Rebellen Kosovo zouden burgers hebben vermoord

KLECKA, 31 AUG. Leden van het Kosovo Bevrijdingsleger (UÇK) hebben in Klecka in Kosovo 22 Servische burgers, onder wie vrouwen en kinderen, geëxecuteerd en hun lichamen verbrand. De Serviërs van hun kant bombardeerden de afgelopen dagen Albanese vluchtelingen in Kosovo.

Westerse diplomaten in Kosovo hebben gisteren gezegd dat burgers steeds meer het doelwit worden van de beide strijdende partijen in Kosovo. De Serviërs, zo zeiden ze, doen geen moeite het UÇK militair te verslaan maar proberen met aanvallen op de Albanese burgerbevolking een wig te drijven tussen die burgers en het UÇK. “De Serviërs schieten dorpen plat. Hun boodschap aan de burgers is simpel: dit is wat er gebeurt als je het UÇK steunt.” Het UÇK van zijn kant valt Servische burgers aan omdat het geen kans maakt tegen de met tanks, pantserwagens, zware artillerie en helikopters bewapende Serviërs, aldus de diplomaten.

De Servische autoriteiten meldden gisteren in Klecka de verbrande lichamen te hebben gevonden van 22 Servische burgers - inwoners van het gebied rond Klecka en mensen die door het UÇK waren ontvoerd uit auto's en bussen die waren aangehouden op de nabijgelegen weg tussen Priština en Pec. De burgers zijn volgens de Serviërs in koelen bloede door het UÇK geëxecuteerd, waarna de lichamen werden verbrand in een primitieve lemen oven. De Serviërs toonden gisteren buitenlandse journalisten de opgegraven botten van de slachtoffers. De Servische televisie toonde beelden van een verhoor van twee gevangengenomen Albanezen, die toegaven deel te hebben uitgemaakt van een vuurpeloton dat tien van de Serviërs had doodgeschoten en die de namen gaven van de twee UÇK-commandanten die opdracht zouden hebben gegeven tot de massa-executie. Een van de twee werd gisteren de buitenlandse journalisten getoond. Hij zei dat zich onder de 22 geëxecuteerde Serviërs twee kinderen van acht en elf jaar oud bevonden, en drie vrouwen tussen 28 en 32 jaar oud.

Vorige week maakten de Servische autoriteiten melding van een groot aantal ontvoeringen van Servische inwoners van dorpen in en rond Dulje, tien kilometer van Klecka. Sinds enige tijd wordt ook een Servische journalist vermist. Vermoed wordt dat hij ook door het UÇK is ontvoerd.

In Priština kwamen gisteren dertien Albanese burgers aan die gewond zijn geraakt toen Servische politietroepen het vuur openden op een tentenkamp van vluchtelingen in de buurt van het dorp Senik. Volgens de VN-hulporganisatie UNHCR kwamen bij het bombardement waarschijnlijk zeventien gevluchte burgers om het leven en werden er 37 gewond. Hulpverleners telden acht lichamen van slachtoffers. Volgens de UNHCR en Westerse diplomaten ontvluchtten de Albanezen Senik toen Servische tanks naar het dorp reden. Ze trokken de heuvels in en sloegen daar een primitief tentenkamp op. Dat tentenkamp werd zowel donderdag als vrijdag door de Servische artillerie beschoten. “De Servische infanterie stak de tenten daarna met fosforgranaten in brand en schoot op alles wat er daarna nog was. Tractoren, auto's, matrassen, kleren, alles was vernield. Het was zelfs naar de standaarden van Kosovo extreem”, zei een diplomaat na een bezoek aan het kamp. (Reuters, AP)