Mobiele telefonie in gevecht om kerktorens

Drie nieuwe aanbieders van mobiele telefonie gaan binnen een half jaar de concurrentie aan met KPN Telecom en Libertel. Nederland wordt razendsnel bedekt met een woud van masten en antennes.

ROTTERDAM, 2 SEPT. Op de Nederlandse daken wordt dit najaar strijd geleverd. Het gevecht zelf is nauwelijks zichtbaar, maar het resultaat ervan zal de aandacht trekken in steden en aan de horizon van het platteland. Drie nieuwe aanbieders van mobiele telefonie verdringen elkaar om binnen enkele maanden meer dan duizend masten en antennes te plaatsen voor het verzenden en ontvangen van mobiel telefoonverkeer.

De tijd dringt, want maandelijks voegen zich een slordige honderdduizend mensen bij de nu ruim 2,5 miljoen bezitters van een zaktelefoon in Nederland. Telfort, een gezamenlijke onderneming van British Telecom en de Nederlandse Spoorwegen, zal begin november als eerste 'in de lucht' zijn met een net voor abonnees in de Randstad. “November is heilig”, zegt algemeen directeur K. van der Meulen.

De Franse directeur J. Rémy van concurrent Dutchtone (France Telecom, ABN Amro, Rabobank) laat weten dat hij nog dit jaar in de Randstad wil beginnen. Brucop (Belgacom en Tele Danmark) doet geheimzinnig, maar zal waarschijnlijk de interessante verkooppiek rond Kerst niet meer kunnen meepakken.

Voor een mobiel netwerk in de Randstad moeten de nieuwkomers in deze regio op tevoren nauwkeurig bepaalde plaatsen zo'n vijfhonderd zend- en ontvangststations bouwen. Eigenaren van interessante stekjes als kerken en bejaardentehuizen staan in het middelpunt van hun belangstelling. Afhankelijk van het belang van de locatie en de onderhandelingsvaardigheid van de eigenaar zijn de huurprijzen opgelopen tot tienduizenden guldens per jaar.

Volgens C. Steinebach van het bisdom Rotterdam zijn in deze regio zo'n vijftien kerken in onderhandeling, fors meer dan de twee of drie die enkele jaren geleden met Libertel en KPN tot een akkoord kwamen. “Destijds werd voor antennes tegen de klokkentoren zo'n 6.500 gulden geboden”, zegt Steinebach. “Nu biedt Dutchtone 8.000 gulden per jaar. Dat zijn voor ons geen peanuts meer.”

Om het landschap niet te zeer te verstoren heeft Vodafone, het Britse moederbedrijf van Libertel, antennes in kunstbomen verwerkt. Libertel zelf tuigde, om Zuidlaren te plezieren, een zendmast op als peperduur kunstwerk. “Met blauwe en witte emmertjes die aansluiten op de omgeving van lucht en water”, zegt een woordvoerder van Libertel. “We kunnen dit natuurlijk niet voor iedereen doen.”

Pagina 18: Goed netwerk van elementair belang

Behalve met grondbezitters moeten nieuwe aanbieders in de slag met gemeenten. “Wij proberen de bouw van nieuwe antennes te concentreren op plaatsen waar al masten staan”, zegt T. Nicolai van de afdeling bouwtoezicht van de gemeente Rotterdam. Elk van de drie nieuwe aanbieders heeft in een plan nauwkeurig uitgedokterd waar de antennes moeten worden opgesteld. Voor een goede kwaliteit moet dat in de stad op een paar honderd meter nauwkeurig en op een hoogte tussen ruwweg 25 en 50 meter. “Men mag niet hoger bouwen dan vijf meter”, zegt Nicolai. “Anders is een bouwvergunning nodig. Op zo'n verzoek moeten wij binnen dertien weken reageren, als het binnen het bestemmingsplan past tenminste. Als dat niet zo is, kan het wel eens lang gaan duren, ja.”

Dergelijke wachttijden zijn funest voor de planning van de nieuwe aanbieders. “We plaatsen soms tijdelijke masten”, zegt Van der Meulen van Telfort. “Die worden naar de meest gunstige plaats verhuisd als het papierwerk geregeld is.”

Met de plaatsing van mast of antenne is de slag nog niet gewonnen. Een onlangs voltooide mast in Hoofddorp staat werkeloos nadat een bewoner bezwaar maakte. Voordat nieuwe aanbieders toestemming krijgen voor nieuwe bouwprojecten of ingebruikname van masten wil de gemeenteraad van Haarlemmermeer uitsluitsel over de effecten ervan op de gezondheid. Bovendien is de gemeente van mening dat voor masten en antennes ten onrechte geen bouwvergunning is aangevraagd.

Voor dekking in heel Nederland zal elke aanbieder voor het einde van deze eeuw tussen 1.500 en 2.000 zogeheten opstelpunten moeten vinden. Een opstelpunt bestaat uit drie antennes op een dak of een mast en een bijna manshoge doos elektronica. Kosten: een slordige tweehonderdduizend gulden.

Wie het eerst een netwerk gereed heeft start met een voorsprong, maar heeft daarmee de strijd nog niet gewonnen. In het Verenigd Koninkrijk heeft laatkomer Orange vanaf 1994 met intensieve marketing en goede kwaliteit een sterke positie opgebouwd.

Nieuwe aanbieders zullen kritisch bekeken worden en kunnen zich geen matige kwaliteit permitteren. De netwerken van KPN Telecom en Libertel waren meer dan eens mikpunt van kritiek, maar vanaf de meeste plaatsen in Nederland kan op een acceptabele manier gebeld worden, zo erkent ook de concurrentie.

De aanbieder die tegenover deze gevestigde orde een netwerk plaatst met gebreken zet zijn bedrijf op het spel. “Je kunt je drie keer in de rondte werken om snel een netwerk uit de grond te stampen”, zegt W. Schrijver, directeur marketing van Brucop. “Maar daar heb je niets aan als je daarna twee jaar bezig bent om de kinderziekten en de negatieve percepties weg te werken.”

De huidige aanbieders bieden dekking in heel Nederland. Dat is voor de nieuwkomers niet zo snel te realiseren. KPN en Libertel moeten hun net aan Telfort en Dutchtone ter beschikking stellen, maar de prijzen voor 'gastgebruik' zijn hoog. Brucop, dat voor 300 miljoen gulden een reeks kleinere vergunningen verwierf, heeft minder rechten dan Telfort en Dutchtone, die respectievelijk 545 miljoen en 600 miljoen betaalden voor een nationale vergunning.

Van der Meulen stelt dat Telfort “om kwaliteit te garanderen” helemaal geen gebruik wil maken van zogenoemde roaming-overeenkomsten. “Wij willen eind volgend jaar met ons eigen net landelijke dekking bieden.” Dan zou zo'n 80 tot 90 procent van de bevolking via dit net kunnen bellen.

Om het landschap te ontzien en kosten te drukken zouden de vijf aanbieders zoveel mogelijk moeten samenwerken. De praktijk wijst anders uit. Voorbeeld: nieuwkomers moeten op daken waar al installaties staan hun apparatuur zo afstellen dat ze die van KPN en Libertel niet stoort. De huidige twee aanbieders zouden echter op verzoeken om een dak te 'delen' tergend langzaam reageren. De gang naar de rechter is voor de nieuwe aanbieders wegens tijdgebrek geen optie. Toezichthouder Opta laat weten de kwestie te bekijken, maar heeft formeel geen klacht ontvangen.

De telecommunicatiewet verplicht bestaande aanbieders hun stek met anderen te delen. Maar er staat niet bij tegen welke prijs en op welke termijn. Ook hier zouden KPN en Libertel vertragingstactieken toepassen. Ze ontkennen dat. Verzoeken om samenwerking worden formeel gehonoreerd, maar een formele opstelling of een beroep op een gebrek aan menskracht kan de plaatsing van nieuwe installaties vertragen. Met naam en toenaam wil geen van de nieuwe aanbieders de concurrentie voor het hoofd stoten. “De samenwerking is nog niet optimaal”, zegt Schrijver van Brucop voorzichtig. “Daarover zijn besprekingen gaande.” Hij wijst erop dat de bouw van netwerken naar buitenlands voorbeeld zou kunnen worden ondergebracht in een gemeenschappelijk bedrijf.