Val Wall Street raakt rasoptimisten nog niet

De bull (stier) is als symbool van hoop en hausse op de New Yorkse beurs opvallend in het defensief, terwijl de pessimistische bear oprukt. Standvastige analisten oordelen evenwel dat er eigenlijk weinig aan de hand is.

NEW YORK, 1 SEPT. Helemaal aan het begin van Broadway in het financiële district van de stad New York staat een standbeeld van een enorme stier. In de buurt bevinden zich de New York Stock Exchange, de grote banken, het World Financial Center en het World Trade Center, kortom het hart van de financiële wereld.

Het kolossale bronzen beest staat klaar om weg te stormen. De bull is het symbool van stijgende aandelenkoersen, optimisme over de beurs en een mascotte van het kapitalisme. Grappenmakers hadden gisteren een grote teddybeer aan de stier vastgeketend. Want bear is het symbool van daling, pessimisme en sombere vooruitzichten. De beer is ook het symbool voor Rusland.

Toepasselijker kon het niet. Met de enorme aderlatingen van de aandelenmarkt sinds donderdag - in drie dagen 981 punten - is de bull tot staan gebracht en kan de Russische beer zowaar als schuldige worden aangewezen. Ook al blijven economen herhalen dat de Russische economie nauwelijks van belang is voor de VS en de exporten naar dat land minder dan een procent zijn, het is toch Rusland dat de onrust van de afgelopen week heeft veroorzaakt. Volgens de ene analist is die onzekerheid overgewaaid naar Latijns Amerika zodat de zorg over dat continent toenam, volgens de ander zijn het Hongkong en Japan die begonnen te niezen toen Rusland griep kreeg.

Standvastige analisten denken echter dat er voor de VS niets is veranderd. Abby Joseph Cohen van Goldman Sachs herhaalde vorige week haar optimistische vooruitzichten voor aandelen en zag gisteren geen reden daar verandering in te brengen. Ze denkt nog steeds dat de Dow-Jonesindex aan het eind van dit jaar op 9.300 uitkomt.

Joe Battapaglia van Gruntal & co. is eveneens een onverbiddelijke en optimistische bull. Hij denkt dat het niveau van de Dow Jones zal uitkomen op ongeveer 9.500. “De markt bestaat uit mensen”, zegt Al Goldman van A.G. Edwards gisteren, “en mensen zijn een beetje getikt. Wij denken dat het somberheidsgehalte irrationeel geworden is.”

Sommige analisten zijn overtuigd van een herstel in de komende dagen. Dat zou een herstel zijn dat weer een grote groep mensen ertoe zal brengen om hun winsten af te romen en geld uit de markt te halen. Dat zou de aandelen opnieuw in vrije val kunnen brengen. Edward Yardeni van Deutche Morgan Grenfell zei vorige week dat hij de Dow Jones bakzeil zag halen tot 7.400-7.800 en krijgt al op de eerste dag van de volgende week gelijk. Wie ook weer een juiste voorspelling blijkt te hebben gedaan is Ralph Acampora. Toen de Dow Jones op 5 augustus driehonderd punten verloor, paste Acampora zijn prognoses aan en stelde op grond van technische analyse vast dat een daling van 15 tot 20 procent tot een niveau van omstreeks de 7.400 zeer wel mogelijk was. Ook hij kreeg gelijk.

Alles is nog niet verloren. De Dow Jones is teruggegaan tot het niveau van vorig jaar november. 7.500 is nog steeds een respectabel niveau voor wie begin 1995 op een niveau van beneden de vierduizend de markt in ging. Eind vorig jaar voorspelden veel analisten dat 1998 wel eens een tegenvallend jaar kon worden. De crisis in Azië zou pas dit jaar in volle omvang gevolgen hebben dus beleggers moesten rekening houden met bescheiden winsten. Zo staat het er nu voor.

De Amerikaanse belegger is nog niet ontmoedigd. De grote fondsen, zoals Dreyfus, Fidelity, Vanguard, T. rowe Price en Schwab, meldden gisteren allemaal een verhoogd aantal telefoontjes van cliënten die wilden weten hoe hun portfolio er bij stond. Er waren er maar weinig die hun geld uit de markt haalden, zo bleek.

Wel is er in de maand augustus opvallend weinig nieuw geld in de markt gepompt en melden sommige fondsen zelfs een negatief saldo. Dat is een opvallend gegeven, omdat Amerikanen een deel van hun pensioenvoorziening zelf kunnen beleggen en daarvoor de afgelopen jaren honderden miljarden dollars naar Wall Street hebben gesluisd.

Gistermiddag om kwart voor vijf was het bij de vestiging van beleggingsfonds Olde in White Plains, New York zelfs zeer stil. Er is geen enkele cliënt. Vijf man zitten in overhemden achter bureaus en een van hen voert een telefoongesprek. Een ander komt onmiddellijk op de bezoeker af. “Hallo, ik ben Mike. Kan ik u helpen?” Het is volgens Mike niet druk geweest. Er hebben de hele dag mensen gebeld maar van paniek is geen sprake. “Er zijn wel mensen die verkopen maar dat heb je altijd”, zegt hij. “Het was eigenlijk een vrij rustige dag hier.”