Zuid-Afrika: diplomatie en handel

Midden-Afrika balanceert op de rand van een conflict dat zijn weerga niet kent bezuiden de Sahara. Vier weken na het uitbreken van de revolte tegen president Kabila is Congo in tweeën verdeeld. Sinds de interventie van Angola en Zimbabwe - en in mindere mate Namibië - aan de kant van het regeringsleger controleren Kabila's troepen en zijn bondgenoten uit Zuidelijk Afrika het westen van Congo en de rebellen en hun bondgenoten uit Rwanda en Oeganda het oosten. Er zijn steeds meer aanwijzingen dat het Kabilakamp de overwinning ruikt en in het offensief gaat tegen rebellenposities in het oosten. In dat geval komen de sterkste legers van Zuidelijk en Midden-Afrika tegenover elkaar te staan op het strijdtoneel Congo. Een overzicht van doelen en middelen, door Lolke van der Heide, Koert Lindijer, Menno Steketee en Dirk Vlasblom.

Sinds het uitbreken van de jongste crisis in Congo heeft Zuid-Afrika, dat in politiek en economisch opzicht de regionale grote mogendheid is, gepoogd een diplomatieke uitweg te vinden.

President Nelson Mandela probeert via zijn ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie, Alfred Nzo en Joe Modise, de strijdende partijen tot elkaar te brengen. Tot nu toe tevergeefs. Donderdag keerde Nzo onverrichterzake terug van een missie die hem van Addis Abeba, waar het hoofdkwartier van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (OAE) is gevestigd, naar Kinshasa en Luanda had moeten brengen. Maar wegens de gevechten kon hij niet landen in Kinshasa, terwijl de Angolese president Dos Santos “niet beschikbaar” was. Een duidelijker afwijzing van het Zuid-Afrikaanse standpunt kon hij niet krijgen. Nzo hield echter vol dat zijn missie “geen mislukking” was.

Ook een militaire optie is overwogen, zij het een strikt neutrale. Onderminister van Defensie Ronnie Kasrils heeft gezegd dat Zuid-Afrika binnen 24 uur een vredesmacht kan stationeren in Congo. Ondanks de aanzienlijke afslanking van het leger beschikt Zuid-Afrika nog altijd over de grootste en best uitgeruste strijdkrachten van Zuidelijk Afrika. Kasrils voegde er meteen aan toe dat het, gezien de huidige militaire en politieke verhoudingen in Congo, niet erg waarschijnlijk is dat Zuid-Afrikaanse troepen binnenkort zullen uitrukken. “We zullen zeer voorzichtig zijn als het gaat om het peace enforcement, we zijn daar geen voorstander van”, aldus Kasrils die verwees naar de mislukte interventie van buitenlandse troepen in Somalië in 1992 en 1993.

Pretoria heeft steeds angstvallig een neutrale koers gevaren, of die althans voorgewend. Vice-president Thabo Mbeki zei eind mei tijdens een conferentie van de Ontwikkelingsorganisatie voor Zuidelijk Afrika (SADC) in de Namibische hoofdstad Windhoek dat er op het gebied van de mensenrechten in Congo nog wel “het een en ander te verbeteren” viel, maar hij hield zich verder op de vlakte. Mandela zowel als Mbeki heeft zich bij herhaling uitgesproken tegen dictatuur en voor dialoog op het Afrikaanse continent. Ze hebben een vergaande economische samenwerking op het oog, bij voorkeur in de vorm van een economische gemeenschap.

Maar de achterdochtige Kabila heeft Zuid-Afrika in het kamp van de vijand geplaatst. Zondag bezocht hij zijn Zimbabweaanse bondgenoot Robert Mugabe en gisteren de Namibische president Sam Nujoma, die hem eveneens steunt in de strijd tegen de rebellen. Bij beide gelegenheden zei Kabila dat Zuid-Afrika aan Rwanda 60 ton wapens en ammunitie heeft geleverd. Kabila voegde eraan toe dat dit gebeurde vóór het uitbreken van het conflict, maar het was tegen het zere been. De Zuid-Afrikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken, Aziz Pahad, zei in een reactie “verbijsterd” te zijn en niet te weten waarop Kabila zijn beschuldiging baseerde. Bovendien vroeg Pahad zich af waarom Kabila zich hierover niet tot Zuid-Afrika heeft gewend.

De Zuid-Afrikaanse regering mag dan officieel geen partij hebben gekozen, Zuid-Afrikaanse bedrijven hebben dat wel, zij het dat de commerciële belangen aan weerszijden van de frontlijn liggen. Het weekblad Mail&Guardian zegt over aanwijzingen te beschikken dat “een breed scala aan Zuid-Afrikaanse firma's in de militaire sector een strategische rol speelt aan beide zijden” in het Congolese conflict. De krant sprak met Rico Visser van het huurlingenbedrijf Executive Outcomes (EO) in Pretoria. EO is een berucht bedrijf dat tijdens de apartheid in binnen- en buitenland 'vuile klusjes' opknapte, maar in het 'nieuwe Zuid-Afrika' is het een puur commercieel bedrijf geworden, waarvoor ook voormalige guerrillastrijders van het ANC werken. Hoewel het inzetten van huurlingen dit jaar door het ZuidAfrikaanse parlement werd verboden, mogen ondernemingen als EO nog wel 'militaire adviezen' geven, hetgeen vrij breed kan worden uitgelegd.

Visser zei dat EO is gevraagd de drie weken geleden door Congolese rebellen bezette Inga-dam te helpen ontzetten. De waterkrachtcentrale van Inga voorziet Kinshasa van stroom en is daarom van groot strategisch belang. Zondag namen Angolezen de dam over van de zich terugtrekkende rebellen. In Kabila's zuidelijke bolwerk Lubumbashi, de hoofdstad van Katanga, zijn Zuid-Afrikaanse huurlingen naar verluidt al actief. Verder is EO via Angola betrokken bij het Kabilakamp. EO leverde het Angolese leger piloten voor gevechtsvliegtuigen en helikopters in het zuidwesten van Congo en gaf hun militaire adviezen.

Volgens de Mail&Guardian zijn Zuid-Afrikaanse bedrijven ook betrokken bij winstgevende transacties met het andere Congolese kamp. Een in Johannesburg gevestigd militair adviesbureau, dat wordt bemand door voormalige (blanke) leden van de militaire veiligheidsdienst, assisteerde het Oegandese leger en bemiddelde bij het verkrijgen van Zuid-Afrikaanse pantserwagens.

Zuid-Afrikaanse bedrijven pikken ook een graantje mee van de aanwezigheid in Johannesburg van drie uitgeweken ex-generaals van Mobutu: Kpama Baramoto, Ngbale Nzimbi en Mudima Mavua, die ondanks verzoeken om uitlevering door Kabila vanuit Johannesburg kunnen blijven opereren. De generaals werken nu om puur opportunistische redenen samen met de Tutsirebellen tegen Kabila. Een Zuid-Afrikaans consortium, bestaande uit zowel voormalige legergeneraals als ex-guerrillaleiders, zou Baramoto en de zijnen van wapens voorzien.

Tegenover de bedrijven die aan de oorlog verdienen staan de ondernemingen die erdoor verlies lijden. Met name Zuid-Afrikaanse mijnbouwondernemingen hebben grote belangen in het mineraal- en grondstofrijke Congo. Door de oorlog zijn veel van de activiteiten stil komen liggen. Op de SADC-bijeenkomst in mei bliezen Zuid-Afrikaanse ondernemers openlijk de loftrompet over Kabila. In aanwezigheid van le président gaven ze hoog op over de verbeteringen in Congo sinds de val van Mobutu. De toehoorders kregen zo een goed beeld van de gretigheid - en het opportunisme - van de Zuid-Afrikaanse ondernemers.