eens anders geweest tussen varkensboeren en 'Den Haag'. Zoals afgelopen december, toen de politie tijdens de zenuwslopende en dagen durende debatten over de herstructureringswet tientallen woedende varkensboeren met harde hand van de publieke tribune van de Tweede Kamer moest verwijderen. Ook daar was Wien van den Brink bij, en toen deed hij zijn bijnaam eer aan. En Den Haag was dat nog niet vergeten.

Buiten de tent stond gisteren een groepje politieagenten, de beveiliging van de rechtbank hield de toegang van het gebouw in de gaten. De ongeveer 80 varkenshouders die in de zittingzaal plaats mochten nemen, hadden allemaal een roze formuliertje gekregen. Dat moesten ze, nadat ze door de metaaldetector waren gelopen, binnen inleveren voor een geel kaartje: hun eigenlijke toegangsbewijs tot de publieke tribune.

Varkenshouder Mari Melis uit het Brabantse Venhorst staat geconcentreerd te luisteren als de rechter een aantal kritische vragen stelt aan de landsadvocaat. Op zijn bedrijf werd op 4 februari vorig jaar het eerste geval van klassieke varkenspest geconstateerd, met alle gevolgen van leegstand en financiële schade van dien. Ook Melis hoopt dat de wet uitgesteld kan worden.

Van den Brink trekt nadenkend aan zijn pijp en maant met driftige handgebaren naar achteren de boeren tot kalmte. Iedereen in de tent is doodstil als de rechter een compromis lijkt te willen sluiten tussen beide partijen. “Maar kunt u dan niet zorgen dat de varkensboeren, die weliswaar te veel varkens hebben maar nog niet willen ruimen, in afwachting van de nog lopende verkorte bodemprocedure niet juridisch vervolgd worden?” vraagt zij aan de landsadvocaat. “Dat is een optie”, zegt deze droog. Ook de vraag of de boeren de toezegging kunnen krijgen dat ze hun recht op schadevergoeding niet zullen verliezen als ze nu gewoon meewerken aan uitvoering van de wet blijft onbeantwoord. Overleg met de top van het ministerie blijkt noodzakelijk. “Het vonnis is op 11 september”, aldus rechter Dil-Stork.

Van den Brink was niet erg onder de indruk van de prestaties van de landsadvocaat, zei hij na afloop. “Ik heb eigenlijk niets nieuws gehoord. De landsadvocaat praatte Jozias (Van Aartsen, red.) na. Mijn hoop is vanmiddag niet de bodem in geslagen”, zo sprak hij zijn bondgenoten toe. Applaus was zijn deel. En daarna ging iedereen weer keurig terug naar de gereedstaande touring-cars. Terug naar huis, naar de varkens.