Duitse justitie hoort in zaak Bikker Nederlandse getuigen

DEN HAAG, 2 SEPT. De Duitse justitie hoort volgende week drie Nederlanders die ruim vijftig jaar geleden getuige zouden zijn geweest van oorlogsmisdaden begaan door de Nederlander Herbertus Bikker (83). Een van de getuigen is een vroegere 'collega bewaker' van het gevangenenkamp Erica bij Ommen.

Dit heeft officier van justitie Ulrich Maass in Dortmund desgevraagd meegedeeld. Maass onderzoekt of Bikker zich tijdens de Tweede Wereldoorlog aan misdrijven schuldig heeft gemaakt.

Bikker werd in Nederland na de Tweede Wereldoorlog ter dood veroordeeld, later omgezet in levenslang, wegens doodslag op de verzetsman Jan Houtman en de onderduiker Herman Meijer, en wegens mishandeling van gevangenen in Erica.

Hij ontsnapte in 1952 uit de Koepelgevangenis in Breda, vluchtte naar Duitsland en woont daar nu in de buurt van Dortmund. Een uitleveringsverzoek van Nederland is steeds afgewezen omdat Bikker over de Duitse nationaliteit beschikt wegens zijn dienst bij de Waffen SS. Een eerste onderzoek van de Duitse justitie naar mogelijke oorlogsmisdaden van Bikker liep in 1957 stuk op gebrek aan bewijs. Het openbaar ministerie in Dortmund heeft onlangs het strafrechtelijke onderzoek naar Bikker heropend omdat het mogelijk nieuwe bewijzen kan opleveren.

Het verhoor van de drie Nederlandse getuigen volgende week staat onder leiding van de rechter-commissaris in Zwolle. Behalve de 'collega bewaker' van het kamp Erica die getuige zou zijn geweest van de moord op onderduiker Meijer, zullen ook broer en zus Klink uit Zwolle en omgeving worden gehoord. Zij zouden getuige zijn geweest van de moord op verzetsstrijder Houtman.

Bikker is de enige Nederlandse oorlogsmisdadiger tegen wie op het ogenblik een justitieel onderzoek loopt, zegt de Nederlandse officier van justitie P. Brilman, die is belast met de opsporing van oorlogsmisdadigers uit de Tweede Wereldoorlog. Brilman heeft totaal ongeveer vijf voortvluchtige oorlogsmisdadigers in het vizier.